Categorieën
lyriek

over het on na het einde

haar lach is als een traan naar haar

ik streel je armen met erbarmen
ik leef je lucht in adem uit & rol
je lijf weer af het is van ons de tol
samen is er maas & schelde dus ach lach

& van je liefde huist de verduring thuis
de wet is van de buren het gezag maar jij:
er ontstaan spontaan gezangen in mijn ik
de geplogenheden drijven ons verlangen

het lood in mij is echter zwaar metaal het
zinkt mij uit wij willen er nu dadelijk voldaan
vanaf. triangels wil ik je schenken, klanken

die van jericho het och naar een bazuin toe
blazen. koeien grazen onder ons. beu. boven
ligt verkreukelt steeds dat onbeslapen laken

Geef een reactie