het moment (34)

het, ondergetekende, is patiënt, de dragende. zijn liefde is verlaten huis, zijn daden ziektebeeld. elk antwoord is een vraag naar verder onderzoek, de woorden zijn slechts symptomen, maar ook de ware toedracht is en was nooit echt.

het wordt beladen met gebrek dat het niet kende, vermeend gemis dat in elk denken talig sluimert. dode slang, bargoens gesis in de ochtend, gepofte eieren des middags, ’s avonds het wriemelen, de vervelling van de dromen, de vette grijns van de verveling.

het raakt zijn huid niet aan, het zou niet durven. iedereen heeft recht op compensatie, maar het is dermate krom. het sluit. de bunkers jij en ik gaan dicht. er is een volle maan, de zee beukt stevig door, een uil vliegt roepend over maar de wereld luistert niet. het

daveren tussen hen wordt nieuwe grens die overschreden is. het laken wordt woestijn, de zon brandt door hen door. de zoon die zij verlangden kwam te laat, alles is voorgoed vergaan.

invoertekst (2015)


over ‘HET MOMENT

deze tekst is uitvoer van het programma ‘HET MOMENT‘.

‘HET MOMENT’ vervolgt ‘LAIS’, een dizain-programma met de Délie van Maurice Scève als voorname invoer, met haar prequel ‘HET’.
samen vormt het drieluik van programma’s een lyrische fictionaliseringscluster, een literair verwordingsproces met een dunne semi-autobiografische verhaallijn en uitgewerkt met virale tekstuele en grafische invoer. een proces dat zichzelf ook recursief gaat herprogrammeren. de auteur is hierbij louter katalysator van de zelfontbranding, asse bij het klare klontje suiker.

de auteursfunctie staat een systematische ver-het-ting van het ‘ik’, van het zelf toe als literaire functie binnen het schrijfproces: het ik wordt een het middels herhaalde doodsbewegingen, afstervingen, verzwijgingen, volgehouden leugens en autodestructieve verheerlijkingen van een onbereikbare geliefde, de fictie van een ander. want elk zijn van het ik verhindert dat het kan gebeuren.

deze weg naar het het-moment, de verwording tot een onzijdige agens wordt ook ideologisch onderschreven vanuit de Neo-Kathedraalse dogmatiek als enig mogelijke sanering van de fallocentrische ‘traditie’ van de literatuur.
de literatuur kan enkel voortbestaan als permanente zelf-moord, transgressie van de ik-cultuur, de opengesperde en gespalkte vreetmuil van het zwarte beest van de consumptiemaatschappij.

de literatuur wordt als non-literatuur de eindoplossing voor uw consumptiestress. deze gedroomde oplossing, evenwel, begint als een walgelijk efficiënte nachtmerrie.

de invoer van ‘HET MOMENT’-programma is een genummerde serie teksten getiteld ‘moment‘ van 2015-2016 die nu door de methodes van het Gedicht van de Dag-programma wordt herwerkt.