Categorieën
Grafiek Het Pad lyriek

helena

“That’s all right,  I still have my guitar”


Jimi Hendrix @ the Ilse of Wight

[zanger Izeganz na het voleinden van het lied ‘Purple Haze’ .
een zwarte engel staat naast hem als wou die hem een interview afnemen. ettelijke meiden liggen halfnaakt voor hen op de planken vloer van het immense podium in zwijm.
slechts door heel gaarne te willen kijken zie je in de verte de talloze uitzinnige toeschouwers.
je vraagt je af waarom…]

“Het zal u leren”, begint Izeganz,

“U is ten hemel, geen maren, gifgroen
de strijk is gedaan, de mand manwas
opgeplooid in verdomhoek het duister,

de sommen angst en pijn zijn verdeeld, u hebt
de zijde met het zilver, de afvallige
kerselaarsbloesem kust u teder de voeten.

uw voeten, Helena, waren ook mij de
napalmbestrooide moederschepen,
uw haren de duinkerkse kruisjesvelden,

en hoe

standbeeldstijf gij heden in uw waanzin rust,

zo

hebben roomse keizers het keelsnijden
nog van u te leren en geen grootse griek

doet u de planning na die u de dag inpropt,
noch een provençaal het frunniken aan lied
en dauw opdat het in uw vingers ontrafelen zou

tot water, voedzame noten en de kruipende
schaduw van dit tot kerm en stervens toe
verbeten leven. Wormen, wijk en maak diepte!

vreet mij op geheel opdat ik weer opnieuw begin.

[Izeganz sterft.
de zwarte engel keert zich af en weent]

inputtekst (2010)

dv 2019 – “de vaardigheid verbaast de hand en wrijft” -ink pastel – A4
Categorieën
gedicht van de dag Grafiek Het Pad velfabet

addenda voor ‘Het Pad van de Wenende Nacht’ (1)

[SCENE: de eerste dood van Izeganz
personages:
– Izeganz, illuster zanger die minstens 1 keer per dag sterft
– Reva, een schone furie, zijn onbereikbare geliefde
– Mijnheer T., een anonieme verteller]

[een plank op de grond, een tang, een hamer & een roestige nagel. de verteller wil er niets mee te maken hebben en sluipt weg op kousenvoeten]

REVA: 

[roept woedend de verteller na] ” Moet ik het weer allemaal zelf doen ja?

(richt zich tot het publiek)
mensen,  voor mij staat Izeganz 
met een bloedend gat in zijn hand, bevend.
wanneer hij begint te spreken verstillen zelfs de kraaien buiten. 
in de kamer verdwijnt elke beweging, 
                                    we zijn Er 
                                                      en de stilstaande as 
van de tijd biedt enkel plaats voor de klank van zijn stem."

IZEGANZ:

“ik sta zot van u Maaike, gij zijt 
een groot zwart gat in het oneindige veld
van mijn gedachten, gij sleurt mij
de letters als vislijnen uit de mond,
de weerhaken verscheuren mijn slokdarm, 
ik braak lieftallig bloedende troetelnaampjes
uit de drek mijn dromen,
ik wil ze niet zeggen, niet zo besmeurd, 
maar ze rommelen
                       en bruisen geil
                       en botsen met weerzin in mij
want mijn maag niet mijn keel niet mijn tong niet
niets van mij is hun tintelende klinken waard
en ze moeten eruit en zij zingen want gij zijt zo schoon Maaike
uw lijf is het licht van een lamp en
ik vlieg naar u als een zwerm motten
want in uw schoot worden de sterren geboren
in uw ogen versmelten het wit van de maan met het rood van de zon
en in dat kolken slijmt ook zelfs de harde korrel
van mijn ziel tot een groenige parel aan en zie mij hier:

verworden tot een veelarmige krab met het vlees als een  giftige worm in de kilte van mijn schalen en  ik scharrel maar wat rond op de bodem van stinkende putten ik schuifel ik tjaffel ik val om van verdriet en colère

en  het deksel van de put wordt gelicht 
en ik besef het
en de zee van uw liefde overspoelt mij
en vol dankbaarheid roep ik uw naam Maaike
Maaike Maaika Michaela Maria
en in uw licht word ik licht
en...”

[Izeganz flikkert op in een solferflits, een zwarte rookpluim rest]

REVA: 
(plechtig tot de rookpluim)
"uw getal kere weer naar de rust van de onbenoemde getallen.

[tot het publiek]
dat was dat.  de vele papieren van zijn geschriften besmeur ik met honing ’s ochtends met honing en ’s avonds eet ik ze op, zonder haast maar gestaag want elke maand is er een nieuwe.

de rij stervende Izeganzen is eindeloos maar ik hou het vol door enkel aan de volgende te denken, te genieten al van het opspringende hart bij de herkenning, de vreugde die als een bliksem zal oplichten  in de eindeloze nacht van hun wanhopige ogen…
[kijkt om alsof ze iemand iets hoort zeggen]

(kwaad) ja, iemand moet er voor de kinderen zorgen, toch?"


dv 2018 – “inept for writing – l” – ink/bister – A4
Categorieën
archiefdoos gedicht van de dag Grafiek Het Pad lyriek woordenpers

Izeganz tot zijn harpijen

[SCENE: Zanger Izeganz, die op het einde van elk VLAK op Het Pad van de Wenende Nacht een pijnlijke dood moet sterven om ongenadig in het volgende weer te verrijzen, richt zich op het einde van VLAK 16 tot de Harpijen, een bende nijdige oude eksterwijven die zich aan de rand van het bos schuilhouden en wachten tot de Nacht valt om de zanger te bestormen en zich te goed te doen aan de rottende resten van zijn vlees en vooral ook aan het Slijm van zijn Ongewenste Lyriek (SOL) die hem bij het sterven rijkelijk uit de poriën gutst.

Met die SOL wrijven zij immers medaillons met oude foto’s van henzelf in waardoor zij hun vergane schoonheid kunnen herwinnen en ietwat tijdsbestendig  bewaren.)

IZEGANZ:

Ik sterf en duizend wijven springen op mijn lijk.
Eentje rukt het lauwe hart en kauwt op aders.
Eentje snijdt de vingers af en speelt klein duimpje.
Eentje scheurt het lid en zegt oops floep.

De wereld is vol daagse liefde voor de dwaze kloten
die blijven streven in hun strakke dienstverband.
Dit levend lijk wordt ’s nachts met lood begoten
alliage die mijn rotten voor uw beeltenis wil kooien.

Zeker is de ondood is mij een welgekomen stasis
want uw goesting heeft genoeg in mij gewoeld.
Uw modewoorden zouden mij alsnog doen braken
maar ik heb in dagen al geen honger meer gehad.

Zing maar, mormels, brul het luid de venters aan
hoe gij genekte dichters alsnog poëzij laat kelen.
Hoe groot gij zijt en in getale groter nog, hoe snel
hoe glad, hoe dodelijk gij uw slijm wel halen kunt.

Straks wacht u  in uw  pracht het ijselijk gelijk
waarin mijn adem niet uw stilstand nog zal zoenen.
Straks bind ik  al mijn wormenwoorden aan de zon
en brand ik alles op tot licht waarin ook gij verdwijnt.

IZEGANZ sterft.
Vogelgekrijs en pikgeluiden in het volslagen duister.

DE WENENDE NACHT:

Met miljoenen zijn ze: zonder zon ziet mij geeneen!

[weent]

 


 

 

 

lekstoktongen
dv 2008 – “lekstoktongen / gwarth” – 2x A5

Categorieën
gedicht van de dag Grafiek Het Pad lyriek woordenpers

VLAK 14

eilandvlak
dv2017 – “lelies” – pastel/inkt/waterverf – 21×18 cm

[Zanger Izeganz & twee Ingezetenen van het Salon]

Izeganz klopt zich het kunstroet van de loden jas.

De handen zijn hem opgezwollen met de zweren van beteugeling.
Hij stinkt: de zon zelf zou zich blauw in het roestige donker willen splijten
om hem uit de weg te kunnen gaan, en uit zijn sliertige haren gutst een
zure spray van schilferig bestipte dauw die dwars door elke hel kon branden.

  • Zijn aanblik baart het onbedachte in het weke van uw brein
  • Zijn bewegingen plonzen door het web van de gekende werkwoorden
  • Zijn stem valt woorden af, zij zet geen zinnen in of aan

Maar het vuur dat in zijn zingen huist, schroeit, bezweert alsnog de bezwaren:
het bloeden van de kreten stelpt, de vogeltaal verstaald, de straten zullen sidderen.
Zich preparerend met een zucht voor sterfscene nr 14, versie 3.1, take 2
richt hij zich tot wat er nog rest van de Ingezetenen
en zich richtende spreekt hij en

  • bij het gebonk en het geraas van de splijtende toon- en trekbanken
  • bij het kreunen der krukassen onder het instuikende verhaal
  • bij het gieren der sirenes en het afschrikwekkende gebrul der hongerige horden
  • bij de stervensweeën woelend in de opstoffende droogvlakte
  • in de natuurwinkel te midden het bonte kluwen van het botergeile kapitaal

orakelt hij als volgt:

“en de duisternis zal duisternis uitademen
en het licht zal uit de gezichten vallen
in de duisternis van het reeds
volledig uitgevallen licht

en de tijd stokt en stroopt zich de minuten op
tot een verduurde ring van uren

en de tranen stelpen in de oogleden en
met dikke brokken zilt glazuur
bedekken de tranen de tranen,
bedekken de tranen de ogen,
dekken de tranen
de gezichten
toe.

en in het zwart schiet een schicht
zwart dieper het zwart in.

en jouw lippen met mijn lippen roer ik je de lippen om.
en jouw handen in mijn handen neem ik je de handen aan.
en jouw tong vertel ik met mijn tong dat onze tongen tongen raken:
hoe wij al lichaam waren lang vóór de aardse tijd begon;
hoe elke duisternis met licht begon;
hoe het licht de duisternis bezong;
hoe het licht zich tot de duisternis verschoonde
en het leven als ware het niets
met de schaduw van het al
beloonde.

en de krijsende kreeften van je angsten
hak en sleep en sleur ik uit jouw lijf:

ik hak en ik hak en
ik hak een tijd uit voor het hakken
en ik hak een tijd uit in het uitgehakte hakken

het is een diepe schelp versteven in het donkerrood,
met naast de zotte polsslag van jouw krolse heden
een droeve nis voor al het nakende gemis”

 

1ste Ingezetene:

Sjonge, sjonge is er nog chips? het
heeft wel wat om het lijf allemaal…

2de Ingezetene:

Het ís een lijf, en het blinkt ook wel af en toe,
maar het zou wel ’s in de douche mogen,
en bovendien wat meer eten want je kan
welhaast de lucht doorzagen
met die kartels van ribben!

 

Uit : Het Pad van de Wenende Nacht, een Illegale Patch voor het Zangezi programma van Velimir Chlebnikov (1922)

Categorieën
archiefdoos gedicht van de dag Grafiek Het Pad lyriek woordenpers

kroning

Daphne-2008
dv 2008 – “Daphne” – potloodtekening – A5

KRONING

de kiemen komen uit het droge
land gekropen, de glazige korst barst
op de kerfnaden open, danig
waait het in op de mensen en de mensen
verhalen loefwaarts het verhaalde.

op hun donkere kilte kregelig het kutkind Aristaios
schoffelt het overtollige licht naar beneden –
enkel de toplaag mijn jongen, steek niet te diep .
De zonzak zeurt, niks nieuws daaronder.

Izeganz strompelt en botst
schouderschokkend in april
op de weergalm die hem als
in wonden in zijn woorden houdt:

ik red jou Reva mijn rillende raafje ik kroon jou
tot toorts der tijden, tot orchidee lik ik je
van binnenin uit het verzwegen gezegde.

ik hak jou glanstreden in zilveren stilte, mijn
vingers versnellen tot koortsige letters
op jouw slikkende diepte, het klatert
waar je denkt dat je bent en
je bent er nog

even en

altijd patrijzen, zegt ze, dichters
zijn schoften.


uit Het Pad van de Wenende Nacht -  Tienen 2019
Categorieën
archiefdoos gedicht van de dag Grafiek Het Pad lyriek woordenpers

vroeg, vergde

vogelvangst
dv 2008 – “vogelkot” – litho crayon op papier (boekje) –  dubbel A6

> Het Pad van de Wenende Nacht, een theatrale supersaga naar het  Zangezi-recept van V. Chlebnikov

VLAK 11 – sterfscene 451/3 – izeganz bekent zich marsyaans aan de muze

[…]

al het grove hebben we al:

wat hen uitstraalt bedekt mij
wat hen opjaagt & jent

het stroopt mij in en bedruipt mij
de walg staat in mijn holtes te stollen,
te lezen waarin ik snelde & vocht

waar ik gestremd al u nog zocht
waar zij de leegte rond de ontstemde letters van uw naam
bepotelen willen, er het licht uitpulken

mijn zoete restanten met hun rasptongen
tot glas slijpen, opglazen
tot het goudschijnt,
klaterplast,
sist

tot ze ook
in de gezichten die de hunne zijn
op aantoonbare wijze
hun namen bij de mijne met bloednagels
van nijd hebben staan krabben

al het roze al
al het bloeden

hebben we we hebben het

hier

hebben

en dan, daar

 

zijg neer in mijn borst
tel jezelf op tot een zwerm
vette kraaien, strijk neer en
haak je honderden bekken
in mijn bloedende klomp

 

waai mij in
weef mij spin mij in
met uw adem witheet
in het garen & van het
garen de windsels
wikkel mijn fophuid in balen

genummerd,
bestemmingsgeschikt,
conform de speerpunttechno-logica der cohorten,

in enkel voor ons dit eeuwige wijken
onhoudbaar het hunne

ach, uiteindelijk

[..]

schep mij uit, ontader mij en
stop uw hand in het stof
je kop in de stopverf

hou je pinkje ter stuiting
voor de raamspleten van het buiten
waarin de wind zijn waanzin giert
tussen de klembillen van binnen

steek je gebaren in een handschoen van taal
hou ver van je woordgeurige neus

die nare klankscherven dat snikken bv.
jouw helsblauwe withemelse zucht

in ons tentje heerste steevast luchtgebrek
wilde paarden draven waar wij hijgen
kom we vermaken het leed tot een klucht
zo verzon ik je het maanglazige zwijgen

 

[.]

hier

nu

balanceer het
taalstaal op het
koude tongpuntje
van bv. de schone van Li –

plof het mes schroevend
in mijn onbuigzaamheid

mijn stramme vers zal niet spartelen

prop je liefde valse liefde erbij
je meewaren en het schokken vooral
van je hulpeloos klaarkomende lijfje

draai het maar uit,  span mij op
in de takken van je haat:

ik ben jouw dode
wereldhuid

Categorieën
Het Pad lyriek

portaal 2.0

 

(Ziehier een pas ontdekte scène van Reva en Izeganz, de begenadigde en ietwat geschifte zanger die in Het Pad van de Wenende Nacht herhaaldelijk sterft & telkens weer herboren wordt. Dit  in een halsstarrige poging om de liefde van Reva te bereiken, een liefde die hij ziet & voelt & ondergaat, maar die hij niet kan beschrijven, zelfs niet in de reine taal van de Vogels. Alleen zo zal hij het Gehuil van de Nacht kunnen stoppen & kan het publiek, onder zijn verlicht despotisme, een ogenblik soelaas vinden in de Glorie van de Vrije Lyriek)

“Je vais te dire un grand secret J ái peur de toi”

Aragon, ELSA, poème, Gallimard Paris 1959, p.10

fireish

[het is avond onder een blote sterrenhemel. Reva en Izeganz liggen bij een knisperend kampvuur, drinken groene thee met rode bessenextracten, roken hash  & mijmeren, onder omstandige strelingen, zachtjes over hun Liefde. Links vooraan op de bühne, onzichtbaar voor Izeganz, staat het Bord der Telling, met een zevental kruisjes er op. Het gaat fout als Reva per ongeluk haar thee uitkiepert in het vuur…]

REVA: Water was het, helder water, klaterwater
Van een klare bron maar in de tongen van het vuur
Werd het vulgair lawaai. Reinheid is van korte duur.

IZEGANZ: De tijd, mijn lief, is producent van dwaas theater,
Leeg vertier, wirwar van seconden, elk zwevend uur
Vergaapt zich aan het naakte glijden van haar duur, niets
Van dat verduren reikt verder dan de grens van later,
Want verderop blijft niets van hier als hier bestaan.

Maar wij, wij komen trager, dieper in dit leven aan:
Als ik jou kus,  dan kus ik water, helder water,
Van een klare bron & door het schroeien van dit vuur
Ontsnappen wij, een witte wolk, aan dag & uur.

REVA: Mijn lief, ik zie nu plots… zeg niets…laat die twee woorden
Vallen in het stof van de stilte, zie hun omtrek daar
In een verbeeld heelal van letterloze oorden.

IZEGANZ: Ik faal, helaas, ik zie het duidelijk & klaar:
De dood is mij een meer vertrouwd & makkelijk gebaar
Dan in de liefde vrij te staan, los van de plaag van mijn taal.

mroeu woe meieu woo mraeu wioe,
kiheulij kihoela arezi mroeu:

prto mi no, i zimba do

MROEU WOE MEIEU WOE MRAEU WIOE,
KIHEULIJ KIHOELA AREZI MROEU:

PRTO MI NO, I ZIMBA DO

MROEU WOE …
(6x, van heel stil naar loeihard en dan fluisterend)

REVA (extatisch, zij heeft al lang geen oog of oor meer voor de zanger
die doorgaat , schuimbekkend, in de dode vogeltaal) :

Mijn lief, geloof die woorden, zie hoe leeg & diafaan
Zij worden bij het ruisen van de zeilen van de Tijd:
Zij zijn: een steen die ligt, een hart dat klopt, voortaan
Perfect gebeuren, volmaakt verloop & ideale vorm
In de stilstand van het nu tot in de eeuwigheid.
(masturberend)
Ah, woorden zonder zin zijn voor het Al portaal,
Neem dit lichaam, eet mij, drink mij & vertaal!

IZEGANZ:
Portaal? gij dwaze vrouw: dat Al mondt uit in in ’t zwarte Niets
Mijn sidderaal brak duizendmaal de lippen open,  vernielde
Van het zijn in jou de materiële wand & hoe ik ook knielde,
Smeekte, huilde, brulde & mijzelf geheel vergat:
nooit was ik daar, nooit was er licht, nooit zag ik iets.

Goden, steek mij toch de ogen opdat ik zou zien! Het woord
Is moord & lijk & wet & letters zijn voor elke klank de dood
Muziek, lyriek doet ons verlangen naar een beter oord
Maar zingend sterven wij van spijt & nijd & lust & nood.

[Izeganz grijpt een gloeiende pook uit het vuur, steekt die door zijn rechteroog, uit een ijselijke kreet & sterft. Reva komt klaar op het moment van zijn kreet.
Enige ogenblikken stilte. Reva staat op, stapt kalm naar voren  & zet een kruisje bij op het bord]

Categorieën
Anke Veld Het Pad Kathedraalse Leer KLEBNIKOV CARNAVAL lyriek RADIO KLEBNIKOV

u, een apocrief vlak van het Pad van de Wenende Nacht

Izeganz tot het Onderbergse

u, de oordelenden
jaloers, wrokkig, inhalig

u, die mij de Stem ontzegt
van alle grote lyrici in mij
opdat ik uw gebral
versterken zou, uw krijsende
smeekbede om uw dood, uw ontkenning
van het leven

dat uzelf halsstarrig aan uw kinderen ontzegt
omdat u verkrampt staat
in de illusoire strekking van uw ik
een lid van het niets, een gat op oneindig
zoals u het strenger, sterker door uw ouders is ontzegd
& uw ouders straffer nog door de hunne
& zo tot in de verste verte
van uw kapitaal verleden
de dode einder der dingen waar uw ogen
brandend begerig blijven op gericht
met uw ruggen, stijf van het fatsoen
onwrikbaar gericht naar het heden

u, de oordelenden
die elke andere van de uwen
de ban in wil van uw verlangen
& slechts uzelf in hen herkent
als hen iets ernstigs overkomt,
op welke tijdstippen u zich dan
verlustigen kan
in het stromen der tranen
naar uw tranendal, niet om hen
maar om uzelf in hen,
het overlevende, het overleven
van uw dood op hun leven.

u, de oordelenden
jaloers, wrokkig, inhalig

u, die mij de Stem ontzegt
van alle grote lyrici in mij
opdat ik uw gebral
versterken zou, uw krijsende
smeekbede om uw dood, uw ontkenning
van het leven

u, de veroordeelden.

Categorieën
Anke Veld Grafiek Het Pad KLEBNIKOV CARNAVAL Proza

maaike (1)

scuttletillyeburst

De eerste dood van Izeganz

Een plank op de grond, een tang, een hamer & een roestige nagel.

Izeganz staat voor mij met een bloedend gat in zijn hand, bevend,  maar wanneer hij begint te spreken verstillen zelfs  buiten de kraaien. Elke beweging verdwijnt, de stilstaande as van de tijd biedt enkel plaats voor de klank van zijn stem.

