Categorieën
lyriek Ruis

De virtuele podiumkunsten rukken op

U lacht, maar zo’n vertwittering van een bestaande tekst is best een goede schrijfoefening. Het scherpt het gevoel voor het ‘doorschrijven’ aan, het zicht op het geheel, & de durf om door het spinrag van de taal heen de lezer ook het evidente aan te reiken, de bruskerende bewegingen van uw dichterlijk gemoed, bv. .

Het kan dus therapeutisch werken voor dichtertjes die last hebben van de gevreesde prutslust, het blijven hangen in eindeloos getremp met fijnzinnigheden & nuances. Prutslust heeft in betere tijden menig uitgeverssecretaris te vroeg van hun boven alles verheven werkgever ontrukt. *

Want bovenal: dit moet vooruitgaan, dus je wordt gedwongen om je normale remmingen te laten varen. Je mag wel niet valsspelen en ‘updates’ achteraf verwijderen, de schaamte her & der om het geschrevene moet je er maar bijnemen….

Aldus, de richtlijnen voor deze nieuwe praktijk:
Werkwijze voor een vertwittering (dichtersverhaspeling op twitter.com):

1. neem een tekst van een (best dode) dichter (de levenden durven al ’s protesteren)

2. lees de tekst grondig door ( zie “Hoe lees ik gedichten?”) ( link ontbreekt)

3. start uw ‘twitterse toespraak’ – hou er rekening mee dat uw tekst straks in omgekeerde volgorde te lezen zal zijn. Probeer bv de tekst die u gebruikt als leiddraad, van onder naar boven te lezen/gebruiken.

Hieronder in gebrekkige weergave mijn laatste virtuele ‘performance’. Voor een betere indruk van het Gebeuren, zie http://twitter.com/vilt, alwaar elk moment, volslagen onaangekondigd, de nieuwe updates kunnen beginnen toevloeien.

Volg mij, ja: volg mij!

vlt Hugues C. Pernath vertwitterd – 3
vilt Als een verwante maar met niemand heb ik hoop gemeen.
vilt U staat in uw zomerhemel klaar gebliksemd nog de keuze van de liefde.
vilt ik wankel door dit veld van onontkomen. Wij zijn de helden niet, u dient ons niet te lonen.
vilt De dood leest alles wat wij over u berichten kunnen. Ons rest slechts het legen van de rieten kom.
vilt De aarde bukt zich, raapt een mensenschedel op & snuffelt er slechts even aan.
vilt We klinken & botsen onze lege hoofden ter afscheid, in onze organen klatert het schroot.
vilt Door de schaduwspelen van mijn schaduw daagt de afstand naar de verte als een gloed in uw bestaan.
vilt Zie, hoor: het is voorgoed. De kever bolt & keert de rug. Het mos vergrijst. Het grijs verstoft. Het stof zijn wij.
vilt Ik waak niet geen afgrijzen trekt mij aan (zo wolkt u het ware wit en wild op).
vilt Terwijl de wormen dit luik niet deze deur wel in dikke plakken uitvallen zullen wij onze liefde bestendigen:
vilt voorts zullen wij verkleinen & roekeloos onze verdwijningen versnellen
vilt Voorts draagt gij uw rouw als een verhullende band om de vele geknakte nekken
vilt Voorts dendert in deze lamlendige landen de leegte.

————————————-

* Tegenwoordig heeft men daar voor échte schrijvers zgn conformiteitsprofielen voor, dat zijn tekstbestanden aan de hand waarvan de editorenassistent EDASS PRO 2010, een geavanceerd stukje software, de toegeleverde tekst met een druk op de knop kan doen beantwoorden aan de dagelijks updatete marktpreferenties.
Vroeger werkte dat alleen met proza, maar de laatste versie verbetert wel degelijk ook uw lyrische uitwassen, het laatste bastion van de redeloosheid & het amateurisme. De laatste marktpeilingen hadden immers uitgewezen dat er wel degelijk een gat in de markt is voor poëzie, maar dan wel als bedrukt eetbaar velletje rond een veganistische cervela. Er wordt bij de auteurs dan ook geïnsisteerd op werk met een cyclisch karakter.

6 reacties op “De virtuele podiumkunsten rukken op”

Methode om een stervende dichter moed in te spreken

1. neem een hoed van een (bijna dode) dichter (diens vrouw zou bezwaar kunnen maken)

2. schud de hoed grondig leeg (zie “Hoe verbeter ik mijn motoriek”) (lint ontbreekt)

3. analyseer het gevondene en gevallene – houd er rekening mee dat in de veelgedragen hoed zich nog sterretjes kunnen bevinden van een laatste aanvaring met een lantaarnpaal en ook dat er zich ongesorteerde ingevingen in kunnen hebben schuilgehouden

4. raap alles op en vertel uw slachtoffer dat zijn tijd bij lange na nog niet gekomen is

LOL.
Evenwel, in dezen vergaat mij toch snel de luide onschuldige lach: stervende dichters zijn zoals alle andere dichters ontroostbaar, mede omdat zij stervende zijn, een vroeg doorbrekend besef dat al meteen aan de basis van menig ontluikend dichterschap ligt.

Bovendien zijn zo dadelijk stervende dichters dubbel benadeeld daar zij meestal de thematische rijkdom van de dood en het sterven jaren geleden al tot in den treure hebben uitgemolken. (cfr. “O Dood wat waart Gij hier in Uw verletterd Lijk” – van de befaamde Aarschotse doodsprentjesdichter Gerolf Westerfeys) .

