Categorieën
101 Aanroepingen

Nooit

[actueel geperforeerde retro-lyrieke mijmering vanop
maar vlug & ver verwijderd van
een draagvlak door Judith V. opgericht
]

Nee. Nu.

Nu & straks. Of niet,
nu de verwelkte daad
gebaart in  droge kronkels
van het raken bijna aan
de kille tegels van de dood.

Of niet. Of nu

& nu het aan de grijze lippen net niet lippen gaat
& nu het aan de starre tongen  niet wil likken
& nu het monden in de monden opent veel  te wijd, uit te

doen vloeien te zeer gebiedt de lichamen in lichamen
van het angstige spreken kokhalzend
van de kolkende rivier de gutsende letters verslikkende
met de woorden stollend in de misselijk makende tijd.

Met het zure van toen & met de gal van straks
waar telkens weer de lust ons in de kelen
brandt & brandend lusten wekt in ’t heden.

Nu & metterdaad sluit inderdaad dit ik
een jij dat in mij sloop, een affe draad
die het verleden in mijn staande zuilen
sloeg & keert & keerde, slaat.

Een stenen slang die mij  mijn naam ontnam
& mij als woord  vervlecht in lege woorden.

Maar mijn gramschap treft u altijd pal in’t zwarte gat
& marmer stuift nog eerder weg dan dit bewegen
& de sterrenhemel drijft nog eerder uit
in ’t al & niets omvattend doodse lege
dan dat dit verlangen stopt verlangen op
te roepen &  door mij in u
als einde op te leven:

zoals uw bekken bij het golven op scharnierde
zoals uw hoofd & oog de trilling had van donker licht
zoals uw huid & hand tot spiegelijs verglaasde
zoals uw tong de kilte gaf & droeg van uw genot.

Geef een reactie