“ik sta zot van u Maaike, gij zijt een groot zwart gat in het oneindige veld van mijn gedachten, gij sleurt mij de letters als vislijnen uit de mond, de weerhaken scheuren mijn slokdarm, ik braak u de woorden uit de drek mijn dromen, ik wil ze niet zeggen maar ze broebelen & bruisen & botsen & ze moeten eruit want gij zijt zo schoon & uw lijf is het licht van een lampe & wij vliegen naar u als motten want in uw schoot worden de sterren geboren & versmelten het wit van de maan met het rood van de zon & in dat kolken slijmt ook de korrel van mijn ziel tot een groenige parel aan & aan & ik ben verworden tot een veelarmige krab met ne giftige worm in mijn schalen & ik scharrel maar wat rond op de bodem, ik schuifel & ik taffel & ik val om van verdriet & kolère & ik zie hoe het omhulsel verpulvert & uw zee overspoelt mij & ik krepeer”

Zijn lichaam verbrand ik,  de reine papieren van zijn geschriften besmeur ik met honing & ik eet ze op.  Een eerste getal keert weer naar de getallen.

&

Categorieën
Het Pad KLEBNIKOV CARNAVAL Lopende zaken lyriek

update

voor k.v., op haar verjaardag

Later als je dit tergende vergeten bent vergeten, later
als dit schraperige zwijgen uit het zwijgen is geschrapt,
& als je dit verkorven heden als een kever uit je haren
in de leegte onder af & dood zal willen slaan,‐

Later, als je in de openslaande gaten de gaten
in de gaten krijgt waarin ik mij tot stof ontviel
& hoe ik in je hand je hand als hand kwam leggen
die het ware kloppen voelde telkens van mijn ziel,‐

Later, als het kale knikken van je ik je elke veer
ontzegd heeft & in de rafels van het rafelende gat &
je lijf je rafelige denken uit die warboel redden wil:
het gapen in van de afgrijselijke gang naar de dood,‐

Dan schiet ik plots weer alle hoeken van de wereldzeeën door,
dan stijgt vierkantig hoog de volle maan in zonverwezen glans,
dan zing ik ver & diep & hoor je ‘t zachte lied van later dan,
als je mijn vergeten bent vergeten & elke ongedane woordendans
daarin, daarrond, daar godvergeten om & onomkeerbaar van.

Van later was ik toen de maker, ontbonden nu, uw zanger  &  je man.

dv, kessel-lo,  2008 / 09-08-2009

Categorieën
Het Pad KLEBNIKOV CARNAVAL lyriek

addiction to vlak 19

o ogenherder, gij, o schittering. verbijstering. je sirenen
nemen zang van deze al te platte aarde op. iets afspelen
is overbodig: onzin, want de opname verschrompelt

meteen. het einde wacht op eendere einders: jij. een set
bloederige keukenmessen. je hoort je zon & denkt dan
zonde, versmacht het ruisen vliegensvlug in vuilniszakken.

beschadigd ben ik & plastic wappert het plastic, hond zegt
de hond. mijn kinderen fluisteren niet eens mijn kinderen, ze
haten de adem die jouw lippen dwongen vrucht te worden.

schade.

het bruin kruipt dieper  in de strepen bruin, je snuift
gedonder onderaan het ondergaan van zon. solfer,
& de jaarringen jammeren  dat men dat ene jaar te karig

heeft omringd. ik vervloek de leesbaarheid van rupsenplagen,
want op de vlinders kon geen boom nog wachten. de keuze.
verdelging heeft wat mooiers dan extinctie. & slaafs in dit nu
ga je de banden af, verheffing van je wielen in moeras.

onmacht schittert in mijn onmacht.

mijn kracht verdraait er in,  losse riemen rond een wals. dat
pletten heeft wel iets. schaamte overkomt ons niet, je leeft & beeft
erin. al mijn liefde wordt in goddelijke  wet ontsloten. het rot
zinkt in mijn woord, de asse in de kelen,  het dorre van het droeve

priemt erdoor.  ik heb nog bot, & enigszins beweging, maar heel dit lijf
hangt bij je doodse klanken waaiende  op stok. je kerft mij dieper
door & af & uit dan ik mij dromen kon. de steunmuur scheurt, er
zitten barsten in de beren & de stad vervaagt in stille winden. stank

schuift over daken, sneeuwen wil het wel maar niet in hemelvrij
geslaak. de zuchten rotten immers  in je krocht, je zet er dompers op
maar  zelfs de lucht wordt elke vorm van vuur te zwaar. doof. blind

is de nacht voor het zwart in de nacht terwijl gewoon je licht ontbreekt.

ach, ogenherder, izeganz, neem toch die blikken weg. het hondse
in haar ziel verkast mij wel. zet het nieuws maar op, daarin
verdwijn ik wel, vervloei je  letters tot een zwemerige etter,
je zelf, het openbarsten van een eeuwenoud gezwel. ik vertel.

rev.  25/06/2009

Categorieën
Het Pad KLEBNIKOV CARNAVAL lyriek

MOND

mond

dv,  10/06/09 @ 1u10,   ‘mond’ – eerste staat
pastelpotlood, potlood & balpen
uit het klebnikreukelboekje

MOND

Myrthetelgen …, Der welcker bloeysel smett’ met reuck aen allen enden. Den asem van de lucht,
HOOFT, Ged. 1, 115

u bent het volk in de hel van K.
u bent de ziel van de opgeschorde L.
uw klinkers deren niet, er is geen mij.

jij droomt je vallende een schreeuw. A.
spreeuwen storten zich op kersenbomen. N.
de kirsch zeikt uit je mond. jij smet. K.
jij klampt je aan verschroeide takken. E.

uit  het bloesemen zinkt je dag met mij vergaan. N.

dv, kessel-lo 10/06/09 22:28
rev. 12/06/09 17:39

Categorieën
Het Pad KLEBNIKOV CARNAVAL Vertalingen - Bewerkingen

Aan U Allen

wraak. het woord bestaat.
mijn tranen zijn klaar.
de sneeuwstorm warrelt,
geesten zonder klank
ik ben met gaten vol doorboord
de  speren van de geestelijke honger
doorstoken door hongerige speermonden.

Uw honger heeft honger hij dorst
naar de stoofpot van een smakelijke pest
hij bietst om eten, in het diep van een schooierzak

En dan stort ik in, zoals Kuchum
op de speren van Yermak.

Om de honger van speren te stillen
dien ik mijn geschriften te vermoorden.

Ach g*d, daar kan ik dan de  paarlen vinden van hen die ik beminde
in het krijsen van het viswijf op de straat!

Waarom toch liet ik mij die bundeling ontgaan?
Waarom was ik zo opzettelijk stupied?
Niet enkel wangedrag  van bibberende boerenjongens
die mijn boeken op de stapel brandden-
overal bijltjes en aksen
en de tere lijfjes van mijn gedichten.

Alles wat deze drie jaar ons gegeven heeft,
gedichten, hoop en al een honderdtal
een cirkel gezichten u allen vertrouwd-
waarheen je ook kijkt druipen lichamen van tsarinnen,
overal Uglich, die godverlaten lelijkheid!

Velimir Klebnikov- 1922

(vrij vertaald naar de vertaling van Paul Schmidt)

Categorieën
Het Pad Lopende zaken lyriek

n.a.v. de vele rottende pegasuskadavers op het Pad

Izeganz tot zijn harpijen

Ik sterf & duizend wijven springen op mijn lijk.
Eentje rukt het lauwe hart & kauwt op aders.
Eentje snijdt de vingers af & speelt klein duimpje.
Eentje scheurt het lid & zegt oops floep.

De wereld is vol daagse liefde voor de dwaze kloten
die blijven streven naar  uw strakke dienstverband.
Dit levend lijk wordt ’s nachts met koper in & om begoten
gloeidraad die mijn rotten tot uw beeltenis verbrandt.

Deze ondood is mij nu een welgekomen stasis
na het woelen van uw goesting door mijn hart.
Uw modewoorden zouden mij alsnog doen braken
maar ik heb in dagen al geen honger meer gehad.

Zingt maar mormels, brult het aan de straten aan
van hoe goed gij de genekte dichters kelen kunt.
Hoe groot gij zijt & in getale groter nog, hoe snel
& glad &  dodelijk gij uw gelijk wel halen kunt.

Straks wacht u  in uw  pracht het stille, kille staan
waarin mijn adem niet uw adem nog zal zoenen. Straks
bind ik met mijn  wormen al de woorden aan de zon
& brand ik op tot licht waarin ook uw verdoemenis begon.

Categorieën
Het Pad Kathedraalse Leer

Stemcel, Zang en Draagvlak van de Vrije Lyriek

Een vrije lyricus gaat – misschien, soms & als het Ware – te werk als een muzikant van oosterse inslag.

Voor de oosterse muzikant is de kosmos één geweldige dreun waarbinnen de auctoriële monade een zo intens mogelijke stilte creëert. Die stilte is  nooit absoluut, verre van, het is steeds een oscillatie rond een immer afwezig nulpunt, de periodieke afloop van een non-lineair proces.

Hoe eenvoudiger de oscillatie, hoe sterker de Stemcel. De Stemcel van de Vrije Lyriek is als het Ware het virion, het enkelvoudig viruspartikel ervan.

Stemcel van de Vrije Lyriek in ongemarkeerde staat bij ons thuis op de kast
Stemcel van de Vrije Lyriek in
ongemarkeerde staat bij ons thuis op de kast

In de Stemcel oscilleert het (lineaire) DNA van de Stem: een louter kwantitatief gegeven, de periodieke aftelling naar het Niets van het Er.

Het benaderen van de (innerlijke) Stem vergt vele jaren oefening.

Vanuit die oscillatie wordt tijdens de virale burst een zich opwaarts slingerende melodie opgebouwd, een levende ritmiek op basis van  de ritournelle rond het Niets.

We spreken op dat ogenblik (de virale uitstorting) van de Stemaanhef.
De Stemaanhef is niet zoals in de westerse muziek een doorbreking van de stilte door een singulier gegeven, maar een explosie ervan die in feite een (gemuteerde) recursie is van de kosmische dreun zelf.

De Stemaanhef gaat in toenemende complexiteit over in de Zang.

De Zang creëert op haar beurt via een afvalverwerkingsproces het Draagvlak van de Vrije Lyriek. Elk Draagvlak is dus een procedurale staat, zij kan zich soms uitkristalliseren in een poëtische/lyrische structuur maar elke structuur is secundair aan het temporele gebeuren. Uiteraard is de aangenomen tegenstelling plaats-tijd op haar beurt slechts een humaan-noodzakelijke fictie, vereist om dit betoog in stand te houden gedurende haar looptijd. Elk betoog zal steeds een zekere rek behouden, een zekere onsamenhangendheid. Gemakshalve duiden we deze onsamenhangendheid met de term Tijdsrek.

Op dit ogenblik is enkel het  Draagvlak programmatorisch wegschrijfbaar en benaderbaar. Ik verwijs naar de Vlakken in Het Pad van de Wenende Nacht. U merkt het ook daar: de vereiste poëtische programma’s bevinden zich ook nog maar in een pre-alfa staat, het zijn slechts schetsen, al dan niet werkbare  mock-ups van de beoogde programmatuur, die vaak in (schijnbaar) geen enkel opzicht verschillen van klassieke poëtische code.

Categorieën
Het Pad KLEBNIKOV CARNAVAL Links - publicaties Lopende zaken

ZAUMACHINE door Marko Niemi

Stilaan beginnen we toch aan het archief van het KLEBNIKOV CARNAVAL 2008. Bij Grapes of Art kan je al een beknopt verslag lezen.

Eén van de inzendingen die door de omstandigheden van de tentoonstelling op het KLEBNIKOV CARNAVAL nauwelijks aan bod kwamen, was de ongelooflijk mooie ZAUMACHINE van tovenaar Marko Niemi.

Dit werk, een animatie geheel gegenereerd door javascript, neemt brokken tekst uit mijn ‘Pad van de Wenende Nacht’ en transformeert die op heerlijk-vervreemdende wijze tot non-nederlands in diverse geanimeerde typografische opmaak. Telkens nieuw, je kan er uren naar blijven kijken.

Een simpel maar loepzuiver werk, ik vind het absoluut geweldig.
Bedankt Marko!

Categorieën
Het Pad KLEBNIKOV CARNAVAL lyriek

Lettermanifest door Natalia

Natalia, een deelneemster uit Moskou aan het VIA werkkamp voor jongeren op De Bereklauw, leest het Lettermanifest van Het Pad van de Wenende Nacht, enkele dagen voor de start van het Carnaval.

Natalia kent nauwelijks Nederlands en worstelt zich door mijn tekst zoals ik Chlebnikov zou voordragen, mocht ik het Cyrillische schrift al machtig zijn (tja, alles op z’n tijd…).

[youtube=http://www.youtube.com/v/0BBN59CBTmU]

LETTERMANIFEST

A    ambieert het zijdelingse tijdruisen tijdens de dissolutie van het ik
B    beoogt het sterbezaaide oponthoud in de dissolutie van het ik
C    wil de stilte ’sans cesse’ bij het verzwijgen van de dissolutie van het ik (voortaan verzwegen)
D    zoekt het Wicht in de Noodweerbalans, haar stromen, haar zandzakjes
E    poneert de lichtgrens analoog aan de boomgrens (houthakkersmentaliteit)
F    zucht om de kwetsbare stemspleet
G   aanbidt de verwantschap ten einde als het Ware te verschijnen
H   omcirkelt de fazen instantiatie – distantiatie – kwantificatie -(dis)kwalificatie
I    is het in van de letters, het uitloze van de cijfers
J    plakt de schaduwen rondom de schaduwen rondom de schaduw van de leegte
K   verwezenlijkt de perverture van haar schoonheid daarin
L   belichaamt het openbloeien der lusten van groen tot purper tussen de beddelakens
M   herhaalt het zilveren dijglijden in, uit, waar of hoe dan ook, van de onbetamelijke begeerte
N   verbeeldt de druipende essentie van horror in de donkerste put van uw dromen
O   omzeilt de bleekheid van het zich generende vlees in de lagen velours gewikkeld
P   beslaat het geheugen van een eiland dat  een eiland in het geheugen is, de palmboom ziet al schepen voor het strand getekend is
R   ratelt de tijdsrek die wij stervende verwekken
S   sommeert de troost, altijd verschralend bij het aanbreken van de woordendageraad, van de innige liefde
T     gebiedt te genieten van elke zonsondergang zoals wij ook genieten van uw ondergang
U    zuigt als een attractor de zoekende stem aan van het gebed in het untsoweiter
V    vervelt als een slang met de nieuwste bevelen uit  het untsoweiter
W   verwenst de onafwendbaarheden, snerpend & zuur als ware het vol van Tiens citriet, in het untsoweiter
Z    bepaalt de prijs van het untsoweiter

Categorieën
Grapes of Art Het Pad KLEBNIKOV CARNAVAL Lopende zaken

Programma zaterdag 23/08

OPTREDENS op het KLEBNIKOV CARNAVAL op zaterdag 23/08/2008

Didi de Paris, Lucas Hüsgen, Han van der Vegt, dv, TOX!, Yerna Van Den Driessche, Brahmaanse Inlichtingendienst, Lexicon Valley, Grapes of Art

Reva (Vlak 18) op de KC-Expo
Reva (Vlak 18) op de KC-Expo

12u:  Het Pad Van De Wenende Nacht – VLAK 15 (dv)
14u:  Het Pad Van De Wenende Nacht – VLAK 16- 17 (dv)
15u – 15u30: email-opera wHen we was strange birds door de Brahmaanse Inlichtingen Dienst
16u15 -17u00: Lexicon Valley
17u25: Het Pad Van De Wenende Nacht – VLAK 18 (dv-id)
17u30:
Lucas Hüsgen en/of Han van der Vegt
18u00:
Yerna Van Den Driessche
18u30:
Lucas Hüsgen en/of Han van der Vegt
19u00: Het Pad Van De Wenende Nacht – VLAK19 (dv)
19u15:
Didi De Paris – LAST POST FÜR VALERIE CHLEBNIKOV
19u20: Lucas Hüsgen en/of Han van der Vegt
20u00: Brahmaanse Inlichtingendienst
20u30:
TOX! (Tine Moniek, Olaf Risee& Xavier Roelens)

Afsluitend op Zondag 24/08/2008 van 12u tot 19 u

Oneigenlijk Gebruik van het Wiel (Vlak 15) op de KC-Expo
Oneigenlijk Gebruik van het Wiel (Vlak 15) op de KC-Expo

  • Openbare Veiling der Onverkoopbaar Gedachte Goederen
    (onder meer de twee werken op de foto’s worden g
    eveild)
  • Literaire picnic met Herlinda Vekemans, Alain Delmotte, Grapes of Art en Dirk Vekemans (plus gebeurlijke restanten van andere lyrici)

Het KLEBNIKOV CARNAVAL is een uniek deelnemersfestival voor vrije lyriek dat plaatsvindt van 17/08 t.e.m 24/08/2008 op de Evenementenweide van het Provinciaal Domein in Kessel-Lo.

De rijkelijk gevulde tentoonstelling biedt o.m. werk van Helen White, Johannes Gutenberg, Arnout Camerlinckx, Ilse Derden, David-Baptiste Chirot, Jaan Patterson, Marko Niemi, Jan Pollet en SAGE.

Alles is gratis en er is kinderanimatie voorzien.

contact: dirk vekemans op  0476 494818
(mailen helpt niet wegens offline tot maandag)

Categorieën
Grapes of Art Het Pad KLEBNIKOV CARNAVAL Lopende zaken

Klaar voor Lyrisch Weekend!

Alles klaar voor het weekend!
Alles klaar voor het weekend!

Na een behoorlijke portie tegenslag zijn we er toch in geslaagd alles in gereedheid te brengen voor het weekeinde.

Morgen treden naast ‘vaste waarden’ Didi de Paris en uw dienaar ook Herlinda Vekemans en Alain Delmotte op. Peter Holvoet-Hanssen moet forfait geven wegens ziekte, maar we konden alsnog Elvis Peeters strikken voor een duozitje met Didi de Paris, morgen van 19u45 tot 20u30!

Verder is er grime met Heidi en komen Moabi, Michael en Yvan ons vermaken met een muzikale mimevoorstelling geinspireerd op het bekende lach-gedicht van Chlebnikov,

De rijkelijk gevulde tentoonsteeling biedt o.m. werk van Helen White, Johannes Gutenberg, Arnout Camerlinckx, Ilse Derden, David-Baptiste Chirot, Jaan Patterson, Marko Niemi, Jan Pollet en SAGE.

Het KLEBNIKOV CARNAVAl loopt nog tot en met zondag 24/08/2008 op de evenementenweide in Kessel-Lo. Alles is gratis en u wordt verzocht eigen proviand mee te brengen.

Categorieën
Het Pad KLEBNIKOV CARNAVAL Lopende zaken

Het Pad van de Wenende Nacht – deel 2

[youtube=http://www.youtube.com/v/-YEB68z3H-o]

Categorieën
Het Pad KLEBNIKOV CARNAVAL Video

Het Pad van de Wenende Nacht – deel 1

[youtube=http://www.youtube.com/watch?v=KR4wdb3pXJU]

maandag 18/08 – vanop het Klebnikov Carnaval

(wasspelden en geluidsinstallatie hebben we ondertussen)

alle info: dv op 0476 494818

Categorieën
Het Pad KLEBNIKOV CARNAVAL

uit de weg gij

Enige inspiratie bewoog zijn hand;
hij wenkte naar de Heilige Maagd:

‘gij & zij, gij  zijt zusters, gij ,
daar heb ik nooit aan getwijfeld, ga
maar samen daar’, zei hij , ‘ik ken
geen plaats voor gij of gij onder
het volk van deze wereld.

waterbruid sterrebruid
ga hand in hand & stroom
zoals een rivier door de netten
stroomt of weeg het web van
de constellaties af als een
reusachtig rozet in de ellende
van de grote kathedraal.

Ge zijt  gedoemd gij
om wit in het wit te verdwalen
als goddelijke golfslag in de dagelijkse
feiten, in de witte kerk of zwart in het zwart
van de donkere stal,

om te leven als bedelaars in de schaduw
van de hekkens, om vreemden te zijn
in lompen en vuil, om de golven te klieven
op jacht naar aardse geneugtes
& een nest van infecties te zijn

gloeiend in de godheid van uw ogen

om te slapen op de grond op strobalen
onder de blinkende hand van de nacht,
in berkenspelonken & tranenvalleien
of in een huis vol bittere zuchten

Weet: ge zult ballingen zijn overal.
Een  bitter  noodlot wacht u op, altijd
zult gij moeten horen: “Uit de weg, gij,

uit de weg alstublieft.”‘

fragment uit
“De Dichter” van Velimir Chlebnikov (1919/1921)
botweg uit het Engels vertaald

Categorieën
Grafiek Het Pad

Grafische Vlakuitvoeringen

Vlak 5 van \
Minimale uitvoering
van Vlak 5 van het
Het Pad van de Wenende Nacht

in Marie’s Water Colours op papier (A4 formaat)

Nogmaals een voorbeeld van een uitvoering van de broncode van een Vlak van het Pad.

Mijn in hoge mate idiosyncratische leesmachine ( deze keer gebruikte ik mijn amateur-aquarel apparaat, een schilderkunstige vergroeing waar meestal nogal ‘vlakke’ afbeeldingen uitkomen) gaf het bovenstaande als output.

U ziet dat het niet altijd uitgebreide of arbeids-intensieve ‘lezingen’ moeten zijn, je kan met je machinerie echt wel alle kanten op. Zoals het hoort met degelijke OS-onafhankelijke code!

