Categorieën
lyriek

zonder

De nacht omsluit ons, het is prachtig, de diepte is oneindig, Wij, wij zijn zoveel mooier zonder licht.

Vergeef mij mijn geboorte.

Ik heb, in één van mijn al te talrijke geschriften, een beeltenis gemaakt, van het reddeloze, de samenhang in onze ondergang. Mijn fout is onvergeeflijk. Er is een schoonheid daar die ik niet ontkennen mag, magistraal. Maar laat mij smeken: vergeef mij dat ik er ben. Ik heb niet u willen kwetsen, ik wou verdwijnen vooraleer ik begon. Ik wou dit niet, geloof mij, het is geheel buiten mij om. Er is, helaas, herinnering. Alles wat ik gisteren verloren heb, vind ik hier terug. Mijn vriend, ach, Johan: ik zie uw lach nog, het schone van uw aarzeling. Liefste: het kon niet zijn.

De nacht omsluit ons, het is prachtig, de diepte oneindig, Wij, wij zijn zoveel mooier zonder licht.

Geef een reactie