Categorieën
Kathedraalse Leer Schoonschrift

Lettersymboliek bij Ausonius

Lees over  Decimus Magnus Ausonius in Wikipedia.
Dat, zoals men daar stelt,  ‘de poëtische waarde van zijn werken vrij gering zou zijn’ (met uitzondering van ‘Mosella’, zijn meest saaie werk), is m.i. gewoon katholieke kmp *.
Als u onderstaand epigram effen leest, begrijpt u meteen waarom ‘de geschiedenis’ daar zo over beslist heeft.
Dat oordeel over de poëtische  kwaliteiten van Ausonius’werk  laat ik echter gaarne aan u en die fameuze geschiedenis over.

Interessant is hier, voor ons, druk bezig zijnde met het  Neo-Kathedraals Schoonschrift, een Creatief Research & Developement Programma (CR&DP) van de NKdeE, iets geheel anders.
Met name de mix tussen louter grafische lettersymboliek (waar de vorm van de Griekse letters verwijst naar een geabstraheerde weergave van het vrouwelijk geslachtsorgaan) en de sonore invulling van de letter (als letter) in het geval van de  φ ofte ‘phu’- woordspeling (‘letterspeling’ eerder – ‘fu’  of ‘fui’ is hoe je de letter benoemt in het Griekse alfabet en ook een gebruikelijke uitroep van afschuw). Merk ook op dat de synesthetische ervaring vervolledigd wordt door de geur erbij te betrekken, en dat uiteindelijk het ongehoorde gedrag van Eunus bestraft wordt met een bestaande (overgecodeerde !)  lettersymboliek ( de Θ als teken voor de ter dood veroordeelden. Voorwaar een sterk staaltje Neo-Kathedraalse Schriftuur, 1600 jaar vóór Mallarmé, Rimbaud of Chlebnikov!

Ik geef de tekst in het Latijn eerst, vervolgens in een oude, Franse vertaling en vervolgens in mijn nederlandstalige versie.

CXXVIII.  AD EVNVM LIGVRRITOREM PAEDAGOGVM


Eunus Syriscus, inguinum ligurritor,
opicus magister (sic eum docet Phyllis),
muliebre membrum quadriangulum cernit.
Triquetro coactu Δ litteram ducit.
De valle femorum altrinsecus pares rugas
mediumque, fissi rima qua patet, callem
ψ. dicit esse: nam trifissilis forma est.
Cui ipse linguam cum dedit suam, Λ est:
veramque in illis esse Φ notam sentit.
Quid, imperite, φ putas ibi scriptum,
ubi locari Ι convenit longum.
Miselle doctor, ɣ tibi sit obsceno
tuumque nomen Θ sectilis signet.

Franse vertaling E.-F. Corpet, Parijs 1842, Tombe premier, p.93

CXXVIII – Contre le mème, pédagogue et lécheur

Eunus, le petit Syrien, qui lèche les vagins, docteur opique, grâce aux leçons de phyllis, voit la partie de la femme sous quatre faces.
En l’écartant sur trois coins, il dessine un Δ. Les rides égales de chaque côté de la vallée des cuisse, et le sentier qui les coupe par le milieu quand la fissure du vagin s’ouvre, ont, à l’entendre,  la form d’un ψ., car on dirait trois fentes. Quand il y fourre sa langue, le λ y est, et il y reconnait à l’odeur un vrai Φ.
Eh quoi! ignorant, tu crois qu’un φ est écrit là où il convient de planter un I dans toute sa longueur!
Misérable docteur! que le ɣ récompense tes turpitudes, et que le Θ barré marque ton nom.

Vertaling NL (dv)

Eunus, het Syrische kuttenlikkertje, de leraar der Opikken (dankzij Phyllis’ lessen),bekijkt het vrouwelijk deel op vier wijzen:
triangulair opengesperd ziet hij erin de letter Δ, met de gelijke randen in het dal der dijen, anderzijds, en, als de fissuur der vagina zich opent, het pad er middenin, zegt hij dat een ψ is, vanwege de ‘driespletige’ vorm.
Als hij er zijn tong induwt, is het een Λ, en hij herkent er meteen de geur van  ‘phu’ in.
Ach kom, de dwaas wil daar een φ geschreven waar een lange I hoort! Miserabele leraar, dat  uw laagheid de ɣ  krijge en uw naam met de Θ gemarkeerd moge worden.

noten bij de Griekse letters door Corpet (ik laat hier en daar zijn Frans omdat zijn woordkeuze  interessant is) :

  • Opikken: Etruskische stam, volgens Servius (Aeneis lib. vii, v.730) zo genoemd naar hun land waar het krioelde van de slangen (het griekse woord voor slang is οφισ). Later werd het woord synoniem voor losbollige idioot omwille van de groffe manieren van dat volk en hun smaak voor wellustige obscèniteiten.
  • Λ est: omdat dat de eerste letter van het Griekse woord voor likken is (leichein)
  • Φ notam sentit.: De uitroep der Ouden om afscuw te uiten was phui (met een citaat uit Plautus om dat aan te tonen)
  • ubi locari Ι convenit longum: “Car I désigne la verge” / omdat de I de roede aanduid
  • ɣ tibi sit obsceno; “ou, avec la forme d’abréviation ɣ, figure la corde nouée au cou de l’homme qu’on vient de pendre
  • tuumque nomen Θ sectilis signet: we weten dat de  Θ, eerste letter van thanatos het teken was van de ter dood veroordeelden.

voetnoten dv

* (ik gebruik, wegens de nog steeds erg sexistisch  getrokken vulgariteitsdemarcatielijn in het taalgebruik maar deze eufimistische afkorting, ‘lulkoek’ kan wel voluit…)

Geef een reactie