Voor uw uitvoeringen van Vlakken in grafische vorm pogen we tijdens het KLEBNIKOV CARNAVAL een tentoonstellingsruimte hier in Kessel-Lo te vinden, plus zorgen we natuurlijk ook voor een overzicht van alles wat inscanbaar of fotografeerbaar is op internet.

Scans of foto’s van uw werk stuurt u vóór afloop van het KLEBNIKOV CARNAVAL met vermelding van uw naam, uw woonplaats en het desbetreffende Vlaknummer naar dv@vilt.net.

Tenzij u dat anders vermeldt, verschijnt op de tentoonstellingswebsite alles onder Creative Commons Licentie by-nc-sa 3.0

Werken ( mail-art bijvoorbeeld ) die u tijdens het KLEBNIKOV CARNAVAL fysiek in de tentoonstellingsruimte wenst opgenomen te zien, kan u vanaf heden al opsturen naar

KLEBNIKOV CARNAVAL
Elfnovemberlaan 52
B-3010 Kessel-Lo
België

Het is natuurlijk veel plezanter als u uw spullen net voor de opening of zelfs nog tijdens het KLEBNIKOV CARNAVAL persoonlijk kan komen brengen. U kan ons dan in levende lijve toelichten omtrent uw werkwijze & ervaringen en meteen meegenieten van de rest van het gebeuren.

Geld is er niet, maar we zullen niet nalaten pogingen te ondernemen om enige media-aandacht te genereren, en ik ben zinnens om nadien een selectie van het tentoongestelde werk gemaakt door een team van deskundigen via ViLT in een POD uitgave te laten verschijnen. Het is niet uitgesloten dat u daar plots wereldberoemd mee wordt, & dan hebt u de poen maar voor het oprapen. Wie weet ( wie zal het zeggen – de banken worden kunstafvalgeiler met de dag) vind ik nog wel ergens centen om vooraf een cataloog te laten drukken.

Het KLEBNIKOV CARNAVAL vindt voor het eerst plaats in Kessel-Lo, België en via internet in augustus of september 2008, ik hoop u tegen het einde van de week uitsluitsel te kunnen geven over de juiste periode.
Tijdens het
KLEBNIKOV CARNAVAL proberen we naast aandacht te geven aan het werk van Velimir Chlebnikov ook zoveel mogelijk uitvoeringen van Vlakken van Het Pad van de Wenende Nacht te laten zien.

De Broncode voor Vlakken van Het Pad van de Wenende Nacht vindt u via http://khlebnikov.wordpress.com


Het
KLEBNIKOV CARNAVAL is een neo-kathedraals groeisel en ziet in die hoedanigheid af van elke top-down benadering. Het gebeuren is een gebeuren voor en door de deelnemers. Wij ( alle deelnemers tot dusver) zetten enkel de tijdspoort op, wat daardoor tevoorschijn komt zal grotendeels uw werk zijn. Untsoweiter.

Categorieën
101 Aanroepingen Het Pad

De Klasse Hij

Hij opent stil het oog in trage golven waardoor je droge leven loopt.
Hij duwt het raderwerk de olie in dat in je hoofd zat vast ineen.
Hij glijdt je grotten door waar droef het water in het duister droop.
Hij steekt je lichten aan waar elke lijn in schemering verdween.

Hij brengt het ritme van de sterren in je starre lijf van grond.
Hij zet het slijk in vorm & blaast je lichaam om tot glanzend brons.
Hij boort een tunnel naar de ochtend in een nacht die nooit begon.
Hij spreekt de taal van vóór zij jou verkopen kon in Babylon.

Hij zaait het leven waar de aarde barst van lijken in de ondergrond.
Hij snoert het onrecht aan het onrecht tot een gladde gouden eeuw.
Hij brengt weer eenvoud in je lakens & gooit je plat met verse sneeuw.

Hij zet je wereld om in strakke huid & staal & glanzend porcelein.
Hij sluipt je bloedbaan in, je hoest hem op, hij maalt je hersens fijn.
Het was een vonk, het is het vuur, hij brandt je op, het is een zwijn.

dv, 07/06/2008

Categorieën
101 Aanroepingen Het Pad

De Klasse Zij

Zij murwt haar zinnen donker in je zwartste gaten.
Zij smeedt je warmte aan het woeden van haar nacht.
Zij klemt haar vlakken aan de rimpels als je lacht.
Zij stoot je woorden af als koortsen op haar pracht.

Zij schatert om de bonte schimmels van je nijd.
Zij maalt je onmin snerend om tot dure spijt.
Zij braakt de klaarte die als lust in u begon.
Zij schittert waar je net een maan van haar bezong.

Zij slaat haar armen om & af & uit je kom.
Zij keert haar aarde voor je droeve zuchten om.
Zij breekt je ijs, ontsteekt het vuur & spettert zuur.

Zij schrijft de wetten van je leven uit in minder dan een uur.
Zij draait haar wensen als een fishstick in je om.
Ik richt haar in & aan in u , zij is uw reinigende kuur.

dv,  Bérismenil / Kessel-Lo
02/06-06-2008
Categorieën
Het Pad Links - publicaties Lopende zaken

Reva past haar nieuwe vleugeltjes

Vanaf morgen liggen de Neo-Kathedraalse Opera vier dagen stil, maar vandaag tussen het pakken door heb ik toch nog vlug Reva’s vleugels ingenaaid.

De techniek om de vleugels te maken is iets met paardenogen & stukjes hout om de ijzerdraad op te spannen, & dan een fuga van Shostakovich om het aannaaien van het plastic doek ( een soort geweven polyester is het waaruit puinzakken gemaakt worden) te inspireren.

Toen de vleugels vanmiddag bij het opspannen van het doek plots hun topografisch bevallige vorm kregen ( je ziet het niet goed op de foto’s, maar ze bollen wonderbaarlijk als zo’n goeie ouwe catastrophe graph van Woodcock & Davis) , vielen de toekijkende mussen haast in zwijm.

O ja: hier is de broncode van Het Pad van de Wenende Nacht, versie 4.6 in pdf-formaat: het-pad-van-de-wenende-nacht46 (Reva is een uitvoering in afval en rommel van de broncode van Vlak 18).

Dit is de basistekst voor het Klebnikov Carnaval. Er komt geen nieuwe release meer tot na september 2008. Deelnemende uitvoerders kunnen zich dus zonder zorgen baseren op deze teksten voor hun ‘lezing’ van een vlak naar keuze.

Na volgend weekend heb ik wel uitsluitsel over de data, wanneer het Carnaval zal plaatsvinden. Vanaf dan kan u mij melden wanneer u welk vlak in welke hoedanigheid zal komen uitvoeren, hier in Kessel-Lo, op internet, via een tijdschrift of op een andere publieke plaats. Tv en radio mag ook, maar enkel als je echt niks anders kan.

Het Klebnikov Carnaval is zoals u onderhand wel weet, dé culturele gebeurtenis van 2008. Geen enkele waarlijk creatieve geest zal het Carnaval zonder één of andere vorm van deelname laten passeren!

Tot zaterdag.

Categorieën
Grapes of Art Het Pad Links - publicaties Lopende zaken

Vers laagje vel op de zure melk

(Verslag met Video & Foto’s met selectieve kleuring
van onze grapëistische uitstap
naar de Dialyse tentoonstelling in Gent)

[dailymotion id=x5miv3]

Leden van het collectief Grapes of Art
testen de acoustiek van de Campo-Santo Kapel
net voor de tentoonstellingsopening

Dialyse is project IX van vzw Kunstnier met Lieven Cateau als curator. Het loopt van nog tot 15 juni in de Campo-Santo Kapel aan de Antwerpsesteenweg in Gent(-St-Amandsberg), vlak bij de Dampoort.

Je kan het elke zaterdag en zondag van 14u00 tot 17u00 gratis bezichtigen of na afspraak op 0497 44 18 01.

Er hangen daar drie schilderijtjes van Ilse Derden, de video van vlak 13 van ‘Het Pad van de Wenende Nacht” wordt er vertoond en tijdens de opening afgelopen vrijdag mocht ik enige verzen ten berde brengen die echter in de nagalm van de kapelklank op passend-illustratieve wijze geheel onverstaanbaar waren. De Klassen ik, jij en U zweefden er enkele ogenblikken onvatbaar boven de hoofden van het talrijke publiek waarna zij geheel in het geroezemoes in de kapel vervluchtigden.

Er waren die vrijdag ook enkele performances van o.m. Judith Verween, die midden de kunstophoping te bedelen zat & ook de NCNP van Van Der Borght & Bras. 0 overviel met een terroristische interventie de kapel.
Het obligate bloot werd achter doorschijnend plastic een dame die zich tot twee maal toe op uitdagend-verspillende wijze ver-dronk aan een kan melk. Het moederlijke koeievocht vloeide & drupte het bevallige lijf langs in de daartoe geplaatste bak, het gordijn glinsterde, de camera’s flitsten.

Maar de gehele tentoonstelling overtuigde mij toch meer door andere elementen in de doorwerkte curatele van Cateau, die ook al Staalkaart in Gent bracht. Met name was ook hier de interactie met de omgeving treffend uitgewerkt. De curator maakt optimaal gebruik van de confrontatie tussen de bric à brac ophoping van de kunststofophopingen in de kapel en de selectief uitgelichte religieuze iconen & slaagt er zo in het in kunstmiddens altijd op de loer liggende Onverbiddelijke Grote Lapzwansmonster met zijn Onstelpbare Kapitale Tekst-, Kak- & Slijmproductie toch op enige werkbare afstand te houden.

De door mij bewonderde kleinoden van Derden verdwenen helaas in de vergruizelde spaanplaat van kunstwerken die Cateau over de kapelmuren smeerde, maar daardoor kan je ze ook weer gaan ontdekken. Een gezichtsculptuur van schoen en hout hing op bekoorlijke wijze boven de rest van het artistieke afval te zweven en maakte mij duidelijk dat ene Adam Smith een gezonde praktijk moet lopen hebben want zijn opgeknoopte ding heeft daar nog de leren lippen van vol. De artificiële overlevingsstrategiën spoelen hier hun verworpen schelpjes de kapel binnen, het raast wat & het ruist vooral, zoals de klankdesign van Graf & Zerk die door de boxen galmde, maar het is o zo teer allemaal & houvast bieden doet het al helemaal niet.

De juiste vragen naast de grote dilemma’s vallen u misschien wel in, terwijl u van tussen de omliggende graven de verkunstelde kapel induikt, zodat je met een gezonde portie irritatie omwille van de eeuwige patsstelling & omwille, ook al, van de schraalheid van de geboden uitwegen, invalshoeken en vluchtparcours weer op weg kan.

In deze tijd is dat te willen & vervolgens kunnen bereiken voor een groepsexpositie al een vol glas melk.

Dialyse van vzw Kunstnier is nog tot 15/06/2008 elke zaterdag en zondag van 14u00 tot 17u00 gratis te bezichtigen of na afspraak op 0497 44 18 01 in de Campo-Santo Kapel aan de Antwerpsesteenweg in Gent(-St-Amandsberg), vlak bij de Dampoort.


Categorieën
Het Pad

Versie 4.5.1

Als het vriest, dan is het koud in’t water.
Als het snel gaat, gaat het snel:

Het Pad van de Wenende Nacht release 4.5.1, nu mét Vlak 18:

het-pad-van-de-wenende-nacht451

Categorieën
Het Pad

Visioenen van reva (Vlak 18)

Bij het Vervellen van de Tijd

there’s nothing, really nothing to turn off

Bob Dylan- Visions of Johanna

Het licht duikt in de tunnel. De mot
zit in de schepping, haar vleugels
duwen teer de wanden aan & om.

Izeganz staat. Izeganz staat
waar hij altijd staat & laat zich
door een boom het zachte
gelaat aftasten. Wind voert feilloos
de takken, bladeren raken ter streling

de wangen, de neus &
de brandende ogen. De droom
is in beweging, dood
is alles wat wij wakker zien.

“Makkers, scherpt uw hoornen veren! Vat moed!”
Tot de eenden spreekt Izeganz, zij bedrijven nog
de liefde van water voor het aardoppervlak.

Onaanraakbaar, verloren,
in het vale licht van de tunnel
als geen ander het lijf
van het Wicht met de Wieken*
in de ogen der ontelbare reizigers
te trillen staat:

  • haar fijne figuurtje verluchtigde niet
  • het gevleugelde Gat van de Wanhoop flaneert in het rood in het rond
  • het onweer stapelt de grijze gezichten
  • de grijze gezichten vullen volledig het Ene
  • het Ene vervelt
  • de tunnel vult zich geheel met het Vel

Het licht duikt uit de tunnel.

———–

* dedju. Wieken. Wie had dat gedacht.
Dat betekent massa’s extra werk aan de uitvoering in Afval!

Categorieën
Het Pad

PWN revisie – Vlak 11

het-pad-van-de-wenende-nacht4punt4 (pdf bestand)

Drie slierten van het Leed

1

Een trage sliert van deernis & verdriet
die vak na vak dieper & dieper
naar het diepe daalt
waar niemand is
& niets.

Als je roert in het niets
beweegt er niets, dan heb je
dat toch al :

in stilte schuur & neerwaarts wervel ik mij uit
éénling in de vlinderslag van je verlangen
& bij het gruis van de verdingelijkte goden
splijten bulderend uit onze lijfelijke wildernis:

  • een schip, waarop je naam gaat overstag
  • een kelk, waarin je lichaam uitbloedt tot een woord
  • een bed, met de rimpels van het affe woelen
  • een kaars, vernietiging waaraan je haargeur zich onttrekt
  • een boek, bedrog met al je hoogst toepasselijke verhalen
  • een boom, waarin je witte weigeren bij het mijne rood verkronkelt & vertakt
  • een ladder, maar het doel & je ogen ontbreken

2

Een trage stoet vol deernis wekt verdriet &
zie: bij het zwart achter de hoge ramen we
deinzen schokkerig achteruit want plots

de zwarte angsten spiegelen zich in zwarte angsten &
in de metronoomslag van het nare putten wij ons uit
in loodzwaar geritmeerde excuses, starre gebeden

die ons vergeven de oogafwendingen zoals wij u vergeven
de hoopgevende schoonheid in het licht van de tunnel
naar de zwartrode pletmuur waar gij ons verbrijzelt, de gebeden

waarin wij keer op keer de moed vinden voor nieuwe beloftes.
We beloven elkaar de verlossing in: in, op & door elkaar,
zoals wij ook verlossen de anderen: in, op & door elkaar, de gebeden

Waarin het telkens opwaarts gaat & neerwaarts dan:
we hebben het, we hebben het geheel in de hand, we
nijpen de tijd & het al & het bloed uit het lopende zand.


3

& Op het einde sta je
op het einde van
een smalle gang halfnaakt
met het wit van je buik & je
billen te schitteren
terwijl de stront daarvan
& uit je bakkes het kwijl
druipt & de verpleegsters
je de les lezen want eindigen
doet het niet & je lacht
& je neemt het masker
& je zet het op & af & op…

Ik zie ik zie wat jij ook ziet,
& het is ellendig. & Hoe snel
ik mij ook in je denk, ik krijg
de loopse krul in je mond
maar niet meer te pakken. Kom,

sleep maar je sliert, ik draag
de deernis wel & het verdriet.

Categorieën
Het Pad Links - publicaties

Update Het Pad van de Wenende Nacht

Het Pad van de Wenende Nacht, release 4.3 (pdf bestand)

houtskoolschets van V.I. Tatlin voor de decors van de uitvoering van Zangezi in 1923, een jaar na het overlijden van Chlebnikov.

Het Pad van de Wenende Nacht, inclusief de Chlebnikoffer, wordt nu met het oog op een eerste uitvoering tijdens het Klebnikov Festival in augustus geheel gereviseerd.
We verwijzen kandidaat-uitvoerders graag naar deze en volgende releases van de broncode.

Uw kandidatuur als uitvoerder van één of meerder ‘Vlakken’ is welkom bij mij via dv@vilt.net of bij het Politburo van Grapes of Art.

Wij proberen ondertussen duidelijk te maken dat de uitvoering van een Vlak eender welke vorm kan aannemen, dat je zelfs zoals het stukje recycle-art hieronder, code die doorheen de Vlakken loopt, zoals de Reva-code kan compileren en veruitwendigen.

Ruischt gij zwarte zeilen van de Tijd!

———————————-

Als voorbeeld van de huidige code-revisie hier Vlak 9.

Wij zijn gestorven wij

(voor i.d.)

wij zijn gestorven wij het bloed
zijkt ons de trein uit & de trein raaskalt, oogrolt
& sjort hoog de zinnen tot in de laatste vier rijtuigen
de praatgaatjes de bestemming aalst liederkerke uitkraken

wij zijn gestorven wij maar niemand
voelt met ons mee de uitval van het licht
hoezeer wij ook op lijfeigen wijze
uit het zichtbare wegdeemsteren

met van de huid de spieren de dikke darm
de befaamde tintelingen bv.
bij het zich voltrekkende stadsnaderen.

Punt het nieuwe punt aan de klasse
zoekt ons op in de curve, de curve
tunnelt zich in hoogglans uit
in het al dat zich op bedrieglijke wijze
als een in voordeed, het alles dat al was
in de kan of in de kruik, stopt

Nu.

Kaduuk & voos van nature,
de veeltuigige slangeleider staat
vereenzamend stokstijf in de kudde

kastanjekleurig beverstaartbeslierte pubermeisjes
die bij de treindeuren snotziek te sjaaltrekken staan, te riemfrutselen
schijfjeslurkend per ipod ik ben ik & het leven is het leven
te lawaaitreiteren : nietige Tiense

tienertjes zijn het bij wie de naad ettert
van de streepjestijd hoe zij erbij zijn zij

want enkel zo zijn zij zij zij

met er middenin die ene ontluikende jij-bloem
bij het wij bij het ons bij het wij onder ons
dat weerom is gestorven & ook de barcode
van de stationsnaam verzweert & overal

barst uit de voegen het rigoreuze verlangen
dat zich tussen ons in een tweespalt baant
zodat wij ons de voetjes weer niet kunnen
netjes aan de benen binden
zodat onze neuzen even nog dóórruiken willen áán,
zodat onze handen een ogenblik nog dóórtasten willen ónder

& zo wij richten ons te gronde nog
wijl de dingen al ter modderplas
in schuinse regen roemloos bezwijken
zo zitten wij de noodwendigheid ingedraaid
als een gloeilamp in een sokkel bakaliet.

& Uw zwijgen
braakt nu de zwijgpit
in onze doodsmonden & de
eeuwige stilte vangt

het suisloze suizen & start zeggen we
daar floept ons het eternele g*dswijsje uit:

macheella michaailee michola micham:
wij nemen de gebroken wereld minnend in de mond
wij helen de naakte lijven liefkozend van hun wonden
wij zetten de geknakte zielen onomwonden bloot & recht

& in de loopse orde der eeuwig wemelende verbonden
verknopen wij de zang aan ’t verglijden van de monden
waarin wij ter dood aan ons versproken staan & stonden

& zo versteven wij verstijvende de barsten in van nu

Categorieën
Het Pad

reva in de grondverf

Reva in de grondverf

Categorieën
Het Pad

polyfoon of niet

Het Akkerlied

Gij zijt een akker gij, de grond van lang vergeten tijden.
Uw kluiten wenen vocht & klei om ’t hedendaagse lijden.
Het onkruid schiet gewillig in uw verse keren op.
Wormen vreten wormen dik van al dat landelijk verteren.

& Al de schoonheid bloeit uw diepe lijnen op
& Heel het leven zingt uw brekenspijnen mee

Het land was kaal verteerd bijna & galmde hoog vol lege holte
& Toen kwaamt gij met hemels zicht & aardse zang voorbij
De bodem van de gifpoel zonk van schaamte rot in ’t nieuwerwetse niet
Zoiets als gij verzinnen kon, verdoet men zonder scha & schande niet

& Al de wijsheid breekt uw gulle lachen open
& Alle woede komt weer onomkeerbaar boven

Nu graait ’t gesjacher weer met mollepoten in ons om.
Dan poogt de nijd haar gif in onze grond te deponeren.
Nu wil men u met krans & zilver fatsoeneren tot een pop.
Dan wil de Hertog toch uw wilde krachten in zijn span.

& Onze lust zal elk gebod naar de gebieder om doen keren
& Ons verlangen bergt in u ’t weerbarstig leven veilig op.

Categorieën
Het Pad Video

Vlak 18 (met een revawerf video)

op http://www.vilt.net/nkdee/reva.jsp

IZEGANZ:

palizari parizali
schtoekami schtoekim

zaripali zalipari
toetsjeri toetsjim

iverni viviverni_iverni toekim
mikoela makoeli miloeka makim

Toeterend klimmen de doodsboten
op de toeterende stromen
& de stromen stremmen de stromen
& de lijven staan stil

& de monden waaien open & droog
& de kelen verkurken
& de longen klappen in

een wiel tuimelt los
van de rijzende straten
blik kermt tot kubieke
schroot in de uitslaande brand

tongbreuk breekt de tongen
tere darmpjes in de rompen kraken
bot versplintert been vermolmt
& glazig komen de ogen te ogen
de zon slaagt haar stralen als nagels erin

uw kleed verkommerde
uw vel verfomfaaide
uw rijk kwam sloom
op het einde uit & aan

uw stramme staan verflinterde,
kwam in het affe op & af te slaan
& uw klank tot een klappen verklaterde
vervolgens in zoemen & stilte verviel

hoog suist rozig het woord
dat het licht uit de donkerte
ter schepping wou zijn

roet in het roet wemelt het al

hoog riep ik vannacht om u
& duwde eenzaam pijnen
op de stapels pijnen aan

roet in het roet wemelt het al

& in dit boek van zand
knaagt de zee als een teef
op het bot van de stilte

roet in het roet wemelt het al

mikam akoelim iloekam aloekim
mikoet inervi_invreni_invrivi

misjoet iresjoet
irapazil arizap

mikoetsch amikoetsch
alirazip parizal

Categorieën
Het Pad

Lucifers van het lot

Vlak 17

[duet van izeganz & reva]


In deze stad van palen, blokken, adders en cimbalen
duwt jouw stem de klacht uit droeve luchten,
breekt jouw lichaam  verte in de volgestouwde straten aan.
Onze hond verdraagt het niet en blaft om stilte. En ik,

jouw licht ontzegt mij al het recht op spreken,
jouw stralen doet mij in jouw klaarte openbreken.

