Categorieën
lyriek

2010

god’s lippen vervellen in de bergen.
de tijd verdaagt de dag met een nacht.
de storm aast op de stilte
in het oog van de storm.

de kinderen krijsen wijl
de ouders hen splijten.
het vlees & het bloed kwakt op
het ijs van de nieuwe zwijgtijd.

niets zeggen de schotsen.
niets zeggen de stenen.
het water verstikt in het water.
de zon vergast ons op zee.

de aarde vervlakt in mul zand.
het licht schiet met licht van de sterren.
de crisis viel al bij al nogal mee.

3 reacties op “2010”

Veel lidwoorden 🙂

Doelbewust, -gericht ?

Wat ze vandaag de dag – en ook de voorbije maanden – als ‘crisis’ bestempel(d)en, noem ik ‘herschikking van kapitaal’ en die herschikking valt al bij al tegen,

ethisch gezien dan, vind ik

van enig doel is in lyriek geen sprake, ik kan mij daar dan ook niet van bewust zijn of mij er op ‘richten’.

er is ook geen ‘ik’ die zegt dat de crisis meeviel: een tekst als deze baant zich middels feedbackcycli in het schrijfproces een tekstuele en sonore (‘stemhebbende’) weg door een veld van taal en komt dan volgens een innerlijke logica (de wetten die de tekst zichzelf oplegt) uit bij die laatste regel, een uitspraak (verdict) waarvan niet duidelijk is, en ook niet kan of mag zijn, van welke instantie (letterlijk op te vatten als ‘instance’, zoals in de programmatuur) ze uitgaat.

maar da’s reducerende theorie. de praktijk spreekt voor zichzelf.

Geef een reactie