het moment (23)

‘wij’. ‘ons’. die gruwelijke woorden. in het letterlijke van de verbanden doet de eenzaamheid haar zin. de liefde was een wolf die zichzelf de poot afknauwde om aan de hel te ontsnappen waarin ‘wij’ gezellig samen waren.

de poot moest over, de deur naar de dood moest toe. het zegt het zo : ‘de afschuw van het leven is het leven, de angst betreft de spiegel, niets van na de dood is echt’. het is verschrikkelijk. het heeft het over ons. wij zijn het waard. al die miljoenen herhalingen hiervan

er was geen ontkomen aan, alleen de vreugde is nooit voorbestemd. het kolken is een klok die tijd aftikt, het klokken een betaalde kracht die sperma slikt. ‘wij’ leggen ‘ons’ neer bij het bekende, wij vlijen ons neder bij de hogere gedachte. hoe hoger de gedachte, hoe dieper het rot.

het handelen moe laat het zijn hand in haar verdwalen. het wemelt van geluk in de krullen van heur haar. het zindert. in de weelde van de opening gaat het lidwoord letterlijk tekeer.

invoertekst (2015)


over ‘HET MOMENT

deze tekst is uitvoer van het programma ‘HET MOMENT‘.

‘HET MOMENT’ vervolgt ‘LAIS’, een dizain-programma met de Délie van Maurice Scève als voorname invoer, met haar prequel ‘HET’.
samen vormt het drieluik van programma’s een lyrische fictionaliseringscluster, een literair verwordingsproces met een dunne semi-autobiografische verhaallijn en uitgewerkt met virale tekstuele en grafische invoer. een proces dat zichzelf ook recursief gaat herprogrammeren. de auteur is hierbij louter katalysator van de zelfontbranding, asse bij het klare klontje suiker.

de auteursfunctie staat een systematische ver-het-ting van het ‘ik’, van het zelf toe als literaire functie binnen het schrijfproces: het ik wordt een het middels herhaalde doodsbewegingen, afstervingen, verzwijgingen, volgehouden leugens en autodestructieve verheerlijkingen van een onbereikbare geliefde, de fictie van een ander. want elk zijn van het ik verhindert dat het kan gebeuren.

deze weg naar het het-moment, de verwording tot een onzijdige agens wordt ook ideologisch onderschreven vanuit de Neo-Kathedraalse dogmatiek als enig mogelijke sanering van de fallocentrische ‘traditie’ van de literatuur.
de literatuur kan enkel voortbestaan als permanente zelf-moord, transgressie van de ik-cultuur, de opengesperde en gespalkte vreetmuil van het zwarte beest van de consumptiemaatschappij.

de literatuur wordt als non-literatuur de eindoplossing voor uw consumptiestress. deze gedroomde oplossing, evenwel, begint als een walgelijk efficiënte nachtmerrie.

de invoer van ‘HET MOMENT’-programma is een genummerde serie teksten getiteld ‘moment‘ van 2015-2016 die nu door de methodes van het Gedicht van de Dag-programma wordt herwerkt.