Ik draai het deksel op dit kolken liever niet meer open.
Niets verhardt het donkere woelen daar tot klare schijn.
Jouw mes haalt echter laag na laag de dikke aangroei open en
het bloeden bindt de golven pijn in golven aan de pijn. En ik,

bij elke aanblik los ik in jouw wilde tover op,
bij elke wending valt het zingen als een bodem uit mijn lijf.

Jij draait jouw lichaam als een lampje in het zonlicht aan
de zon verzakt, mijn hand vermolmt en jij blijft staan.
De dood heeft in jouw licht nu ook zijn evidente zin.
Jij werd mijn weg, mijn weg is nu verbijstering. En ik,

ik heb mijn zwijgen met jouw zwijgen toegedekt,
ik heb de klacht in hoger trillen doen vergaan.

 

rev.23/03/2018

Categorieën
Het Pad

het regent weer klachten

Petite histoire d’eau

Wij dansten tot wij regen waren
& vielen dan je haren & je armen op.
We gleden langs je heupen & we daalden
diep tot in je wisselstand. Verrukking. Niets

waren wij, jij nam ons midden in. Honderden
akkoorden trokken groen voorbij & purper dan
& lossen rozig op in mij. Een minnaar brak
de ijlste liefdeskreet in brokken uit je keel.

Ik sprong vooruit & legde natte
woorden in je hart te drogen.
Hij bracht je haar in golven
met haar tover in een liedje uit.

In stilte treuren wij, in stilte
schuiven wij de stilte in de stilte uit.
& Zienderogen zal ons nog de huid
verschrompelen. Hier heb je mij.
Daar ga ik hem in haar voorbij.

Ik durf je lippen al niet meer
bij naam te noemen, iets woelt toch je tanden
met een veelheid van tongen bloot.

Onze armen duwen anonieme handen
in je zwijgen op naar ons. Een brakke
bodem rijst & plooit de klei
in barsten om je heen. Daar heb je jij
of zij of is het toch weer hij?

Wij keren stelselmatig
dit verlangen om & om,
tot inkeer keren wij.

Categorieën
Grapes of Art Het Pad Lopende zaken

uitklapbare aanhangwagen

Lied van ´t mobiel Gesticht

de zon zakt weg, het plein loopt leeg &
als een aapken staat ge in uw bange mensenlijf
naar de plakkelucht te tieren & te kijven
voor de wielen van ´t mobiel gesticht

de zang zinkt van uw schoenen af
de ketting klettert uit uw vleugelslag
uw mond trekt zure tongen uit
het masker van uw kinderlijken nijd

maar dan komt reva uit de donderkoppen neergevlogen
dan stijgt de vlammenzang van izeganz uw koude botten in
het trekt uw drieste grieven & uw harde groeven fijn & klein
het doet u siddren razen beven met den duvel zijn venijn


refrein

juli gelei ja gullie daar & gij
ge komt hier niet zomaar voorbij
wij zagen u de oren van uw lijf
wij zeuren tot ge weet waarom ik kijf

heel de wereld staat bijna in brand
de pest zit in de mensen & het zuur
stijgt zienderogen in de zompe klodden
van het scheefgetrokken avondland

de centen zijn allang bij alle wegge centen
door het benepen rooster van uw kiekengat geteld
iedereen wijst & iedereen gebaart van krommen aas
& niemand weet wat niemand heeft gedaan

& als de noten op zijn is de zang gedaan
& als de olie op is zult ge stillekens staan
& als de aarde kotst van ons gaan wij eraan

untsoweiter

Categorieën
Het Pad lyriek

Vlak 16 (vallende ziekte)

“Gedichten moet je schrijven volgens de theorieën van Darwin”
Velimir Chlebnikov, notitie uit 1922

[ met een selectie uit de talloze gezangen der institutoir-afvalligen
te beitelen door de platgedesignde & afgezogen vingertjes van de steedse gezangenbeitelaars
in de betonplaveien op het Pad van de Wenende Nacht

Na een tijdje merken de vingertjes dat het écht niet lukt want de plaveien breken bij de minste bebeiteling. Iemand had kennelijk de kauwgom die de stenen bij elkaar hield laten verwijderen. De vingertjes beginnen daarop op afgrijselijke wijze te jammeren dat zij niks meer om handen hebben.

Hun ijselijke jammerklacht plant zich voort tot in het Duistere van de Duisternis Zelf en geeft zo aanleiding tot de tijdige geboorte van de Wenende Nacht. Immers, het commercie-afstotend geweeklaag der beitelvingertjes maakt dat de kortbenige Burgervader Al Hoewi t’oe Barak van een Vlaams provinciestadje kort bij de metropool van Kessel-Lo opschrikt uit zijn verdiende dagrust en het tegentijdse indringen van hun klachten in zijn nachtmerries over Snelle Treinen die Uit De Bocht Gaan verkeerdelijk interpreteert als een onbestemd Wenen van de Nacht. Zo analyseert althans de op korte zinnen met scherpe pointes afgestemde geest van de Burgervader omdat de eveneens kortbenige Held de Mooie Droom wil gaan verlaten.

De Burgervader hecht overigens zelf geen belang aan al dat poeticaal gemurmel, al kwam het grootste deel uit het eigen hoofd, maar Escrevisse, een spion der Tsjeven, een concurrerende meute gelieerd met de Tijdloze Honderd, een nijdig volkje van gerateerde artiesten vroeger bekend als de Top Drie, weet stiekem fragmenten van de BurgervaderDroom te visualiseren door het plasje speeksel dat de man bij het slapen uit mond pleegt te laten vloeien te condenseren tot Leesbare Wervelingen van de BurgerVaderlijke Onrust.


Met een Digitaal Verslag ( in pdf-formaat, 49mb) van een projectie bij de Broeders Alexianen daarvan, trekt hij naar de locale pers die er een wijze Lering uitperst van dubbele gisting. Toen Alfred -Jacobus de Kwakkerde Flap, een Tsjeveneend van enige allure dat opdronk begonnen hem de oren visionair te flapperen en schreef hij een brief naar…

[nvdr: het gehele verhaal is iets langer dan Laurence Sterne’s Life and Opnions of Tristam Shandy, temeer daar het een rewrite van dat boek bevat in een iets ouder Engels gesteld om de opgelopen verteltijdachterstand te compenseren. We knippen het dan ook maar weg uit dit schrijfsel dat overigens – voor een goed verstaander – het neo-classicaal & proto-mystiek-numerologisch gewauwel van Alain Badiou, de man die moest wachten tot Deleuze uit het raam sprong om enig aanzien te verwerven in de Franse filosofie- op louter includerende wijze geheel ridiculiseerd- enfin, comme disent les Anglais: game, set & match] […]

Aldus werd geboren de voorsteedse legende van de Wenende Nacht]

[ beelden van een islamitische begraafplaats]

Bloed & bodem

Het bloed moet vloeien & het geld snelheid maken. ‘ Onheil kome’, zo
verwoordt de speakerin het &’ wrijf het hen met de fabelolie in’. Sloerie.
Pokkewijf. Trek nog wat van die stekkers uit. Sla nog wat schermen in.

Dieper de nacht in dienen wij ons te duwen nog, schatje,
verder de vernieling in. O liefde: sla mij in de droeve gesel
van je frêle armen, klink mij in de klamme sloten
van de minnetaal, verguis dit comateuze ik.

  • Ik druk mijn gelaat in de zwartste inkten op je bodem.
  • Ik spreek je uit, achterwaarts, voorwaarts, van het blad, uit het hoofd.
  • Ik pruts de laatste knoopjes van je ongeloof open.
  • Ik snij de linten rond je bevende verlangen door.

Wij, herauten van de leegte: onze traan versplintert
in de weidse woestijn van de onophoudelijke dood.

[verhaal van een man die een epilepsieaanval krijgt op de brusselse metro]


Beloven doen we dat we komen

Dat hardvochtige vermurw ik, zegt ze.
Daar plant ik een vinger, beweert hij.
De hals verweekt, zo wordt verteld

(& een hand gaat door je blazen) (& de lucht
valt uit je zucht) (& de wanhoop hapert, het hebberige snikken
zet zich in de vette schilfers van het tijdeloze af).

De tijdsslakken als hulzen van het onvatbare
schieten ons hun lege kogelbanen door het hoofd
zodat wij ons het geloof weldra ook lichamelijk
bekennen. De bastaards! De afvalligen! Het canaille!

Het schelden als schilden versterkt onze leegte, ons
sterven de namen als uischillen bruin af, de etiketten verbleken
de bestanden die wij waren strepen zich bij elke lezing verder uit.

Elke daad is zo de wees van een gedachte. Elke golf
van ons is een wissel uit het spoor van ik. Elke
opstoot van ons is de reststroom van een heftig
wrijven lijfje ik op lijfje jij

met beiden ter kitteling een meute fanaten
briesend & tierend van nijd in de zij.

[montage van gedynamiteerde gebouwen (cfr Louis Malle) met een vrijscène (cfr Nicolas Roeg – Don’t Look Now) op muziek van Charpentier]

De strandjurk oplichten

Voorzichtig. Omzeil de verrukking, die leidt toch maar tot stof.
We heffen aanvankelijk de jurk tot op de heupen slechts,
de maan fonkelt maanlicht op je naakte dijen. ‘Een waarheid’, fluister ik
‘herhaalt zich niet’ & ‘je trekt mij als het trekken van de maan’.

Het droge zand schelpt je nog omstandig van nee maar de weerstand
in de scene is een kronkeling van eerdere acteurs, het ritmische breken
van de bruisende golfslag wil het onze, een hoogwit ruisen
namelijk, het kabaal van de stilte op het witte strand.

“De verbeelding zet zich door het vel heen aan het vlees. ”
“Een verstrengeling van lichaam vindt plaats meestal ’s nachts,
de verstilde klomp van het rozige hunkeren, het sensuele
verrimpelt delicaat het strakke dagkleed van de verwensing.”

Ik giet je lippen in de kom met Special K. Het bed van Ikea met
de gele lakens lees ik je als de naakte code van ons verlangen.

[archief/verslag van de Eerste Globale Dag van de Desinformatie op 24-9-2008 : iedereen stuurt dan massaal veel waanzinnige berichten de wereld in- hackers kraken en veranderen op subtiele wijze de websites van kranten en persagentschappen, honderden fictieve terroristennetwerken stellen voorname persoonlijkheden in een kwaad daglicht, aanleg van een berg cd’s , dvd ‘en harde schijven op een hoofdstedelijk plein untsoweiter ]

Autobiografie (orgastisch) van de lezer

Even later vloekt je lichaam mij luidop na, de nacht in,
de nacht, waarvan wij ons op het einde al afvroegen
waar blijft het einde hé einde ha ben je daar

Elke gedachte is zo het eeuwige trillen
van uw afwezigheid in het verval
van mijn gedachte.

Haar verwording die oscilleert
tot ik echt wel van je hou. Een u

dat ik bij je trillende
lurven gespiesd liefheb, dit klapwiekende
libellenlijfje dat ik in het licht hou
van de verdere aftelling. 24, 23,..

Het schattige mormel.

Het universum dat je door je tijdsbaan stompt & stoot,
verratelt mijn verborgen melodie. Je zal het pas zien
als je het hoort, & dan is het te laat. Ik flits in u.

(Klaar is als ik stik in u).

[ schilderij van een onthoofde gekruisigde]

dv 11-12/05/2008 – 14/05/2008

Categorieën
Grafiek Het Pad

bijna-af-tafel

Oneigenlijk Gebruik van het Wiel

Rustieke uitvoering van Vlak 15 van Het Pad van de Wenende Nacht
in tafel, glas, barbiepop, karton en zwarte verf.

nu nog wat glasscherven sprokkelen,
die moeten nog onderaan arme Ken z’n vastgevezen voeten…

Categorieën
Het Pad Lopende zaken

Ken rust

Dochter Charlotte heeft Ken’s prachtige blindeerzak gemaakt, plus nog wat fabuleuze foto’s (zie op PK-LP).
Deze twee zijn maar lepe pixeltrukjes van paps.
U krijgt hier wel bijkomende info over de materialenlijst:

  1. pyramidaal verpakkingsmateriaal van gerecycleerd karton, zwart geverfd
  2. glazen kaderplaatjes, door ons moeder gered van de glascontainer
  3. houten inschuifkader voor de glazen platen, zwart geverfd
Categorieën
Grafiek Het Pad lyriek

oneigenlijk gebruik van het wiel

Het Pad van de Wenende Nacht vlak 15

[mystieke tafelrede van Willie de Wael gehouden op de koffietafel bij de nde begrafenisplechtigheid voor zanger Izeganz]

Stof & stasis van het verbeelde wiel

een trits overwegingen om met het oog op
de uiteindelijke vereenzelviging met het kosmische Zelf
alvast uw Albasten Ego te zandstralen

resultset

Schets (draaizang) voor een beeld op een zwart tafelblad door glasscherven omgeven

waarin de weerspiegelingen van het egolog het zoekende oog de stippelijnen aanreikt
& de stippellijnen zich onfeilbaar kruisen zullen tot een
crosshair op het beoogde doel

[klik ritmisch met de muis om de audio te starten]

het ogenblik o nabij
waarin de gedachte g zich
in het echte e vermag te verharden


[ willie heeft een pistolet met kaas in de ene hand en een zakdoek in de andere waarmee hij zich de druppels koffiemelk uit de snor dopt]

wanneer wij, vrienden – heel phrygië zingt ons de lof –
in de vlakke uitgestrektheid van het te belopen veld
boven onze kokhalzende lijven te klapwieken hangen
als zovele vleermuizen, een geheugen lekkende zwerm
vette vleugelachtigheden in de blinde zakken
van het in de strikte wetten van ons ik verstrikte Zelf

wij die in de bosjes de rijksdaalders
uit de geklemde kaken der gesneuvelden breken
terwijl de muildieren pogen zich te rechten
hoezeer ook hen de noodzakelijke achterpoten

wij wiens vingers de vingers beroeren
wier armen de armen inbinden
wiens benen de benen kappen
wier hoofden zich bezakken met het muffe heden
& met de oogleden weggesneden
opdat ons het duister daarvan optimaal zou inbranden

zoals men vroeger placht honden van hun staart
te ontdoen (waarna het gelijk tenminste
eenduidig onderbuiks onze kant op kon vallen
& het hondstrouwe vertellen een aanvang nam)

(de deining van de gemoederen in het gekende ritme van de leugens)

(er zijn achteraan nog emmers beschikbaar)

& nog terwijl hij haar nog zag het gelaat begon al te schroeien
de ogen als druppels in het slijk dropen –
van wanhoop het tranen die traan in stagneerde
het vel in flarden de lucht met haar tekening van leder bedraadde
de noodzaak die zich aftekende te verzaken

  1. aan de herinnering zij leidt slechts af & in bekoring & naar een gemakzuchtige waanzin
  2. aan de verbeelding zij leidt slechts af & in bekoring & naar een gemakzuchtige waanzin
  3. aan de liefde zij leidt slechts af & in bekoring & naar een gemakzuchtige waanzin

de lijst leek eindeloos maar voorwaar: het draaien
uit de ene beweging in de andere resulteert in een geheel nieuw lichaam
waardoor hij vervolgens in haar ogen kwam tot loutering & de lust
implodeerde die het oude lichaam uit was gedraaid, terwijl het nieuwe
de nieuwe lust & de nog glazige zang aansneed

in een wilde gloed van oranje schittering
het vuur herontdekte dat als een koorts
in haar botten sluimerde.

& Waarom niet: ter kennisgeving
dook op een eender wiel, oneigenlijk
echter in de zwelling van het ronden ingezet.

Het fikse lichaam draaide zo herhaaldelijk
de gedachtenscene op: een wildgroei van fragiele rondingen,
een rafelige rijkdom van tedere onaantastbaarheden
die zich wellustig in de materie uitslingerden,

waarin bv de kille beheersing ontbrak & het doodse gemak
ontstaan uit de dagdagelijkse omgang met de  terreur
waaruit de woorden als te fel opgespannen glas uitbarstten & de grimas als een leegte
op de achterliggende materie achterbleef, aldus het gemis zelf tot een angstwekkend toonloos brullen
verschreef. & o, zo de plooien van uw buik te mogen kussen

ik reik u de hand & de hand opent & de vingers verborgen inderdaad
het gapen van de gapende uitgang, het zwarte gat

waarin
de talloze holtes
als tongen ongezien dollen
in het holst van de nacht

waaruit de miljarden kevers stromen
waarin korrelt & klontert mijn bloed

zo [reling]
daar ga ik
dan

[bijt in de pistolet]
[overstaanbaar mompelend terwijl hij
in een stofwolk van broodspetters kaas kauwt:]

(& aan de lippen die u ons aannaaide
komt het brakke water dat u ons ophoeste
in de hoop daarmede ons de ons ingeblazen
zin te ontnemen om de uitspraak te voltooien)

[da capo]

—————————————————

2. INTERLUDIUM door het Koor van de Verbijsterende Inval

  • waarvan wij u toch terdege hadden geinformeerd
  • & alle documenten tijdig bezorgd bij alle betrokkenen
  • het ons begrip geheel te boven gaat
  • niet uit hoofde van
  • van het merk Staedtler nog wel

—————————————————

3. HET OGENBLIK GAAPT EVENWEL ALS EEN WONDE OP HET SLANGEVEL VAN UW EEUWIGHEID

[bijt ten tweede male in de pistolet]

in wiens ontijd wij uiteindelijk kunnen belanden
zoals wanneer een woord in uw mond onze lichamen
met enige vanzelfsprekendheid als de letters hervindt
van het woord ‘lichaam’ dat ons al eeuwen op de tong lag

op wiens akker wij onze levens als granen verstrooiden
& waar wij rank opschoten in het volle besef van het nakende vuur

op wiens werf wij onze kinderen teloor lieten gaan
daar uw werf immers niet te ontlopen was & gij in uw voorzienigheid
het groeien zelf tot onze werf vergroeien liet die daardoor geheel de uwe was

in wiens afwezigheid wij de verbijsterende waarheid als differentie ontdekten
ten overstaan van de initiële afwezigheid die bij nader inzien reeds door de nood
aan differentie was ingegeven zodat alsmaar uw roepen duidelijker weerklonk

met de nefaste hoop op verlossing echter op kenbare wijze beperkt tot het ogenblik van algehele uitputting waarop wij het intreden van de slapte in de riemen zullen toelaten & in de droom van het neerzijgen als in een amberen gang wegglijden zullen
de gronden op van uw ziedende verlangen naar ons

o gij idool van onze bronzen duif-bescheten Guido
gij voeteloze kous met uw vele kinderbottinnekens aan

hoe wij niet stonden in uw Niet
hoe het ons bestond
als twee blondinnekens in Mei
te willen dat gij in ons hertje schiet
de natte pijlen van uw hoog gewei

zo in tot in het oneindige u dankbaar om het gebodene
zo krinkel kronkel ik in u tot ik & wij
zo, tot een laatste windstoot onze gebleekte geraamtes verpulveren mag,
zo zullen wij finaal onze liefde tot u uitstoffen
daar u immers ons in uw gelijkenis
in leven tokt & lokt & tikt & schopt

& tokt op een ijdele ton ton ton
die rolt & die bolt & die bommelt

[- laatste blad ontbreekt]

resultset2

Categorieën
Grapes of Art Het Pad Links - publicaties Lopende zaken Video

Alternatieve downloads

[wpvideo h6EGG2fL w=500]

Vlak 13 van het Pad van de Wenende Nacht in een alternatieve encodering , zie verder in  Kosmose #3, www.kosmose.be.

De download van de gallerie-versie bleek voor sommigen niet altijd te werken, vandaar.
Op mijn Daily Motion account heb ik ook een makkelijk op blogs te embedden versie geplaatst, zie http://www.dailymotion.com/video/x5b74f_vlak-13-van-het-pad-van-de-wenende_creation

In het Kathedraalbestand staat nu ook een vertaling van de tekst door Helen White (bedankt Helen!): http://www.vilt.net/nkdee/data/downloads/chlebnikov/vlak_13_web.html

Categorieën
Grapes of Art Het Pad Links - publicaties

kosmose#3 online

Kosmose, het open Podium voor audiovisuele en tekstuele artiesten van Charlotte Peys, heeft het derde nummer online. Een goed gestoffeerd themanummer is het geworden rond ‘vagebond(en)’ met daarin ook een bijdrage van Grapes of Art en these vagabond shoes : de flash-video van Vlak 13 van Het Pad van de Wenende Nacht.

Mocht u het gemist hebben op de tentoonstelling vam *zaoem in Gent kan u dus nu daar terecht voor een webversie van de film.