Geen wonder dat zelfs de grootsten onder ons om euthanasie verzoeken.

Waarom de tekst verhaspelen? Waarom geen poëzie maken van het twitteren op zich. Mijn twitterarchief bevat nu versregels, die handig als widget in wordpress opduiken als ‘eenszinspoëzie’. Een interessant gegeven lijkt me.

Ja, dat kan óók natuurlijk, & dat is voor mij als curiosum interessant & als opgelegde beperking, net zoals die 160 site en andere denkbare experimenten met poëzie op al dan niet hoog-technologische plaatsen waar je ze niet verwacht, in al die hybriede tekstomgevingen. Voor mij zijn die dingen echter net iets te vergankelijk, net zoals chatten en bloggen zoals we dat nu kennen dus zoek ik naar manieren waarop mijn beweging kan schuren tegen het razen van al die omgevingsruis, de beweging van de vlottende grond waarin wij schrijven. Zo probeer ik dingen te krijgen waarin ik die eigen beweging weer verder krijg, bij anderen die zich in een ander tempo voortbewegen ligt dat sowieso anders.

En ik vind het hele kader misschien ook iets te consumerig, de techniek die de nood aan contact verstopt achter het betaald duimen van nonsens naar elkaar, ik krijg daar geen poëzie in zonder ‘verhaspelingen’, daar moet voor mij eerst wat storende ruis door & bij.

Maar ook dat voelt bij anderen anders aan, & ik vind je archief zo heus wel aardig. Misschien heeft het inderdaad zelfs wat effect, dat je in plaats van het geouwehoer plots wat affe, klinkende verzen tegenkomt…

je kan ook niet verwachten dat er een gedicht, zij het een lineair verhaal, in sluipt. Immers zorgt twitter zelf al voor de nodige ruis. je kan dus hoogstens klinkende verzen tegenkommen in je twitterreader. En laat dat nu juist soms leuk zijn, in tijden van – ja inderdaad – klef geouwehoer.

Ik geloof denk ik wel meer in de moderne technologie – al is die gericht op de kleffe emoties van de gebruiker – om poëzie te brengen. als je het voldoende opentrekt naar vele gebruikers kan je volgens mij aardige dingen krijgen.

ja, & ik heb daar allemaal niks op tegen, integendeel, ik juich dat toe, maar zie je, Maarten, voor mij persoonlijk, zonder dat ik iemand anders in mijn positie wil dwingen, voor mij begint het al bij die ‘klinkende verzen’ los nog van de aldan niet hoog-technologische schrijfgrond.

Een ‘klinkend vers’, als ik dat kan kaderen/cadreren/problematiseren als ‘eroretoriek’ dan zie ik dat wel zitten, zo’n klinkend ding, dat is voor mij dan een valabele manier om de traditie van de ‘klinkende verzen’ uit het sentimentendrab te halen & de technieken ervan te recycleren, ook al omdat je binnen 1 gedicht kan gaan spelen met de verwachtingspatronen ( “hé dit is verstaanbaar en het klinkt”) daar dissonante wendingen in kan aanbrengen, of net niet plus dat je het ene gedicht (net als vroeger) op het andere kan laten inwerken untsoweiter. Enfin je trekt zo een systeem op gang, dat een input en een output heeft, daarmee kan je één en ander te lijf, het is een programma dat je bv kan inpluggen in het podiumcircuit

Dat is mijn refleks om dat zo te willen zien/doen, dus als ik zoiets als Twitter ‘aanpak’ dan kijk ik hoe dat het beste past binnen het geheel van mijn refleksen, van mijn gewoontes, ik ken die ondertussen ook wel, dus ik probeer te duiden waar zoiets het meest vruchtbare zou kunnen zijn, en dan kwam ik nu effen uit bij het verhaspelen, omgekeerd in de tijd, van Pernath’s gedichten van de eenzaamheid, ook al omdat het verhaspelen een herhaling is van Pernath’s cryptomane verhaspelingen van zijn prive-tragiek, dus eigenlijk laat ik in zekere zin Twitter Pernath spelen terwijl het natuurlijk ook wel de schrijnende eenzaamheid van de schrijfact als dusdanig in de verf zet ( in een veld dan nog waar het woekert van hopeloos vereenzamenden die als slaven aan hun gsm hangen terwijl ze andere medemensen omverlopen). Ik vind dat dan mooi dat je bewegingen en spanningen van 40 jaar terug in de huidige contekst op een literaire manier kan herhalen, re-initiëren. Pernath lezen is dan ineens Pernath worden maar in plakjes van 160 omdat alles op eendere wijze wordt verkapt. Dat heeft dan niks met goed of slecht te maken, dat gebeurt gewoon zo en je zit daar al vlug tegen de grens van het menselijk relevante te schuren ( t.o.v het machinaal relevante, maar soit, passons)

Het is voor mij persoonlijk ook niet nodig om echt veel mensen te bereiken, ik ben met een paar evende zielen al vlug tevreden, omdat in het verloop, het proces van een schrijverij niet alles automatisch op een maximaliserende wijze publieksgericht moet zijn. De activiteit is belangrijker dan de finaliteit. Een lange verwoording zoals hier verheldert hoe ik daarover denk, dus dat hoeft niet massaal gelezen te worden.

Heel de bekabelde en draadloze schermenpotpourri is mij een semi-publieke ruimte waarin je ook je études maakt, waar misschien ooit groots georchestreerde en publieksgerichte dingen kunnen, maar dat hoeft dus niet altijd.

Geef een reactie