Categorieën
lyriek

schaamte (plaatsvervangend)

Advent. Reclameer je tekst, herinnering
van een eerdere krul met de s van samen
slapen, je vingers op een tepel. Uw tederheid
is sloganesk, ze pinkstert nog een beetje.

In de verlatenheid van het verlatene krab ik
een kuil voor het verlaten, er moet toch ruimte zijn.
Uw trein remt hard, dat zijn de gensters die u
ziet, excuus: waarneemt. Als er een trap is, lig

ik onderaan, uitgetrapt. Uw schuifdeuren zijn intact,
ze missen misschien de  misselijkmakende slijm
van uw beloftes. Grof. Grauw vuil met rugklachten.

In de geulen van uw leugens diep ik een darmpje op.
Televisie, want het zicht is rond. Lijfjes in de grond.
De lente rijmt, er zitten vieze venten in uw kont.

Geef een reactie