Arnout gaat vloeken want Charlotte pikte er als stilstaand beeld net die klok uit waarvan hij vond dat ze d’r echt wel uit moest, ik ook wel maar er was geen tijd meer, en het was als achtergrond nee ik bedoel kenschetsing van toch wel, enfin … ik mag het zelf zeggen want Ilse doet het meeste werk: een echte poëtische aanrader dit stukje!

(& bedankt Charlotte, ik voel mij d’r ook plots tien jaar jonger bij, daar hoor je mij niet over klagen…)

Categorieën
Het Pad Ruis

Liedje van later

(te pasten op een doosje saroma-pudding, bv.)

Later, als je mijn vergeten bent vergeten
& je mijn zwijgen uit je stille heden
als een kriebelkever uit je grijze haren
in de leegte onder af & dood wil slaan,-

Later, als je in de openslaande gaten krijgt
hoe ik mijzelf in nietigheid & stof ontviel
& in je hand je hand als hand kwam leggen
die het ware kloppen voelde telkens van mijn ziel,-

Later, als je ik je elke veer ontzegd heeft
& in de gaten slechts het kille gat je lijf
naar redding uit het lege weg tentak’len wil:
het gapen in van de afgrijselijke dood,-

Dan schiet ik plots weer alle hoeken van de wereldzeeën door,
dan stijgt vierkantig hoog de volle maan met deze ronde glans
dan zing ik ver & hoog & hoor je ’t zachte lied van later dan,
als je mijn vergeten bent vergeten & elke ene glans daarvan.

Categorieën
Grapes of Art Het Pad

Onthullingen, maskeringen & de esthetiek van de beperking

Het Khlebnikov Carnaval (KC/CC/KK/CK) is gepland voor augustus 2008. Wat het precies gaat inhouden is op dit moment een open vraag. U weet er niks van, maar er is niemand die er meer van weet dan u. Dit soort openheid, de dreiging van het onbekende, is iets waar niemand tegenwoordig nog mee om kan. Waarschijnlijk dromen we ervan, zoals kindjes dromen van het onbegrijpelijke. Het KC is daarom nu al een succes; het gebeurt nu al op onrustbarende wijze.

Elk maatschappelijk gebeuren, of het nu cultureel, sportief, politiek, alternatief of plat-commercieel is, ligt immers vooraf vast, de data staan in het rood aangestipt, de groepen zijn geboekt, de hotels voor de groepen zijn geboekt, de links naar de geuglemapjes met de routebeschrijvingen naar de hotels zijn naar de groepsleden en hun managers verzonden, de tapinstallatie is besteld, de nodige vergunningen zijn aangevraagd, het drukwerk is klaar, het feest kan beginnen. Anders krijg je immers niks gedaan. Hoe denk je anders iets te bereiken?

We spreken in dat opzicht van culturele programmatie. Het culturele object moet terdege worden geïnitieerd. Anders kan het niet beginnen() of eindigen().

O!

* *
*

Luister: het KC wordt een internationaal gebeuren. We spreken voortaan van het Internationaal Khlebnikov Carnaval (IKC). In het Engels wordt dat: International Chlebnikov Karnaval (ICK).


Hebben we al een engelse blog? Oef. Staat er al iets op? Ai.

* *
*

Het opleggen van beperkingen aan een chaotisch/contingent/toevallig gebeuren maakt van dat gebeuren een gericht gebeuren. De Nieuwe Kathedraal van de Erotische Ellende bijvoorbeeld is ontstaan uit zo’n beperking.
De beperking luidde, in 2004: een Kathedraal is iets met van alles erin waarvan minsten 1 ding een Kathedraal bevat.

Vanuit die eenvoudige recursieve bepaling werd de NKdeE geboren, en groeide zij uit tot wat zij thans is, een centrale uitwas op internet met daarrond diverse bewegingen in de blogosfeer, waaronder deze dagelijks aangroeiende tekstenschimmel. De Kathedraalse theorie, die zich uiteraard zelf ook volgens een soortgelijke recursieve manier ontwikkelt (de Kathedraalse theorie is een theorie met vanalles erin waaronder tenminste 1 theorie van Kathedraalse strekking) , heeft ondertussen een viraal karakter gekregen en poogt goedschiks of kwaadschiks niet-Kathedraals territorium te veroveren. Da’s niet echt moeilijk want één en ander aan heel het Kathedraalse gebeuren is natuurlijk geinspireerd door en congruent met een heleboel internationaal lopende onderzoeken van de meest uiteenlopende wetenschappers én auteurs/kunstenaars.

Het feit dat de Kathedraal uit zo’n beperking net haar vorm haalt, op een evolutionair aandoende manier, bijvoorbeeld.

Iets soortgelijks, een andere uiting van dit soort hedendaags omgaan met creatief werk is constrained writing zoals je dat vinden kan op Angela Genusa’s Nuzzled Sentence: Om de zoveel tijd wordt er een stukje uit James Joyce’s Finnegans Wake gekozen en de deelnemende auteurs worden verzocht op basis daarvan, naar eigen goeddunken, iets te maken. Wat dat iets is wordt verder niet gespecifieerd, dat hoort niet tot de bepalende constraint. Het resultaat is een bonte, inspirerende verzameling van enorm grote diversiteit die toch een gezamelijke sfeer uitstraalt. Het is een nieuw nog onvatbaar gegeven, een ding dat nog geen ding is, een aangroei in bardo, een – hoe raadt u het – groteske nieuwigheid.

In de blogosfeer, die uitmunt door de determinatie – in onthutsende tegenstelling tot de illusie die wordt gewekt kan je na een minimum aan kritische analyse ( hallo, kennen we dat nog? ) stellen dat ongeveer alles in de (tekstuele!) auteursomgeving van een blog de auteur betuttelt en stuurt , de tekst mee bemoedert die je als ‘bijdrage’of ‘posting’ daaartoe dient in de tekstgleufjes te murwen – in die blogosfeer dus, is dit soort praktijk, net zoals het aanmaken van genant lange volzinnen, een bevrijding, het zet zich af tegen de tirannie van het actuele, van het eeuwige nu, het onmiddelijk verteerbare, tegen het overmatige taggen dat alles bij voorbaat al wil reduceren tot dat ene vatbare ‘nu ‘ moment, de verlossende woorden “gepost door XXX op xx/xx om xx:xx’.

Daarna is dan de kous af: we hebben het, het is áf, we kunnen linken, het is weerom gepiept, de aanval van het creatieve is geweerd, gecatalogiseerd, het al is weerom klaar voor het archief.

Mooi niet. Want elke post binnen de constraint-driven schrijfpraktijk verandert de output van het programma en de output van het programma is meteen ook weer de input ervan, want de ‘zin’, de Sentence die Ge-Nuzzled wordt heeft er weer een nuzzlement bij, een nieuwe ambiance, een hogere resonantie.

* *
*

Op Angela’s blog is de techniek duidelijk binnen de literaire traditie geplaatst, hoewel er bij de output van de auteurs al duidelijk programmatorische kantjes aanzitten, er wordt al met hulpprogramma’s gewerkt die tekst systematisch verhaspelen, of met vormen van scripting ( Flash) die de iconiciteit van de tekst in de verf zetten, animaties maken die de taal volkomen vervreemdt van haar functie als betekenisdrager.

De Kathedraal is in die zin radicaler dat het van meet af aan ingeschreven is als een codeerproject: alle literaire activiteit erin of errond wordt gezien als een secundaire uiting van de primaire schrijfactiviteit, namelijk coderen. De Kathedraal maakt geen onderscheid tussen code van grafische, tekstuele, auditieve of programmatorische aard: alles kan want alles is code/ alles wat code is kan.

Dat klinkt allemaal veel imposanter dan het in feite is, want wat er in feite is, is slechts een mock-up van wat het zou moeten worden, als het ooit in productiefase wordt gebracht.

G*d verhoede de dag dat de Kathedraal in productiefase wordt gebracht.

Code is een systematisch geheel van tekens dat door een lezer gelezen kan worden. De Kathedraal vertrekt van haar eigen codebegrip, een begrip dat het weer op recursieve manier als een Kathedraalse codering poogt te definiëren ( zie de Definietsels).

Het kenschetsende, het meest in het oogspringende van het Kathedraalse codebegrip is dat het een proceduraal begrip is. Het procedurale karakter ervan maakt ook dat het bespreken van de Kathedraal in niet-kathedraalse termen bijzonder moeilijk, zoniet onmogelijk. & Laat dat nou net een mogelijke definitie zijn van wat hermetisch is: iets wat enkel in voor ingewijden verstaanbare termen kan verklaard worden.

Dju toch.

Op die manier wordt de Kathedraal ook écht een gebeuren: het is een door de wanhopige (verveelde/afhakende) lezer op te speuren, te zoeken afwezigheid.
Want je moet erin geraken om ze te zien, & dan zie je ze bewegen maar je ziet ze niet vóór je erin zit.
O jeetje toch, het lijkt Harry Potter op weed wel.

Misschien waren we er maar beter nooit over begonnen!
Gelukkig, lieve muisomklemmende gelaatbeglanzers, lijkt het hele project tegenwoordig stil te liggen, het lijkt wel te slapen, jaja, laat ons hopen: het zal nu wel vlug uit zijn daarmee.

Al die onvatbare gedichtjes hebben we hier al.
Het is zo al wel erg genoeg, we hoeven er ook niet nog ’s dat pseudo-watalniet gewauwel bij te nemen.

[…]

En toch beweegt ze!

Categorieën
Het Pad

apocrief izeganz gefezel

VLAK 14

[Zanger Izeganz & twee Ingezetenen van het Salon]

Izeganz klopt zich het kunstroet van de loden jas.

De handen zijn hem opgezwollen met de zweren van beteugeling.
Hij stinkt: de hemel zelf zou haar blauw in roestig donker willen splijten
om hem uit de weg te kunnen gaan, & uit zijn sliertige haren gutst een
zure spray van schilferig bestipte dauw die dwars door elke hel kon branden.

  • Zijn aanblik baart het onbedachte in het weke van uw brein
  • Zijn bewegingen plonzen door het web van de gekende werkwoorden
  • Zijn stem valt woorden af, zij zet geen zinnen in of aan

Maar het vuur dat in zijn zingen huist, schroeit weldra alle wonden.
Het bloeden van de kreten stelpt, de vogeltaal verstaald, de straten zullen sidderen.
Zich preparerend met een zucht voor sterfscene nr 14, versie 3.1, take 2
richt hij zich tot wat er nog rest van de Ingezetenen &

bij het gebonk en het geraas van de splijtende toon- & trekbanken,
bij het kreunen der krukassen onder het instuikende verhaal
bij het gieren der sirenes & het afschrikwekkende gebrul der hongerige horden
bij de stervensweeén woelend in de opstoffende droogvlakte,
in de natuurwinkel temidden het bonte kluwen van het immer geile kapitaal

orakelt hij als volgt:

“& de duisternis zal duisternis uitademen
& het licht zal uit de gezichten vallen
in de duisternis van het reeds
volledig uitgevallen licht

& de tijd stokt & stroopt zich de minuten op
tot een verduurde ring van uren

& de tranen stelpen in de oogleden &
met dikke brokken zilt glazuur
bedekken de tranen de tranen,
bedekken de tranen de ogen,
dekken de tranen
de gezichten
toe.

& in het zwart schiet een schicht
zwart dieper het zwart in.

& je lippen met mijn lippen roer ik je lippen om.
& je handen in mijn handen neem ik je handen aan.
& je tong vertel ik met mijn tong dat onze tongen tongen raken:
hoe wij al lichaam waren lang vóór de aardse tijd begon;
hoe elke duisternis met licht begon;
hoe het licht de duisternis bezong;
hoe het licht zich tot de duisternis verschoonde
& het leven met de schaduw van het al beloonde.

& de krijsende kreeften van je angsten
hak & sleep & sleur ik uit je lijf:

ik hak & ik hak &
ik hak een tijd uit voor het hakken
& ik hak een tijd uit in het uitgehakte hakken

het is een diepe schelp versteven in het donkerrood,
met naast de zotte polsslag van je krolse heden
een droeve nis voor al het nakende gemis”

1ste Ingezetene:

Sjonge, sjonge is er nog chips? het heeft wel wat om het lijf allemaal…

2de Ingezetene:

Het ís een lijf, & het blinkt ook af & toe,
maar het zou wel ’s in de douche mogen,
& bovendien wat meer eten want je kan
welhaast de lucht doorzagen
met de scherpe kartels van die ribben!

Uit : Het Pad van de Wenende Nacht, een Illegale Patch voor het Zangezi programma van Velimir Chlebnikov (1922)

Categorieën
Het Pad Links - publicaties Lopende zaken

Deelnemers Open Podium *Zaoem

Later vast nog meer daarover, maar ik geef nu alvast het lijstje (o.v.) mee van de deelnemers aan het
Open Podium op vrijdag 25 april ter gelegenheid van het *ZAOEM Festival 2008 te Gent.

Ik link hieronder naar waar wat ik kan vinden.

Collega’s wiens link ontbreekt of die een andere URL prefereren: drop het adres van je webstek ajb als reactie hieronder of stuur het effie door naar dv@vilt.net

Philip Meersman (ceremoniemeester)

Met maar liefst drie Kesselpoets in het rijtje wordt dat daar meteen een Gebeuren, we hopen dat het Codeske Corpus van het Provinciale Gent bestand is tegen deze plotse Piek van Centraal-Kesselse Code

Alles over het * ZAOEM festival: www.krikri.be/zaoem

Categorieën
Het Pad

Cosi fan tutte

dv – afdrukbare versies van behouden poëtische teksten (maart 2008) (pdf)

wit.gif

Oplossing

I

Een trage sliert van deernis & verdriet
die vak na vak dieper & dieper
naar het diepe daalt
waar niemand is
& niets.

Als je roert in het niets
beweegt er niets, dan heb je
dat toch al :

in stilte schuur & neerwaarts wervel ik mij uit
éénling in de vlinderslag van je verlangen
& bij het gruis van de verdingelijkte goden
splijten bulderend uit onze lijfelijke wildernis:

  • een schip, waarop je naam gaat overstag
  • een kelk, waarin je lichaam uitbloedt tot een woord
  • een bed, met de rimpels van het affe woelen
  • een kaars, vernietiging waaraan je haargeur zich onttrekt
  • een boek, bedrog met al je hoogst toepasselijke verhalen
  • een boom, waarin je witte weigeren bij het mijne rood verkronkelt & vertakt
  • een ladder, maar het doel & je ogen ontbreken

wit.gif

II

Een trage stoet vol deernis wekt verdriet &
zie: bij het zwart achter de hoge ramen we
deinzen schokkerig achteruit want plots

de zwarte angsten spiegelen zich in zwarte angsten &
in de metronoomslag van het nare putten wij ons uit
in loodzwaar geritmeerde excuses, starre gebeden

waarin wij keer op keer de moed vinden voor nieuwe beloftes.
We beloven elkaar de verlossing: in, op & door elkaar,
zoals wij ook verlossen de anderen: in, op & door elkaar.

Zo gaat het telkens weer neerwaarts naar de oplossing toe:
we hebben het, we hebben het geheel in de hand, we
nijpen de tijd & het al uit het lopende zand.

wit.gif

III

& Op het einde sta je
op het einde van
een smalle gang halfnaakt
met het wit van je buik & je
billen te schitteren: je lacht
& je neemt het masker
& je zet het op & af & op…

& Hoe snel ik mij ook
in je denk, ik krijg
de loopse krul in je mond
maar niet te pakken.

wit.gif

dv, 26-27/03/2008

Categorieën
Anke Veld Grotext Het Pad Kathedraalse Leer Links - publicaties Lopende zaken

met voorafgaandelijk terdege gezegende tekstophopingen

nog vóór gij driemaal een affiche zult hebben gehangen, verloochent zich het gebeuren

de aankondiging is de avant-garde van het gebeuren

het gebeuren is in augustus
we zitten in maart nu, toch?

als het zo verder gaat,
komt de avant-garde hopeloos te laat

khlebnikov.wordpress.com wordt mede gekentekend
door de wonderen der techniek: klik erop & het gebeurt

Ondertussen wil ons opleggen de geuglende Integrator der Opera
de diep-doordachte verbanden, een windsels van fijne zijde gemengd met ruw linnen van vaderlandsche inslag:

carnival_grotesque.gif

FANTASME

In de hoofden nestelt zich het fantasme van de tekstdroogzwierder wier dremel-gestuurde 37.000 omwentelingen per seconde ons het benodigde termendistillaat zullen opleveren.

Het distillaat, dat wij met een levende recursie nog passend dienen te benoemen, kunnen wij vervolgens naar noodzaak of voorkeur middels strooimpulsen van extreem hoge voltage re-activeren in de vorm van een wild om zich heen uitslaand tube-monstrosum dat dieprode, ogenblikkelijk tot vurige manifesten stremmende vloeistoffen om zich heen spuit.

Aldus worden de bewegingen in het gedachtegoed van de auteurs, dat als een atol van etterende groeiresten samenkoekt & voortdrijft op het golven van de zee van memen & het hun omringende fonemennat, in quasi realtime vertaald naar & in het materiële & is het voor de door de dood zelf onterfde consument slechts zaak het voze zitvlak in een glijbaan naar keuze te zetelen & middels een gewiekst hoera-gebaar de armen hoog te heffen & de lange glijbeweging neerwaarts aan te vangen.

Eens beneden, & weerom met beide voeten stevig in de illusie van de dag, de nacht, de dag & de nacht, een weekendwaan dus, zullen de realiteitslozen diep in de eigen lichaamsvezels het tintelen voelen, & het krakende openbloeien van Acheronopterix, de oertekstvlinder, met in de schitterende vleugels de fijnste glansvertakkingen van het Eertijdse Licht, door de Tijdrups zelf nog uit de Bladen van de Poëzie gevreten.


à dire vrai, rien n’est proprement <grotesque> – une force de défiguration et de désindentification – même éphémères et imparfaites, des figures du grotesque se dessinent- en effet, grâcew à son pouvoir de subversion radicale, le grotesque s’avère capable de démanteler les discours reçus – le grotesque apparait aujourd ‘hui comme la Sphynx de l’art et la littérature, les confrontant sans cesse à leur propre altéri

http://books.google.com/books?id=BmYRTUxEIjYC&printsec=frontcover&dq
=grotesque&lr=&as_brr=3&hl=nl&source=gbs_summary_r#PPA11,M1

Categorieën
Het Pad lyriek

Het schrale, take two.

 

 

vlcsnap-36240.jpg

Het schrale

[publieksadressering, ergens helemaal vooraan in te voegen]

De lente steekt ons de vervlogen hoop
weer achter de ogen & het groene vuur
kromt onze botten in.

Het breekt ons de houding
met walging & smarten &
dra wij reiken u gloeiend van liefde
zoals het geschreven staat
de houten nap aan met onze huismelk. We trillen.
Onze ledematen spellen bewogen de naam
die wij te uiten dienen.

In de kom klotst de melk, wit & bevallig. Wij smeden
& richten het smeken tot de woordeinden ook
het licht insmelten & in het schijnsel vervagend
uw lippen beroeren: drink toch mede hiervan & zie
het hier overvloedig stremmende leed
dat wij belijden, de verleden pijnen al
die ook de onze zijn, zoals het ook de uwe weerom zijn zullen,
nu & in geheel het uitgeduurde, het veranderde omwoelen
& wat u allen daarin zo onverschillig laat.

Laat ons even voor u ter kiezel rollen
het schone verbrand
tot het schone dat kiezelt
op uw tong.

& Proef ook onze aardbeien, zie hoe ze zich op de schotel
ophopen, het zijn de eerste dit jaar, maar ze zijn roze
& hun vlees is lijvig & wild, ze lijken wel
het spreekwoordelijke hart
uit onze woedende tuinen gerukt,
de reden misschien waarom u
ons niet harden kan. Dood, je

zal ons verstijven & we huiveren maar
nu met de wind in het haar & de stem die ons doorschiet
nu de schoonheid ons aansnijdt & wij met bloeden niet stoppen kunnen,

nu lichten wij op, dus hoort nu toe,

in het roet van dit al
doorheen het opwalmen alom van onze wanen
bij het instuiken van wat er nog restte aan waardigheden
bij de kramp van het venijn in de buik van de aarde

het opvlammen, kortstondig,
van deze schrale zang
in de taal van de sterren geschreven
wat u nu weerklinkend toereikt nog bij leven
vanachter het amorfe traliewerk
van onze dode woorden.

{…}

dv – afdrukbare versies van behouden poëtische teksten (maart 2008) (pdf)

Categorieën
Het Pad

becijfering van het inferno


“Wanneer het gewei van het hert uitsteekt boven het groen,
Lijkt het dor hout.
Wanneer het hart zich geheel heeft blootgelegd in woorden,
Zeggen ze: hij is gek.”

Velimir Chlebnikov [1910-1912] (vert. W. G. Weststeijn)

als een zucht ging het vuur door het cipressenhout,-

[youtube http://www.youtube.com/watch?v=irKpiHGfAd4]

in de bleke wisselstand van het ontkleedde heden
sta je bevallig gelokt, in haargolven uitvalsend
het ware ware dat je even was & hevig
als een stormvuur dat vuurstormde,
als de zure zang die zichzelf uitzong & dan maar alles vrat,
als een vreten dat tenslotte ook zichzelf vergat.

