Categorieën
journal intime Kathedraalse Leer Lopende zaken opiniestukken Proza

journal intime #129

jt129 – un optimisme intégral – SCHEPIJS

vanochtend las ik een opiniestuk in het NRC over wat met ‘afrekencultuur’ is gaan noemen, naar de Engelse vrees voor de ‘cancel culture’. ik ergerde mij daarbij nogal aan de wereldvreemdheid van de auteur, een historicus van wie je toch zou verwachten dat hij de actualiteit kan duiden vanuit het perspectief van zijn opleiding, die van alle richtingen in de menswetenschappen toch als minst wereldvreemde bekend staat.

in het volle besef van de futiliteit ervan schreef ik dan toch maar die ergenis van mij af in de hiernavolgende verbale gedachtenlozing, waarvoor mijn oprechte excuses.

over de afrekencultuur

het recht op vrije meningsuiting was en is een afgedwongen recht dat elk burger eender wat en waar mocht en mag beweren in weerwil van de overheid en hoe die het graag wil of zou willen horen.

zo is dat. dat mochten en dat mogen we. alleen is het nu zo dat je je mening net zo goed in je bed voor je zelf kan uit mompelen als je niet ergens toegang hebt tot een ‘platform’, een ‘spreekbuis’, een ‘medium’.

nu hoe je het amalgaam van plaatsen waar je mening kan gehoord worden ook noemen wil, heden ten dage is zo’n ‘locus’ weinig anders nog dan een betaald zitje.
het betaalde zitje is goedkoop zolang je mening onbelangrijk, neutraal en rendabel is: zolang het zichzelf ‘verkoopt’. eender welke opinie over de nieuwe haarkleur van Beyoncé is vaneigens zelfbedruipend en zal uitgebreid aan bod komen…

het betaalde zitje wordt duurder naarmate ze meer afwijkend, belangrijker, en/of onrendabel is.

dat maakt dat elke mening sowieso gekwantificeerd wordt: ze wordt op dat raster gelegd en haar prijs wordt bepaald. dat gebeurt niet door iemand, ook niet door een of ander duister consortium, maar door de zgn. ‘vrije’ markt die uiteraard wel bespeeld wordt door diverse schimmige tot gitzwarte ‘belangengroepen’.

wat men dan de ‘open debatcultuur’ pleegt te noemen stelt niet veel anders meer voor dan wat geschud met het raster ten einde te bepalen in welk vakje het gekweel in kwestie thuishoort zodat het naar behoren geprijsd naar de ‘vrije’ markt kan vloeien.

die onvermijdelijke kwantificatie van elke opinie in het moordende spel van vraag en aanbod wordt verder gekenmerkt door obstinate (koppige) afwezigheid van de overheid in de organisatie ervan.
de overheid wijst elke verantwoordelijkheid van de hand, want zij mag immers niet ingrijpen bij deze ‘vrijheid’ van meningsuiting.

wat volgt is dan, onder de verdeelde zitjes, het huidige zwarte pieten spel waarbij de verantwoordelijkheid wordt doorgeschoven of naar de media die stuk voor stuk op ‘vrije markt’ principes van vraag en aanbod zijn georganiseerd, of naar culturele opiniebepalers zoals universiteiten die eveneens als bedrijf worden gerund, of naar bepaalde satanisch kwaadwillige politici. in feite dus naar de dichtsbijzijnde Speerse spektakelfaçade voor het mombakkes, de eigenface van de kwantificatiecultuur zelf, die wij allen in ons midden toelaten en zelfs toejuichen.

want uiteindelijk is het natuurlijk allemaal onze eigen ‘schuld’: wij staan toe dat bedrijven als Facebook, Google en Twitter bepalen wat er wel en niet mag gezegd worden
wij staan toe dat er nagenoeg geen enkele vrijplaats, geen enkel onbepaald kanaal van informatie meer bestaat
wij dringen er bij onze overheid die wij verkiezen niet op aan dat er voor ons als burger zulk een digitaal platform dat vrij is van commerciële belangen wordt gecreëerd (de kostprijs daarvan is bij een degelijke uitbouw waarbij je de burger gaandeweg laat zien dat wanneer hij er direct zijn geld aan geeft ipv indirect via belastingen, wanneer je laat zien waarvoor zij betaalt, belachelijk klein)
wij beweren al sinds 1990 dat we ‘van computers niks begrijpen’ en het zijn wij, u en ik, die wat dit en vele andere dingen betreft al onze burgerrechten cadeau gedaan hebben aan voornoemde spelers, de uitbaters van het meningenpretpark waarbinnen ik hier, op Facebook en elders mag beweren wat ik wil, want tegen de financiële overmacht die deze macht over mij en jullie wil behouden als een rechtmatig verworven eigendom, kan ondertussen niemand meer op.