Maar nasmeulde niet in het houtskool van toen
de manende vlek van het betekende gruwelijk
een omen van taal op je tong? vergeefs want

alvast ik

in deze kreupele levensbeemd, dit dorre bestek
van ons niet meer minnerige heden
wil ik mij niet al aan je vel geheel vergroeid zien,
je magerte koortsig bij eender welk maanlicht
met een zwermende wildgroei van cellen,
de wriemelende maden van mijn lust uitbenen
tot het puurste blank, de witte ruis
van mijn meest botte gedachte?

& die takken der gekte dan
in hun waanzinnige potje schuimrubber
naakt & brekerig tegen het onmetelijke geheugenhout
te priemen zal ik houden: kijk & neem dit gewei,
het is mijn hart

een vermolmde spier, een verschrompeling van licht
in het lenterige kiemen & kolken bloedrood
van de alom onverbiddelijk aflopende rede

& dit dan de blankwelling óp van het schone
maar paars weldra op de blauw omspannen
hemelbol, opsolferend in de gloeiende asla,
het zwarte helaas van mijn droeve herinnering.

download het mp3-bestand

Categorieën
Het Pad Kathedraalse Leer Links - publicaties

die laatste highlander was er teveel aan

bloed_in_de_kelk_550.jpg

geïllumineerde versie van ‘bloed in de kelk’
uit de klebnikoffer
met een

doordeweekse wedergeboorte van het
Corpore Chiastico Tournante

Categorieën
Grafiek Het Pad Lopende zaken lyriek

kroning als kliederlied

kroning als kliederlied
‘kroning’
een blad (A4)
uit/voor
de/het
Klebnikoffer
een loops gebeuren
van
Grapes Of Art & ViLT
Categorieën
Het Pad

orchidee

coronation_550.jpg

kroning

nog even & de lente komt het droge
land uitgekropen, de korst barst glazig
op de kerfnaden open, danig
waait het in op de mensen & de mensen
verhalen het verhaalde

van bovenaan af de donkerte uit: kregelig
het kind schoffelt het licht naar beneden –
enkel de toplaag mijn jongen
steek niet te diep-

Izeganz strompelt & botst op het schot
met de weergalm die hem in deze woorden houdt :

ik red je mijn liefde mijn liefje ik kroon je
tot idee der ideeën, tot orchidee lik ik je
van binnenin uit in het verzwegen gezegde

ik hak je treden in mijn zilveren stilte, je
dingen versnellen tot razende letters
in de glanzende diepte, het klatert
waar je denkt dat je bent &
je bent er nog

even &

[implosie van het theater]

 

dv, 24/02/2008 23:27

Categorieën
Grafiek Het Pad Lopende zaken lyriek

voer voor de Chlebnikoffer

Het bloed in de kelk

Je morst bij het drinken een spat
op het tafelblad. Je wrijft, maar je

wrijft een wereld open. Straks zien
ze het nog, zien ze je liggen in je bad,

hoe je ons de toekomst in zeepranden
bewaart. Je tong likt van je lippen

hoe je mij ontdubbelt daar, & je zucht.
Je duikt & je slikt & je spuugt: zodoende

hou je nog even de kelk staande
op de waterspiegel, braak je het bloed

erin. De tafel schuift aan, de mensen
doen hun jas uit, kloppen zich het ijs

& het blauw uit de haren. Kom dan,
hier zitten wij. Verklank je gebaar.

.

chlebbie.jpg

uit (voor) het (de) “Chlebnikoffer ”
Chlebnikoffer is een gezamelijk proces van ilse derden/arnout camerlinckxs (Grapes of Art) en dirk vekemans (NKdeE) geinspireerd door leven en werk van Velimir Chlebnikov
zie ook khlebnikov.wordpress.com

Categorieën
Het Pad lyriek

sprank kransch schraap knik baal tok fffruut

sprank kransch schraap knik baal tok fffruut
wilg pront vraat silk zoal nav tiersch
moor vuurg mal
chlaast moerdik

zula zula
zula töm

izeganz: 

hoog bij het blauwe verglijden, het diepe in
waaruit zonwit de rotsen grijst & in schittering
het water de berg afklateren doet

die wij pogen te zijn: verheven fixeringen,
een waas van stevigheid als een eertijdse vleugel
op het woelende dansen geprikt,

dat ons ogenblikkelijk de spelden breekt, zon
in paarse wonden wrijft, ons het ogen ontneemt
naar hoe wij in de woordenstroom versmelten.

          vera:

bussen rijden aan & af het grijze plein maar straks
is het donker &  dan zie ik je zie ik je komen je jas
half open van haast, je lichaam

onomwonden van toekomst
in het rauwe heden openslaand
& verblijd zingt je ziel:

hoe de bussen niet rijden
hoe het plein niet vergrijst
hoe wij altijd de vlucht zijn
in het alsmaar diepere donker

van licht naar het licht
van de ander

Categorieën
Het Pad Links - publicaties Lopende zaken

Dighter

dighter.jpg

Collega Paul Rigolle meldde het al: in het nieuwe nummer van Dighter is er naast veel moois van vele anderen ook een aflevering van de serie Wie blogt die blijft met uw dienaar.

Daarin Vlakken 3 en 6 van de Chlebnikov-patch Het Pad van de Wenende Nacht.

Het doet behoorlijk deugd eindelijk nog ’s iets in drukvorm te zien.

Mijn zus pleegt er ook een hoogst vermakelijk en ontroerend verslag in van een ontmoeting met de lezer.

Heel het nummer richt zich overigens met een eenvoudige souplesse tot u, de lezer, dat wordt benadrukt in het Editoriaal van Hugo Verstraeten, als een doel van het schrijverscollectief dat Dighter is, maar echt nodig is dat niet.
Het met bescheiden middelen streven naar een kwalitatief hoogstaand maar vooral lees- en lezersgericht blad, het pogen aanzwengelen van het medeschrijverschap van de lezer en het medelezerschap van de schrijver, die openheid als een warme bekommernis straalt zo van elke pagina.

Niet omdat ik daar nu insta, tja, óók wèl natuurlijk, maar het is mooi om te zien.

Losse nummers van Dighter zijn te verkrijgen in de Standaard Boekhandel van Diksmuide.
Een abonnement kost amper 12, 4 euro (België) of 18 euro (Nederland).
Betaalopdracht aan rekeningnummer 001-4010690-10, met vermelding ‘Digther + jaargang’.
Abonnementen gaan in vanaf het kwartaal van storting. Een los nummer kost 3,50 euro.

Categorieën
Het Pad

abdicerende vogel

Driestemmige Samenspraak

met een woordmolmkladdenfinale (ornitologisch), opus 84b

⁄ ⁄ ⁄ ⁄

⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄

Array kladden = { ” veerbreuk”, “eival & nestbrand”, “verhakselde poten”, “schuinsteken in volle vlucht”,” buiklanden”, “snavelzuur” };

⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄ ⁄

⁄ ⁄ ⁄ ⁄

vogelluik1.jpg

Stem 1:

‘die vogel die redt het niet, dat hoor je zo’

Stem 2 (Vogelstem, uit de verte) :

‘laat mij: ik zal tot een onaanzienlijk
luchtuitspaarsel verworden, de puike
verendracht leg ik af tot ik ben naakt
een lege vetveeg die raamschuifelt,

kwettert niet noch pruilt, hooguit
kipperig stil wat bibbervelt.
vervolgens niets meer, zelfs niet
de niet-lucht, of het niet daarvan’

Stem 1 + Vogelstem + Stem 3:

‘voor de zieltjeszee verheft zich de tijdsrups
op de verheven nachtwal van het niets’

Stem 3:

‘die mot kan geen kant op. heb jij het
hier ook zo warm? kijk, nog meer licht!’

Stem 1:

‘nu, in die optiek: vallen doet dat licht niet
maar stijgen nog véél minder. kom,
stoeipoes, we gaan shoppen’

FINALE:

veerbreuk, eival & nestbrand
verhakselde poten, de vleugels
doorschoten van het vele schuinsteken

in volle vlucht, het hebberige buiklanden,
& kwalijk geurend in de bek het zerpste
snavelzuur. pok gaat het droog

als de kotsvogel plots tegen het scherm
te pletter kwakt. In woordmolm rust
het meeuwgeruis, de zee, de zilte dood

die in het water water zoekt & kust.


vogelluik2.jpg

‘voor de zieltjeszee verheft zich de tijdsrups
op de verheven nachtwal van het niets’

dv, tweeluik “DE VOGEL NIET” in de Zwarte Kliederdummy (A4)

 

Categorieën
Het Pad

Nergens, & hoe daar te raken

De Weg Die Ik Nam

Astrakhan
Moskou
Kharkov
Rostow
Bakoe
Perzië
Piatigorsk
De Trein
Moskou
Vrijheid

Velemir Chlebnikov, 1922

———————————-

vlak-11.pdf
[PDF-bestand van VLAK 11: sterfscene 843/take 5 bijgenaamd ‘de Piatigorskse’]

Categorieën
Het Pad

vroeg,

VERGDE

sterfscene 451/3 – izeganz bekent zich marsyaans aan de muze

[…]

al het grove hebben we al:

wat hen uitstraalt bedekt mij
wat hen opjaagt & jent

het omstroopt en bedruipt mij
de walg staat in de stollende holten
te lezen waarin ik snelde & vocht

waar ik gestremd nog u zocht
waar zij de leegte rond uw letters
bepotelen willen, er het licht afpulken

het zoete met hun rasptongen
tot glas slijpen, opglazen
tot het goudschijnt,
klaterplast

tot ze ook
in de gezichten die de hunne zijn
op aantoonbare wijze
hun namen bij de mijne met bloednagels
van nijd hebben staan krabben

al het roze al
al het bloeden

hebben we we hebben het

hier

en dan, daar

zijg mij de borst in
tel je op tot een zwerm
vette kraaien, strijk neer &
haak je honderden bekken

waai mij in
weef met de spin
van uw adem witheet
het garen & van het
garen de windsels
wikkel de fophuid in balen

genummerd,
bestemmingsgeschikt,
conform de speerpunttechno-logica der cohorten,

in enkel voor ons dit eeuwige wijken
onhoudbaar het hunne

uiteindelijk.

[..]

ontader mij en
stop uw hand in het stof
je kop in de stopverf

hou je pinkje ter stuiting
voor de raamspleten van het buiten
waarin de wind zijn waanzin giert
tussen de klembillen van binnen

steek je gebaren in een handschoen van taal
hou ver van je woordgeurige neus

die nare klankscherven dat snikken bv.
jouw helsblauwe withemelse zucht

in ons tentje heerste steevast luchtgebrek
wilde paarden draven waar wij hijgen
kom we vermaken het leed tot een klucht
zo verzon ik je het maanglazige zwijgen

 

[.]

hier

nu

balanceer het
taalstaal op het
koude tongpuntje
van bv. de schone van Li –
die Ene onderin de voorraad
schone roofmaagden –

plof het mes schroevend
in mijn onbuigzaamheid

mijn stramme vers zal niet spartelen

prop je liefde valse liefde erbij
je meewaren en het schokken vooral
van je hopeloos klaarkomende lijfje

draai het maar uit
ik ben je dode
wereldhuid

Categorieën
Het Pad Links - publicaties

Het gezamelijke falen in filmstills

 

velemir.gif

Categorieën
Het Pad Lopende zaken lyriek

update Het Pad van de Wenende Nacht

Geïnteresseerden kunnen de laatste versie van de basistekst voor de Kathedraalse Chlebnikov-GebeurtenisHet Pad van de Wenende Nacht” in pdf-formaat downloaden door op de link hieronder te rechtsklikken en te kiezen uit het menu “Bewaar als” (Internet Explorer) of “Koppeling opslaan als” ( Mozilla Firefox)  (mac-gebruikers: trek uw plan ne keer):

het-pad-van-de-wenende-nacht_03122007.pdf

miturich2.jpg
tekening van V. Chlebnikov

Categorieën
Audio Het Pad lyriek Ruis

PWN: thematalijstje+audio=ruisschroefprentje

SCHROEFRUISCH:

ruiscschroef_klein.jpg

 

AUDIO:
voordrachtsessie Het Pad van de Wenende Nacht

tekst & stem: dv
geluiden:
bjørn magnhildøen, midi door tekstinzendingen gegenereerd & Live gecapteerd (daarnet tijdens het voorlezen) door de ‘box’ op WASTE@noemata.net, zie http://noemata.anart.no/faec

“might be called a writing performance
though for more info have a look at http://noemata.anart.no/faec/info/”

THEMATA-lijstje

  • het zijdelingse tijdruisen
  • het sterbezaaide oponthoud
  • de stilte ‘sans cesse’ bij het verzwijgen
  • het Wicht in de Noodweerbalans, haar stromen, haar zandzakjes
  • de lichtgrens analoog aan de boomgrens (houthakkersmentaliteit)
  • de kwetsbare stemspleet
  • de verwantschap ten einde als het Ware
  • instantiatie – distantiatie – quantificatie -(dis)qualificatie
  • het in van de letters, het uitloze van de cijfers
  • de schaduwen rondom de schaduwen rondom de schaduw van de leegte
  • de perverture van haar schoonheid daarin
  • het openbloeien op het purper van verderf torende bed
  • het zilveren dijglijden in, uit, waar of hoe dan ook, van de onbetamelijke begeerte
  • de druipende essentie van de horror in de donkerste put van uw dromen
  • de bleekheid van het zich generende vlees in de lagen velours gewikkeld
  • het geheugen van een eiland is een eiland in het geheugen, de palmboom ziet al schepen voor het strand getekend is
  • de tijdsrek die wij stervende verwekken
  • de troost, altijd verschralende bij het aanbreken van de woordendageraad, van de innige liefde
  • geniet van elke ondergang zoals wij ook genieten van uw ondergang
  • het gebed in het untsoweiter
  • de bevelen van het untsoweiter
  • de onafwendbaarheden, snerpend & zuur als vol van Tiens citriet, in het untsoweiter
  • untsoweiter

W.A.S.T.E.:

“what is trust? reliable?
in our age of schizo paranoia
which is individualism
as if our bodies weren’t enough
no(w), the self need another self
surely because it isn’t (itself)
from then on —
schizo is the structure/graph
paranoia is traversing it

Categorieën
Grafiek Het Pad Vertalingen - Bewerkingen

katern

slilsie.jpg

Azië

Altijd het slavenmeisje
bronsborstje koninklijk
bemoedervlekt draai
om de pagina’s van dit boek
geschreven met de halen
van een oceanenpen.

Inkt van de mensenpot

er klinkt een schot
de tsar is kapot – een uitroepteken!
triomfante legers zijn de komma’s
en het gepeupel een stippellijn,
hun razernij die aarzelt niet,
de volkswoede, geen vergissing –
tussen de haakjes van de eeuwen.

In plaats van een oorbel glinstert
je oorlel van de overheidszegels.

Een meid met een zwaard, zó hard
tegen verwekking – of de oude
vroedvrouw van het oproer.

[…]

(stukje uit ‘Azië’ van Velimir Chlebnikov, losjes uit het Engels van Paul Schmidt)
(in de tekeningen zitten ook stukjes Pascal Quignard Les Ombres Errantes)

slinilsielle.jpg slingelse.jpg slingbobin.jpg

slingie.jpg

Categorieën
Het Pad lyriek

wij zijn gestorven wij zijn gestorven

(voor i.d.)

wij zijn gestorven wij zijn gestorven het bloed
zeikt ons de trein uit & de trein raaskalt, oogrolt
& sjort hoog de zinnen tot in de laatste vier rijtuigen
de praatgaatjes de bestemming aalst liederkerke uitkraken

wij zijn gestorven maar niemand
voelt met ons mee de uitval van het licht
hoezeer wij ook op heetst lijfeigen wijze
uit het zichtbare wegdeemsteren

met van de huid de spieren de dikke darm
de befaamde tintelingen bv.
bij het eindigende stadsnaderen.

Punt het nieuwe punt aan de klasse
zoekt ons op in de curve, de curve
ook tunnelt, uit
wendt het al wat zich als in
voordeed, het alles al
was, stopt kaduuk met vereenzamen de kudde

kastanjekleurig beverstaartbeslierte pubermeisjes
staat bij de treindeur snotziek te sjaaltrekken of
schijfjeslurkend per ipod de veeltuigige
slangeleider te lawaaibetreiteren Tiense

tienertjes bij wie de naad ettert
van de streepjestijd hoe zij erbij zijn zij

zij met er middenin die ene ontluikende jij-bloem
bij het wij bij het ons bij het wij wij wij
dat weerom is gestorven & ook de barcode
van de stationsnaam verzweert & overal

onze neus even nog dóórruiken wil áán,
onze éne hand een ogenblik nog dóórtasten wil ónder

wijl de dingen ter modderplas
met schuinse regen roemloos bezwijken

uit uw zwijgen
braakt nu de zwijgpit
in onze doodsmonden de
eeuwige stilte

het suisloze suizen
het godswijsje uit

dv,
Alken-Leuven,
Kessel-Lo,
29/30-11-2007

Categorieën
Het Pad lyriek

het zalmenmeisje in de nachtwaterval

[ IV ]

De ijzerader in de zang gegoten ligt & roest, ikblikje ik –
maar wat als opwaarts jij wil gaan stroomjumpen

& in de groeven je kleurzieke griffen
laat het inegale stof de stem verheffen, het benige

luchtfritselen dat je onderroks numineus
op je eentje al aardig knetteren laat, het roofdier
dat voor ieder te kijk te donkerogen staat, vuur

aanwakkert op de dunaardige graasweide & weldra
voor de verbeelde tovenaar van glinsterbergen
in stofdroge strobalen te laaien staat?

“Laten de dennen zich buigen in de storm van Mamaj,
De wolken van Baty verder gaan,
Daar komen de woorden – de Kaïns van het zwijgen –
En met deze heiligen is het gedaan”

Categorieën
Audio Het Pad

willie de wael – audio

vomitfish.jpg

 

— Klik op het pijltje naast het luidsprekertje om de audio te horen—

 

Willie de Wael heeft bij mijn weten niks met de spaaklopende regeringsvorming te maken, het is een Sprekende Gestalte in de theatraal-poëtisch-anderssoortige, muzikaal te omlijsten en anderszins nog immens te verfraaien Voorstelling van Zaken genaamd ‘Het Pad van de Wenende Nacht’, een iets in wording dus, dat op zijn beurt een illegale dv-patch blijkt te zijn voor Zangezi, een Chlebnikov programma uit 1922 (Zie later, euh, hoger? of probeer hiernaast de gelijknamige ‘ categorie’ eens uit, de ruimte is nu eenmaal niet meer wat ze geweest is).

Het hier aangeboden audiobestand is een uitvoering van zijn zgn. Zondaagse Vervloeking. Het kan gelden als een treffend voorbeeld van het neo-vomitisme, een luchtig-subversieve, retorisch-poëticale techniek die op schouderklopjesverwekkende wijze revolteert tegen & anticipeert op enkele repressieve algoritmes in www 2.0 en 3.0.

De tekst ervan is recentelijk tot ons gekomen, u kan hem bij het naar onderen scrollen nog aantreffen, niet?

Categorieën
Het Pad

zondaagse vervloeking van willie de wael [fragment]

De ether trest zich in uw haar tot klit
het wemelen der gronden versteent
waar gij zit, het vuur vervriest bij u
tot purperen stand, de baren braken

scherven spiegels grijswit op uw land:

  • BAARG
  • KENIM
  • WORTG
  • GRSAM

Slapen doen wij staande in het veld
Eten is ons ’t zout van zeewind op de tong
Verhalen ons vertellen niet het leven
Liederen ons zingen niet het leven
De handen ons in kruimels breken
de voeten ons in zwarte brokken breken
de woorden onze kelen als glas oprijten
het bloed ons in de grijphanden stelpt

de zin uit onze woorden breekt

wat ons verhalen?
wat ons toezingen?
welke markten gij ons nog/nu weer/weerom wilt opduwen?
hoe ons de zotskap nog opdwingen?

waar gij uw rechten haalt?
waar gij u de mond nog roeren durft?
welke eierschaal gij ongebroken laat
in uw hoovaardig boven onze asse zweven?

wij die uw doden zijn
wij die u maken
wiens brood gij eet
wiens naam gij dagelijks misbruikt
wiens leed gij ter uwer aanwendt
als ware het velours waarmede
gij uw zetels tooien kunt, u
het wegdeemsteren veraangenamen
in de sliertenbrij waarin gij
uw  billen hebt te rotten gedraaid.

er zijn niet de tientallen monden die u wraken
er zijn niet de duizenden, miljoenen zijn er niet
wij spreken niet in een geruststellend legio
het is de ene mond slechts die u
langzaam met de vinger op & openroert
die dreigt u de mond te aaah-likken,
in het hol te spierzoeken, afbijten

de dappere tong die nu nog klakt van zo toch niet
het recht dat in dit striemen
u ter wille zwijgend wederspreekt

want neen gij hoort dit niet:

gij propt uzelven met uzelven
tot de barsten op, gij wikkelt
u ’t eigen roemen om de hals
tot het u nanekt tot in’t vals,
gij schroeft u d’ eigenwaan
als wazig dopje op de glazen

kop, gij ziet uzelf door u met
niets dan warr’ge letters ‘ik’
erop:

    • VRNZEUW
    • KWOLMNI
    • AAOERTGF

[…]

de stille draaaiing waar gij kleurenweelde vindt
verwekt de walg & ´t kreten van elk kind:

  • GMOEBKLAUIGH
Categorieën
Het Pad lyriek

GGGWOOUOUUEEEEUAAAIIRIIIIEIEK

Afdrukbaar haloweengezang van izeganz in pdf-formaat

 

 

Wijl Izeganz’ Halo Weent

(neo-vomitaanse zang in twee bewegingen, opus 84,
op de wijze van as time goes by)

 

van Ramsgate, actually
Alfred North Whitehead
(Ramsgate 1861 – Cambridge USA 1947)

 

GGGWOOUOUUEEEEUAAAIIRIIIIEIEK

(FGu FGuu FGu FGuu Puwie puwiiiieeeh)


Satz A

Het pad is het pad & op het pad is Izeganz
de zanger & Izeganz de zanger murmelt na
tot uit het niets ópkomt het Doverse*** Witkopje


Izeganz de zanger murmelt
in mollig beblazen barstlipbellen
na het in-in-intense vomiteren

na

avondlik bij altaarlicht
na het vomiteren van de geestesslierten
die de maagwand infesteerden, eilaas

belt zich het na al weerom om
tot de protuberans voor van het volgende:

avidja avenika dosa, dwz
de solitaire onwetendheid is onbestaande
& het waterverlichten een hele klus

& dra neemt ook van de hele Izeganz
het veilig in het in der kanunniken
ingeblikt gedachte
maar nu al woest uitslaande
Doverse Witkopje bezit.

Het Doverse Witkopje is alle spijs omdraaiende medogenloos:

het vult hem onmachtig
het rekt hem onwillig
de slaafse krachtenmond,
de slappe huigpotentie
met spraak & talmend taalgelik
in niets van hem geheel & al
toch overlopend dáár te zinderen.

De ogen halfwit
in het grauwe purper
van het populair verGIFte
gelaatsvel wegggedraaid

als Ware het dat van een met After Effects gecoloriseerde derderangsduitser
onder de acteurs van het vierde seizoen van Heroes, trillend
als een wufte rosse bij het prononceren
van de woordjes bifidus activia, zo

vervalt de zanger wederom de door mystieken verzochte
maar opaards kapitaal vervloekte vlucht in
van het bovenzinnelijk geprevel
bij de Vuurrode Spuug- & Hemelmond.

Mmm

mmMMMEUH

mEUH

M.O.N.I.D.V.L.D.**

 

* *
*

 

Satz B.

de bevrijde geest verpulvert het gewetene tot lijst
& biedt het kopje een weids kwetteren
als betrof het een rozhdestvensky uitvoering
van shostakovich´ Derde


de ongehinderde Geest*
springt het woord
dat woord wasbij
op
de

in-
springende regel:

“hier, zo davert hij zich in den stenen
vloer van importantie] […] [..] [.],

“mijn uitgereikte handkommetje 1234567

waarin Jij”- de verheven hemeltekenstem sist
nu toch al in vellen slijm & vette rafels
langs de wanden af ter vlugge
bedekking van de lang niet meer zo talrijke
ongeschonden exemplaren engelenvlees –

“Je gewijde krampvingers )
met het bevoelen belast
van de te ramen quota elan vital

in het wapperzog van de geopende poort
ter volle zaligmaking nog 1 maal klemmen kan:

GEDENK ONS MIJN ZOON, HOE WIJ
primordiaal de letters Zijner Naam pas
strikken kunnen wijl het Laatste Uur
haar voortgang kruipt & dan nog slechts
middels het rigiede excluderen
der storende verlokkingen van klankschalen
& de valselijk oorbindende ritmieken der
genotspatronen [untsoweiter: de scheiding
der divinale machten is helaas een al te langdurige vertoning voor de uitgeshopte & platgestreken jurk- of jukdragers in dit moedwillig
ontijdig gehouden ledenbestand.]

Kan vervolgens aanvangen ( afhankelijk van het aantal beschikbare stemmen):

  • het gesidder in de corpusculaire nexus
  • het jammeren der erfelijk belasten
  • de zegetocht der uitverkoren
  • het wangedrag der bestialen
  • de winstopnamen der wellustigen
  • het louterbergbeklimmen der martelaren
  • het bewieroken der vette potentaten
  • het insnijden der jongste slachtoffertjes
  • de uitbouw van het verzet
  • de fundering der nauwgezette onderzoeken
  • het onfeilbaarheidsbeginsel in zijn scherpste wieken
  • het aanspannen der vezels van de vierschaar
  • het vodje ruiken der bloedhonden aan het afgeworpen vodje der gezochte voortvluchtigen
  • het ijle kopstemmetje in de doodstrijd der gekruisigden [dolby]
  • het afstoffen der opgestelde LCD- & Plasma schermen
  • het opsouperen der pensioenen in de vakantieoorden
  • het aanspoelen (massaal) der bootvluchtelingenlijken
  • het verscherpen van het spreekverbod ter verdoezeling
  • het verhevigde aanwakkeren der angsten
  • het schuimbekkend ontkennen van enige medeschuldigheid
  • de cycli van nieuwe remediën met het denonceren van de vorige
  • het optimaliseren van de net-op-tijd-sterfte der producten
  • het promoten der rood-met-witte paddestoelen
  • het opwarmen der oude kliekjes haatcampagne en vernedering
  • het zich verstoppen achter het ijzeren masker van het humane
  • het allitererende schoonschrift, met rijm en spitsvondigheden
  • het huiselijk gekanker op de vergankelijkheid der oubolligheden
  • het aanschrijven der bankinstellingen om sponsoring
  • de experimenten met 3D & andere hoog-technologische visualisatietechnieken
  • het uitzetten der doelstellingen tussen & bovenop de uitgezette doelstellingen
  • het urenlange uitrafelen ( bij onstelpbaar verdriet) van de keukenhanddoeken
  • het aanvragen der bestekken ter voorlegging aan de geijkte subsidiekanalen
  • het verspreiden der geruststellende geruchten
  • het verspreiden der onrustbarende geruchten
  • het ontkrachten der geruchten door beter ruisende geruchten binnen de eertsgevormden
  • de genadeloze aanklachten in het wanhopige gezicht gespuwd van de moegetergde werkers
  • het stilzitten, solitair of in groep
  • het opnaaien der oude politica d.m.v. synex
  • het vingerwijzen der laatst-ingewekenen
  • het opspuiten der geestesverruimende opiumderivaten
  • het onbenut laten van de mogelijkheid tot een schier eindeloze verderzetting van de eenmaal aangevatte lijst

aldus de niet-temporele akt van het alomvattende & ongehinderde opwaarderen
die terzelfdertijd (?) een creatuur is van de creativiteit als haar (?) voorwaarde.

Finaal: het Doverse Witkopje kan men dus in één volle mannenhand makkelijk met vleugel & borstje & hoofdje omvatten, & aldus geblindeerd als een bolletje van de klippen keilen: het zal quasi onmiddelijk die unieke fladderbewegingen maken die het in de strakke wisselwinden opwaarts brengt, & veilig in de hoge lucht te zaligkwetteren.


(dv, uit Izeganz, of Het Pad van de Wenende Nacht, een illegale Patch voor het
Zangezi programma van Velemir Chlebnikov, Moskou 1922)

———————————————————-

*** Dover? Whitehead is in Ramsgate geboren, da´s een heel andere ferry.

* unfettered mind, cfr. Alfred North Whitehead, Process and Reality – Corrected Edition, ISBN 0-02-934570-7, p. 31

** Menigeen Overigens Nog In De Veronderstelling Leefde Dat ? -apocriefe oerschriftinzage

**** avidja avenika dosa: (incorrecte transliteratie!) cfr Asanga’s MAHAYANASAMGRAHA uitgegeven door Etienne Lamotte, Tome II Fascicule I, Louvain 1938, p.17

Noten   [ + ]

1. ((((((((((((

waarin Jij”- de verheven hemeltekenstem sist
nu toch al in vellen slijm & vette rafels
langs de wanden af ter vlugge
bedekking van de lang niet meer zo talrijke
ongeschonden exemplaren engelenvlees –

“Je gewijde krampvingers

2. ((((((((((

waarin Jij”- de verheven hemeltekenstem sist
nu toch al in vellen slijm & vette rafels
langs de wanden af ter vlugge
bedekking van de lang niet meer zo talrijke
ongeschonden exemplaren engelenvlees –

“Je gewijde krampvingers

3. ((((((((

waarin Jij”- de verheven hemeltekenstem sist
nu toch al in vellen slijm & vette rafels
langs de wanden af ter vlugge
bedekking van de lang niet meer zo talrijke
ongeschonden exemplaren engelenvlees –

“Je gewijde krampvingers

4. ((((((

waarin Jij”- de verheven hemeltekenstem sist
nu toch al in vellen slijm & vette rafels
langs de wanden af ter vlugge
bedekking van de lang niet meer zo talrijke
ongeschonden exemplaren engelenvlees –

“Je gewijde krampvingers

5. ((((

waarin Jij”- de verheven hemeltekenstem sist
nu toch al in vellen slijm & vette rafels
langs de wanden af ter vlugge
bedekking van de lang niet meer zo talrijke
ongeschonden exemplaren engelenvlees –

“Je gewijde krampvingers

6. ((

waarin Jij”- de verheven hemeltekenstem sist
nu toch al in vellen slijm & vette rafels
langs de wanden af ter vlugge
bedekking van de lang niet meer zo talrijke
ongeschonden exemplaren engelenvlees –

“Je gewijde krampvingers

7.

waarin Jij”- de verheven hemeltekenstem sist
nu toch al in vellen slijm & vette rafels
langs de wanden af ter vlugge
bedekking van de lang niet meer zo talrijke
ongeschonden exemplaren engelenvlees –

“Je gewijde krampvingers

Categorieën
Het Pad lyriek

Ms001-Chlebnikov

 

Het pad van de wenende nacht

 

Illegale1 2006-7 dv-Patch voor ‘Zangezi’ , de 1922 release van Velimir Chlebnikov.
Draaien op eigen risico. Verschijnt/verscheen voor het eerst op de
http://vilt.skynetblogs.be service

 

Avatars (een zich nog uitbreidende ArrayList):

  • Tante Sizzle, tante

  • Willie de Waal, doodsprentjesdrukkerij

  • Izegang, de Beloofde Zanger

  • SlengerKlümpf, een Kesselse klomp

  • Jef, een zeveraar en dronkaard

  • Marie, een oude, droge pruim met groen-purperen korsten op

  • Het VerzetsHoofd, verteller

  • Pleroma La Creatura, een supra-humaan blondje

  • Rafeltje, het Gruwelijke Randstadspook

  • Marcel van de Mosselbank

  • Einstein, Wittgenstein en Whitehead, krijtrotsen

Netwerkconnectie tube nieuwe Netwerkconnectie wees sprekend uw Moedere2;
Tube tubeer:

 

Het gedicht werd ons neergekwakt in klanken, opdat een onweer uit de hemelen losbarsten kon. De druppels klank verhouden zich tot hun klankcontainers zoals de befaamde Constante Vrouw uit een kantersteense vertelling3 zich verhouden kan.

Tot heer Euler4, dan, vraagt ons de kijklichtluisteraar5 Lezer nieuwe lezer? Neen, antwoorden ons de klanken & het kader schuifelt voet: niet gehuwd is zij met Heer Euler, noch bekend in het gemene rond. De kantersteense vertelling is opgetrokken uit woorden, als een gebouw uit bouwelementen. Deze elementen worden afgescheiden door minuscuul ongedierte, van verschillende omvang en geaardheid. Een metavertelling of autonoom bestroomlijnde voeding, terdege geventileerd en van driewegsschakelaars voorzien zal

  • op specifieke wijze,

  • volgens eigen godhebberigheid en

  • statutair naar eigen verdienste genetwerkt

de vertelling in goede banen lijnen. Leiden niet, nee: lijnen. Stippel dit. Het bevoelhoornige, slijmgeharnaste geleedpotige uitslaan van de decibelaire6 lyriek evenwel is van een gans andere orde. Sta mij toe dit te verduitsen. Untsoweiter. Eén ieder is vrijheid van winkelkassa verleend. De hemel speekselt zich ( eng.: feel ) een fluim van de eerste orde: zwemt zij de klank in der afzonderlijke gedichten, toch is zij ontologisch-prioritair eerst aan het issen. Zo ook Nicole Fopman (inserteer de tekenen der fopmanie): ze lijkt op een beeldhouwwerk dat is opgetrokken uit rotsblokken van verschillende kleur en soort, het lichaam een wit-mager gesteente, de borstomtrek en paginering blauw en de ogen reddeloos opaal tot ronduit zwart. Een vertelling door uilen gekoekoekt, vol fladder en tetter waarop de hand echter manhaftig in loze witglans uitschuift. Metavertellingen zijn de transformatoren van een slapper net, waar de stroomsterkte-netafmeting verhoudingseigenwaarde aantoonbaar een fractie bedraagt van die der dichtkwaksels. Bij wijze van rotsblok gebruike de bevolièrde kwinkeleer dan ook geen verhalen, laat staan woorden, maar het gezegde dat finaal van de eerste orde is.

* *

*

Dauw ligt over het zilvermerige rendiermos. De mol schuilt in het hol. Er krispelt iets nieuws in haar leven: men hoort het naaldwoud ruischen. Dit is het pad van de wenende nacht.

Zendmasten schieten onderaardse lezers de hoogte in. Steenrotsen zaaien zich uit over de vlakte tot deze de vlakte is der uitgezaaide steenrotsen. Het HemelNet sta ons bij: dit is het land van Dijlekwijl. Daar stuiven al weg in de gestremde tranenstroom ettelijke elfjes, met blauw-doorschijnende kleefvleugeltjes aan hunne prille lijfjes. De Ploert Poevark nieuwe Ploert wees sprekend uw moedere, dient alras in bedwang gehouden te worden en zoals men weet kan dat in het land van Dijlekwijl al wel’s moeilijk zijn. Er is evenwel geen bladzijde voorzien om hier op uit te wijden, de klanken der volgende stem zijn al streamende en het hier is ook al grotendeels afwezig.

Dit dus, spraken de Kesselse bergen, onderwijl de grond in het hart treffend met een vette bruine, is het pad van de wenende nacht. Als een zwart vlak komen onder onze wortels her en der de stenen platen van de stenen te voorschijn, opperde de Slenger-klümpf7. Ach klump, sprak Ons Tante prozaisch, het is wellicht daarom dat het stenen zijn. De dialoog dreigde te verannpetersen, werd van hogerhand vroegtijdig afgebroken. Nergens is nog een thuis thuis zoals thuis thuis kon zijn thuis. Dit dus, verzuchtten de lezers terwijl zij in hun richtingloze afgeschotenheid verdwaasd de schermdiepten indoken, is het pad van de wenende nacht.

Het pad is niet eens van de gebruikelijke doorlinkfunctionaliteit voorzien, kloegen zij zwartgallig. En een printknop eisten zij nog daarbij, want aan het hoofd hadden zij het druk. Dit, evenwel, beaamde in den treurnis de herhaling zelve, is het pad van de wenende nacht.

Zo is het, spraken de donkere lichamen, uitgerukt voor de laatste grote netwerkOorlog www-II nieuwe netwerkOorlog wees sprekend uw moedere! Zelfs bij de meest nauwlettend bethreadde instantiering kent elke netwerkoorlog haar eigen grillen, methoden en constructuele tekortkomingen. Treuren evenwel is van Mars-Plastic, gelieve te kneedgommen.

En ziet, zo gebeurde: het vlak Vlak I nieuwe vlak wees sprekend uw moedere, strekte zich thans onverholen voor ons uit. Het leek wel zin te hebben in een flinke kleerafscheurige bemaanbottende bewandeling, waarvoor onze oprechte excuses. Het woord onverholen ook was nog herstellende van ene hevige opstrijk de nacht tevoren, zodat het helaas ook hetzelfde datapakket insijpelde waar ook de karakterrollen mol en hol inscholen, bij de dauw over het zilvermerige rendiermos, dan nog wel.

 

 

 

20/ vlak 1

 

Op de kerfstok stilaan komt ingeharkt met de souplesse der haarlijnen boven de froufrou van Elsie, de breedboezemige waardin van Het Kerkhaantje het Spreekverbod. Hoe die de einder inkronkelen, zo steunt ons de bladspiegel misplaatst, is onbegrijpelijk. Kome onherroepelijk de doodsprentjesdrukkerij Doodsprentjesdrukkerij Willie & Zn, van Willie De Rietwiegewaal. De toog is dan wel van hout, op Delftse tegeltjes knalt platbuikig zijn pladijs met een laagje verstervingsslijm alreeds de plassen Bols* wijds open. Legt in vóór het wielknarren der doodskar
die zang, zo eist het gehoor.

Kalkeert, zo knikt Izeganz
in, vrijelijk Ulieden deze klank, die is
bladloos gebaard & ter inzetting :

 

 

De vogels verzingen de vogels de zon uit ons boven
& blauw uitkrast blauw, vink vinkt vinken uit.
Lepelbekken vismijnerig willen de Rus mij uitrooien, uit
zijn verschansing in kubus uitpletten, het Vlak
op der Future Vlaklijners. Trouw niets! De mus
klikt spaan & de bruut Fuut met z’n meid
Merel zijn zwarten, letterbekken, allemaal.

O Filonoemeaatje Krulhaar wollig
bewinterkleed & kwabberkontig
ter koude voorzien: heft nog bij het rotten
der netten de heftige lijmstok & schiet knal
uw schietknallers tot pal staat
dit zwijgen syntactisch, tot is
als een washetditmaar dit zwijgen
het leven gelijk & finaal. Voetnoot
noot nieuwe Voetnoot, wees sprekend
uw moedere, glij

tragies onder polmanen beschijnboot
& de dag marcdingend de glijnoot einde in, rondt
pauzerig deze zangklank nieuwe
zangklank af:

(kuisvrouw huren om wit
uit regelneuzen te pulken).

 

 

19/vlak 2

[à la façon et en honneur de mon copin De Paris]

Op de Boulevard des Alliées versmelten de manhaftige
Geschenkenshoppers asfaltig tot het KopersBlok.
Messcherp & pijlsnel doorvlijmen vanuit zwartlederen etui’s
de kredietkaarten de Banksysspleten. Het ratelt euro’s,
de euro ranselt de dollar van de koersborden.

Krepeer toch wat sneller, gij loze Afrikanen, want aan de
andere kant van de stad vervlechten zich alreeds de kordate
Strijders voor het Behoud van Werk en Gratis Sex tot het
hechtere Ekstatisch Jobfront. De stad davert, de eisen
overstelpen, wagens rijden volks het volk in.

Dan haalt het KopersBlok uit met een hartverscheurend
Levend Verslag van het Niet-Vijfvoudig Bekerstgeschonken
Kind. Balancerend op de rand van het Moreel Toelaatbare staat
het Kind afgebeeld met in de trillende hand 1 van 2 loopstelten.

De deuren der ondergronds-volzette parkeergarages kletteren
van verontwaardiging, het stadscarillon zwijgt veelbetekenend.
De goden snellen stilzeisend door de lucht. Aders verklonteren.

Eevn later donkert weer het leven blauw & bloedeloos boven
de versteende nevelen.

 

 

 

18/vlak 3


Van:

de bloemen de bloemblaadjes in hyperfijne rafels gereten
de insecten de schildjes/vleugeltjes/pootjes/slijmkliertjes tot een grijsgroen papje gestampt
de bospadden zwijgen we de kinders zijn nog wakker.

Hier? Hier.

Uit het Bos? Uit het Bos.

Het Pad? Platgelopen.
Naar de klippen? & de haaien.

Weidt hij al in/uit ? Ziet hij er lief uit?
Hoelang? Zijn er voorbijgangers?
Waar moet ik aanschuiven?

Rampetampe rampetampe bom
Bom bom
Rampetampe rampetampe bom
Bom bom

Kijk we kunnen nu ook
Het gras laten zingen
vogeltjes doen blinken.

Schroeivinken.
Schroeivinken.
Schroeivinken.

4.571 jesussen deze maand
alleen al. Nu mét slijk
uit Garmisch-Partenkirchen,

Iehre Urlaub im Bergen.

Schroeivinken is
een werkwoord.

 

 

 

 

17/ vlak 4


O sjakkes daar gaan we weer. Wat? Niets.
Dus? Punt. Hu? Punt, verlangend het punt
Lijn wordt, dat ter somme der punten
zich spiegelen moet, ontdubbelen,

Vervlakken. Moet opschieten, de ruimte
in, wie zal er anders heden de daagse
Huiver wekken, wie de gedachte
Nacht de bij bussen voltallig belichtte

Verschrikking? Steekt het repeteergeweer
met de veelkoppige spin al maar in, hijst
hoog de trompetten, zwengel aan de steeklieren
& bol de aarskaken in de heilige sophar, we zijn

weer Plena populo voor je het weet & weer
wenende weent het dra al de nieuwe nacht
In, schade, de scheve schede weet u,
De kromming & bijgevolg de rood…

[Weg van het tumult der jeremiërende dichters
verduimt een General Systems Manager
tot zijn instrumentarium het volgende:]

Onbegrijpelijk eigenlijk: geen stroom,
Stroom, véél stroom, teveel stroom,
Geen stroom, stroom, véél stroom,
Teveel stroom & gazomaardoor, de 2

Vangt de 4 in een 1-regelige ménage
à trois je zou bij minder simplisme
Beginnen te lamenteren. Niks rust, nooit iets
tevreden, altijd dat gehate enjambe-

Ment. Wist u het al? Wat? Migravit Juda
Och zwijg toch man, doe dodo die jeremiade,
& daar heb je X-man de leeuw al, het Zijn als
navelstreng tussen de tanden geklemd

Tot hij zichzelve abusievelijk vermombakkest
bij straffere kersttaartkersopplaksels. Sjade.

[onderwijl declameert de zanger Jeremias de Echte, het peil der voorbijgangers
bijgevolg naar behoren bergafwaarts verzorgende:]

Alma Mater Alma redemptoris mater quae pervia coeli
Porta manes, et stella maris, succurre cadenti, surgere,
Qui curat , populo [untsoweiter]

[…]

 

 

16/ vlak 5

 

Er. Daar. De woordbreuk: die bibberlip
die spuughuig die blaaskeel die
longdrift dat tongsplijten van wind
in de wind.

Dit verhaal bekomt hem stilaan als een meshaal,
standhouden wordt knap lastig als de klank
& de zin als koedarmen uit koebuiken zijn ik
uitvallen.

Een kwak sjanker op tafel, een niet-aangesloten
serie singulariteiten: Izeganz met een resem
foutmeldingen op het scherm getiteld ‘Mijn
Herinneringen: Opties’.

Willie de Waal rekt plofjes knokelgas
uit zijn lange vingergewrichten. Daar. Er

 

15 / vlak 6: Duet van Rusthuis De Voorruit & Zanger Izeganz

Rusthuis De Vooruit:

Alleen overtuigend mijn liefste ben ik hier niet , zegt er
Eén & dit huis waar het lege gejammer van afdruipt haast,
Ruist met velourse doeken voor befakkelde spelonken
Waarin de geesten rondwaren van oeroude goden. Daar,

Waar stortbeton ter instructie van het algemeen nut
Instorten wil de instructeur van het algemeen nut, dit
Evenwel louter in opdracht van de directeur van het
Uitvoerend comittee van het Derde Decreet van

Algemeen nut. Het Niets, ocharme, niet . Wat niet
Het Niets? Stro
Niet het niets op de plafondbalken
Van uw TuinTerras tuinterras
Van de firma TuinTerras®.

Zwijgt Jef, ge zijt een zeveraar en een dronkaard.
En gij Marie gij zijt een oude, droge pruim met groene
en purperen korsten op.

Je moet er maar ’s op letten, oppert een ander,
als je begint af te tellen kom je elke keer weer uit
bij het enige al dat ons eeuwig openstaat, de deur

is altijd de deur met de vergulde klink naar de deur
die in aanlokkelijk rood significant zwart postgleuft
naar de simplexe deur genummerd nul. O, ach zo,
valt een derde de zucht van kengetal 4 bij, de hogere
reeks in het vlak pensioengerechtigheid. Dan is het

gedurende
langere
tijd

stil. Alleen, zegt er één, ben ik hier overtuigend
niet, mijn liefste &

 

 

 

 

IZEGANG:

Ik vlucht uw fijnst vertakte reiken krimpende in.
Het dons in zal ik vallen van de eindeloze velden
Der golvende trilharen, zo dat onder mijn luttele gewicht
Nauwelijks zich buigen zullen de microvilli, zo
Dat mij opstulpen moeiteloos de pseudopoden
& Ik in het onooglijke vervlinder, pluripatisch
Het klemmende bereik der vorkende kennis
Uitfladder, mij vrij van zin in de schemerzone
Tussen woord en stof verhul. Niet langer
Zult gij mij noemende berichten kunnen, niet langer
Zal mijn naam uw roepen richting geven.
Ik vlucht uw fijnst vertakte reiken krimpende uit.

Tot ik verzwolgen ben zal ik uw lichaam penetreren.
Geen zestigduizend omwentelingen per minuut
Zullen dan volstaan om iets van mij nog
Uit uw cellen af te scheiden. In deze nietigheid zal ik
Oneindig lang & pluriform in u bestaan.
Geen memoreren evenwel zal nog substantie in mij vinden.
Geen distinctie zal een meternaald mij registrerend doen uitslaan.
Geen kleur heb ik, geen ruimte nog zal ik beslaan.
Mijn woord zal in uw aders hydrofobisch kolken.
U kan uzelf niet zonder mij nog situeren.
Tot ik u ben zal ik uw lichaam penetreren.

Waar gij dwalende uzelven zoekt zult gij mij vinden.
Op markten waar gij stof aan stof houdt met een onverschil
Van kleur & weving, in gaanderijen die gij hopeloos
Om duiding kretend hijgende doorjaagd zonder doel,
Op schermen die u leiden van uw onrust naar de onrust
Om uw dood, bij het naken daarvan in uw laatste woord
Wanneer de zin zich scheiden zal van klank en letters
Wanneer het pure rede lijken aanvang neemt & schijn
Zich in de verste melodiën gaat verschuilen voor het kwijnt
& Smelt wat u van mij verwijderd houdt, wanneer
De muur waarop gij uzelf & mij tot manend woord verschrijft,
Wanneer gij lezende uzelven schrijft, zult gij mij vinden.

Rusthuis De Vooruit:

Sjonge jongen, gij hebt zekers op onze zolders teveel
asbest zitten snuiven. Hier, pakt u een tas thee & volgt
met uw wijsvingertje de lijnen van wat er ons de voorruiten
afglijdt.

 

Tjilp tjilp tjoek
tjilp tjoek tjilp tjilp.

 

Stilte, kinders, we gaan serieus
beginnen, aanhoort alhier
zang zeven:

De rotsen Einstein en Whitehead houden
Zitting op de kletsnatte paarlemoeren banken
Bij de wereldwijde webwielerbaan. Hoog

suist boven hen de Vorm
van het Bekende, het oord
Woord, een soort
platvis in eigen nat.

Tussen de rotstenen, bij de blote mosselen,
danst Marcel van het Tekstboutieksken
met het jonge Blondje Pleroma La Creatura

verwekt in de buik van een Tante, ooit,
door een eenmalige inspuiting
met het witte Secreet van de Angst
voor het Niet Netjes Verdingelijkte,
aka Rafeltje, het Gruwelijke
Randstadspook .

Terwijl de zon demarreert
in een voortijdse poging
om aan de verplichtingen
van de globale verwarming
te ontsnappen, differentieert

de Maan zich en maakt aldus
een bekoorlijk verschil. De

rotsen steken elkaars sermoenen
hoog boven de zeven natte
geiten der wereldzeeën: er heerst
tevredenheid in hun rangen

over het schuim in de eigen golven
dat volledig beantwoord
aan het uitgesproken zwarte
geweten der zelfberugkrabde

provinciën, de circulaire
prognose van de causale
eindereekstaalfouten
bevattende het stopwoord

als het ware. Bibbert & reikt

maar gij geiten, naar het U
ontzegde. Het is slechts
een kwestie van dagen nu

 

vooraleer vooraleer

vooraleer [..]

 

[hier zijn de letters v.h. MS in een blauwige schijn
witachtig uitgelopen, waterschade vermoeden wij ]

 

Tjilp tjilp
Tjoek tjoek

Tjilp tjilp tjoek

 

 

de A afzeggen

Izegang, opgejut door een menigte soldensjoppers, barst
bij de met grote nullen overplakte vitrines van de C & A
uit in volgende politiek recupereerbare diatribe
(Nota bene: promotie n.a.v. 10 juni – speeches nu verkrijgbaar aan 2000 euro per velletje A4, sms 0476494818
met vermelding van uw programmapunten):

Nachtegalen ken ik niet ik ken slechts het nachtelijke wanen
Het Kelen in mijn dromen dat mij beschaamt & het kletsen
tegen de ramen in volle vlucht van de vogels van uw Onwil.

Mors ik hier doods-
blije spetters verval

(de angsten die ik met de dunste
straaltjes overdag beadem
opdat het blauw ervan

ajb ajb
ajb

in de fijnste krinkeling
ter hemel zou kapilleren)
,

de sterren vervallen
hopelijk ook in een zang
die mij kromt.

Verhalen van Alla en Nada zijn ons o A
in uw naam opgenaaid
die willen verhalen
hun lijn naar

  • walhalla

  • nirwana

  • insjallah

  • untsoweiter

(de kruimels van een krakeling
op een stafkaart
verfrommel ik bij elkaar slechts
van het Befaamde Globale Plan
als ik in uw luchten het ruimtestof
opscheppen wil :
)

3% godsdroesem
90% Onbekend Donker .

Sjoeoeoeoeoe: met een lukrake ruk van haar adem
of een haakse stoot van mijn zwartzompige ziel
schiet elke gestoelde Monade
Verder in het Weten:

Uw A o Amechtige is geen Aanhef Uw A is de Waan
De V is het eerste Van Alle Bestaan, het Veld
Verscheidenheid, het toonloze Untsoweiter

het frutselende anticlimaxen, de
rommelige rafel

het bijna uit

dat bij

na

niks

is

het

sis
sen van Tante’s
Slissetong in
de
asse
die de
A
in
Alles

brandt

 

14 Vlak 7 [de schier vergeten zangen van herr izegang]

  • Trip rondeTrip nieuwe trip
  • Ruimte ruimte nieuwe dradenRuimte
  • Iets nieuwe telling
  • Ruimte heb vele draden. Hoeveel? Bah, een stuk of wat,
    • Iets tussen 1000 en 16000. // systeem doet er een gooi naar
  • Ruimte oscilleer Iets plus of min 32.
  • Indien accident, beweeg
    • tot de Tranen de ruimte instuiken.

      • Explodeer.
  • Anders doe gerust verder

Driewerf de muren beefden van het rijk R.
Aanvang dra was het te regenen. Muis stil,
Kat krabde niet, of daarin het woord

Niets. De grond wou inkruipen vergeefs
De arme hond, klankenloos het dikke
Wolkendek jammerde de grijsaard

Aan & aan

Ving het. Drups druppelde eerst
De eerste druppel druppelde over
De tweede de derde vijverachtig in

& bij de duizenden bakten zij dra
De hemelsluizen uit vervloeiend
Vlijtig de pijpen steelsverwijzende.

Geheel zondeloze zondvloed sprak men
Verbaasd eerst nog & schools daarna in
Vreze echter van de nieuwe goden het

Slijk aan van de menselijke dijkbreuken.
In zodanige nattigheid gelijk ontliepen
De zanger Izegang als woorden

De tranen ener donk’re hemelwang:

In deze rijmdwang genesteld
net nog afhangende het zinvolle
zoals de frèle draadlijntjes Xn

uwer klederdracht enkele ogen lang
de graterige schoudertjes aandeden
als was alles geheel oker voortaan

& lichamelijk, de witte ruis van de stad
het wit & de beweging van zijde op huid
als compoort morsende het grafiet. Ik even

onwel verslikte mij verdroogd een diaspora
het zij (1,2,…n) een zee waaraan wij onze
namen konden haken, in golven vergeten

vervolgens als het zij zie, het zij za,
het zij zo. Dit alles vertongkrulde mij
de erostrapserige vertreding van taal,

maar in het leven eerst ter einde
dient men het leven wijselijk uit
te bouwen tot het afslaat in het

niet, niet? Beluisteren wij in deze plus/
min intiem verweven publiekelijkheid
daartoe het KrimGotisch voorafgegane.


Stormt daarin niet het clair-obscure de M
in van het toverwoord? Het stormt. E
brengt het slikik in het spel, terwijl de C

afkapt waar grenzen te dachten staan. A
evenwel kent ons niet alles niet evenmin N
& daarmee zet in al het goud dat niet O

wou maar was de draaiende molen. Olie is L
Op de nakende weerslag der golvende O.
Schier eindeloos de drang tot verdraaing in D

die de dag openbreekt van de lijdende I.
Op aanrechten aller talen te druipen blijft A
staan die eerstom per afstand de lus vraagt aan M.

Gebroken tot licht blijkt de huid het lijf gebrekkig O
Toe te behoren zodat enkel het zingen tot U
in galmen ons indringt. Hoorbaar ook rochelt de R

zich ons ter lering te aarden van het schone de O

 

 

(euh, Izegang is de ‘held’ uit Het Pad van de Wenende Nacht zie ook:

15bis: http://vilt.skynetblogs.be/post/4008319/vertwaalfde-zesde-zang-matrasveren
15:
http://vilt.skynetblogs.be/post/4004825/wegschoot-van-de-kop-van-de-file
16: http://vilt.skynetblogs.be/post/4000208/vlucht-in-overeenstemming-met-dit-woord
17: http://vilt.skynetblogs.be/post/3997260/in-vanum-laboraverunt-qui-aedificant-eam
18: http://vilt.skynetblogs.be/post/3994475/nare-mostrum-en-andere-versprekingen
19: http://vilt.skynetblogs.be/post/3988503/het-groffe-spieken-afl-19
20: http://vilt.skynetblogs.be/post/3984572/meer-pladijs-visvogelt-de-pladijsvis-pladijs
extro 1: http://vilt.skynetblogs.be/post/3981937/het–pad-van-de-wenende-nacht
extro 2: http://vilt.skynetblogs.be/post/3981567/oude-russen-vangt-men-met-spiralen

 

 

Er de moed inhouden

Wanhoop zet haar schouders onder de precisie
waarmee er naar de vallende regendruppel verwezen
wordt, die ongeveer 200 meter van hier verwijderd
De straat opvalt, in een poel
van eerdere druppels: n.a.v.
het niet helen der wonden, bv,
daar waar ze geslagen werden of
de onmogelijkheid van het vergeten, zondermeer
de herhaaldelijk weerklinkende roep, die onbegrijpbaar
telkens weer even onvolledig niet beantwoord wordt, het niet

Gebeuren van het niet-gebeurde en het onafwendbare
van de grijns
van waar-las-ik-dit-eerder
waarmede je dit leest, weer maar eens niet-begrijpende

Dat ook dit weer niet over jou maar over het ons gaat,
waar jij slechts bij gratie van deze regels bij hoort,
Vanuit het negatieve, zeg maar, uit het niets
waaruit ik je dagelijks verwek, hoewel dat dus
Op tot wanhoop stemmende wijze onmogelijk is.

Net dus, o ironie, op het ogenblik dat u dat
als irrelevant verafschuwd, kan ik u eindelijk
berichten, dat ik heden denk enige vooruitgang

Geboekt te hebben in het mij ritmisch op -&
afzetten zodanig dat het naar behoren
schitteren kan daar, waar het naar behoren
dient te schitteren, even.

 

Parfum parfois parbleu

 

!

Er de moed inhouden. Er zit een geluidloos
verschuivende vleestube, 19’ staaf+koker

Waarheidsworm verscholen in die buik.
Muliera Mystica waggelt haar ijskont, hijgt

Ik (ikikikikikik ik) ben het secreet
van uw hahangsten, ik. Slokt. Schermt.

Ik teken ik waar moet ik tekenen
ik leef mij uit waar moet ik storten

ik breek mij op waar is mijn zoets
waar is mijn bestu ik gebleven

Het individu in haar pluriforme
singulariteit maakt het model pus

Mogelijk, deze aarde nieuwe
aarde wees sprekend uw moedere

Presideert al het heelal. Heelalwalla.
Toonloos. Schismogenererend. Kak.

U hoort mij niet, dit is geen doewoord
het is omdat wij falen dat het nog voort

Lijkt te gaan.

 

?!

(Trek de schoonheid nu bij blaren
van uw vel,& hoopt niet langer , pak de wellust als

datwitte lijfje over uw bibberhoofdje, trek &
stapel , kieper alles op een hoopje, frommel

Je ikje fezel ik Ben ook maar een Kwezel, zet
de fik er deftig in & stook Zo ook de laag bwaaâk

uzelven zoals wij in de hemelen schimmelen
Jaja therèseke les parfums des gens lá parfois

Ça pu miljard dedju menneke l e savon)

 

 

 

1.

Het rode rood houden
zodanig dat het rode rood is
mocht er iemand om rood vragen,

Wat uiteraard niet
zo eenvoudig is, temeer
daar het rode altijd

Rood dreigt te worden,
als je het te lang rood
wil houden, hoedanook.

 

2.

Het witte wit houden
ook, zodanig dat men naar
hartelust kan allubedoren,

Mocht enig groen kind
zich daartoe bewolpluizen.
& enkele previliën, zo dacht ik

Misschien, om het al te priaapse
binnen het vertoonbare te houden
hoewel het natuurlijk met u is

 

 

3.

(Zo gesteld dat je al dient
diepzinnig met restbetekenissen
te priegelen in de verre velden

Vooraleer er van enige wellust Sprake kan zijn. Het is overigens, lieve doch dwalende Lezeres, een
vergissing te denken dat wit Zich met rood tot roze dient te vermengen, normaal is er Daar geen tijd voor, laat staan Papier in deze pretfabriek, alle pretii affectionis ten spijt. De oplossing is steevast van de instant soort, wat sommigen verleiden kan tot een wel erg elegante priamel waarmee dan de recht evenredige relatie van het natuurlijke tot het digitale zichzelve moeiteloos als vanuit een preumptio juris tot bewezen en verworven inzicht verheft, een prêt-à-porter dat men bij de minste pretext als een priapisme voor zich uit begint te zwaaien, het zou in deze prieeltjes van de pretentieuze theorieën immers een prevaricatie zijn van de prestigdigitateuren die zich hier als pretorianen van de waarheid opwerpen, om zich niet met deze makkelijk verworven prethalzen diep in de koopwaar te laten kijken. We zullen volstaan met aan te duiden dat het , euh, vrij dwaas is om bij het vaststellen van een feitelijke verloop gekenmerkt door hysteresis, zomaar de wetten van de observatie door te trekken naar dat grotere , duistere rijk, dat immense onbekende waarin het geobserveerde eventjes opfonkelt als een witte walvis die wel enige harpoenen hebben wil.

Nope.
Ach ja: onze Blume, der Anna, die is nu wit, dan rood, dan weer wit & aldus heeft zij naar behoren deel aan het uwe. Maar dat zegt ons nog immer niks nada zilch ingetinge over de kleur van de vogel.

 

 

De wortelweg

  1. De korte weg

 

Dag schatje hoe lopen
hoe lopen bij jou de korrels
hoe lopen dáár de korrels van het grauw?

Dag liefste springt de vorige
springt de vorige ook zo hoog
springt & spat het er ook zo hoog uit bij jou?

Vaarwel mijn engel ik land
vaarwel mijn engel want ik nader de band
vaarwel nu ik land op de band & in kleurige

Strepen ik teken mijzelf
in slierten slijm en bloed schuur ik mijzelf
zo tiktjakstjok meuheuhstjakmeuh uit.

 

  1. De lange weg

 

In de grond ontstond
mijn vurige zang. Het

Duurt & duurt nu al
jaren. In de grond

vergaat langzaam
nu mijn vurige zang.

1 Voldoet niet aan de ringtorige WTC specificatie, en er staan wrschnlk ook nog dt-fouten in.

2 deze en soortgelijke zinssneden stammen uit het taalgebruik in de Java programmeer taal.
Daar wordt een programmatorisch object (bv. het object message) als volgt wordt geinstantieerd: Message myMessage=new Message(); Het oorspronkelijke object Message is een vooraf gedefinieerde functie waarvan vanaf dan in het programma een benoemde instantie (myMessage) beschikbaar is. Het object heeft dan een geheugenruimte toegewezen gekregen.
Ik gebruik hier het verhaal, de zich als literatuur voordoende tekst, op beperkende wijze als programma, telkens ik een nieuwe object in het verhaal inbreng dien ik dat volgens de mij zelf-opgelegde regels te instantiëren.

3 In de Canterbury Tales van Geoffrey Chaucer heb je The man of Law’s Tale over de Standvastigheid van ene Constance. De Canterbury Tales is een beroemd voorbeeld van de raamvertelling waarbij verschillende verhalen samengebracht en gehouden worden door een omkaderende vertelling.

4Read Euler, read Euler, he is a master for us all“, enfin, dat is tenminste wat Laplace beweerde over Leonard Euler

5 In ActionScript wordt vaak met zgn. Listenerobjecten gewerkt, objecten die reageren op veranderingen in andere objecten, bv een tekstinvoerveld.

6 decibelaire: een naar het pleonastische neigend neologisme van decibel+ het franse air, lucht

7 Karel Šlenger Tsjechisch schilder (Chomutice 1903 – Praag 1981). Studeerde eerst natuurwetenschappen aan de Karelsuniversiteit in Praag (1826-27) en daarna Letteren en Filosofie aan dezelfde universiteit (1928-29) en aan de Sorbonne in Parijs (1930). Als beeldend kunstenaar grotendeels autodidact. Heeft nooit echt bij een bepaalde stroming of groepering behoort, maar zijn werk sluit wel aan bij het algemene streven om weer meer naar de werkelijkheid te werken. [Bron: Tomas Vlek – Praagse Schilderkunst 1890-1939, ISBN 904009097 1 – de jaartallen zijn letterlijk overgenomen]

In vóórkathedraalse verhaaltrant (dwz louter hypothetisch buitenwezenlijk en terloops) is de Kessel-loose ŠlengerKlump de ontstaansplaats of voorwaarde van de Kathedraal-Moeder. De Klump is afgetekend en plagiaristisch volgekliederd, na de feiten, wat misschien een verklaring kan bieden voor het buitenwezenlijke ervan. Het visionaire origineel van Šlenger, afgebeeld in bovenvermelde publicatie kan helaas om copyrightredenen slechts verdoken getoond worden. De visie van Šlenger mist wel alle data van de niet onbelangrijke setting in de Eertijdse Beemden van Kessel-lo, met o.m., kijkt u maar effen goed, de Uitslaande Witschimmel en de Oranje Dagsluitingsweerschijn boven Kesseldal.