ofwel, misschien? ik zie het graag gebeuren…

dus kunnen we het woord ‘afrekencultuur’ misschien beter her-begrijpen, ‘hermunten’ – zo zeggen jullie dat toch niet? – als die cultuur waarin je als individu voortdurend afgerekend wordt op de marktwaarde die je hebt, dwz. hoeveel er van jou nog geëxploiteerd kan worden, wat de data die jij genereert door hier binnen de globale database van het internet voortdurend rond te klikken en jouw mening te fulmineren nog opbrengt aan de kassa.
een kassa die voor ieder van ons netjes afgesloten en buiten zicht en buiten bereik blijft, en zeker dan voor de naarstig speurende overheden, maar ach, da’s maar een zielig hoopje kleine adverteerders, een slecht georganiseerde bende prutsers waarvan de meest effeciënte elementen overigens ter controle een ruime toelage krijgen, rechtstreeks uit de kassa, hier, niet bij jou.

en deze afrekencultuur floreert geheel dankzij jouw al te bereidwillige medewerking, waarvoor niemand jou ooit bedanken zal, laat staan betalen.

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma


Categorieën
Kathedraalse Leer Lopende zaken opiniestukken Proza

leesverslag

// al te voorbarig leesverslag van dit boek met een uitvoerige statusupdate van de Kathedraal als introductie en dan teleurstellend weinig verslag

Google books: https://g.co/kgs/sKezKs

(wat voorafging)


de primaire gedachtebeweging die ten grondslag ligt aan elk ‘essentialisme’, de harde kern van elke ontologie is een denkfout. de NKdeE benoemt deze denkfout als de Zaak van de Noodzakelijke Oorzaak.
Het betreft een meer radicale versie van de ‘fallacy of misplaced concreteness’ in Whitehead’s Process & Reality) en ze kan ong. zo verwoord worden:

‘het benoemde moet iets zijn, dus het is iets’ terwijl er enkel een benoemen gebeurt/gebeurde dat vervolgens om een ‘zijn’ lijkt te vragen – het Zijn wordt telkens opnieuw uitgevonden, simultaan met het Niets waarna het Zijn van het benoemde Ding de echtheid van het gebeuren ervan usurpeert en straal ontkent: het mag niet meer gebeuren want het is (wat het is).

enkele opmerkingen:

  • hoewel er van het het Zijn ook al sporen zijn terug te vinden in de Oosterse Oudheid, kan de origine van de gedachtebeweging chronologisch waarschijnlijk best ergens in de buurt van Parmenides gesitueerd worden, hoewel deze datering onbewijsbaar is.
  • het ontstaan van de Zijnsfictie is in ieder geval minstens ten dele te danken aan de (her)uitvinding van het schrift en de daarmee gepaard gaande mogelijkheid tot kwantificering van de gecodeerde taal middels de Arabisch-Grieks-Romeinse schriftsystemen. in het schrift vind het Zijn immers zijn noodzakelijke materiële grond, enkel in het schrift, de Schrift , kan het Zijn en het Woord op een verifieerbare manier bij God gelegd worden
  • de informatietechnologie van heden is in die zin een rechtstreekse uitloper van de aloude taaltechniek van het schrift dat via het juridisch taalgebruik (een ‘ding’ is vooreerst en ook etymologisch een rechtsgeding, een verdict, een ‘case’) viraal tot in de meest intieme menselijke interacties is doorgedrongen.
  • het Zijn is later via Plato, Aristoteles en via de Arabische ommegang daarvan de basis geworden voor het discours van het monotheisme dat het aldus uitgevonden Zijn met een patriarchale God identificeerde en zo kon instellen als Orde van het Woord (cfr Foucault)
  • sinds Nietzsche (en Freud wiens ontdekking van de onderbewuste sturing van de hoger cognitieve functies door Derrida in de filosofie als fataal virus is binnengebracht) zitten we opgezadeld met het lijk van deze God, een bijzonder geurig Onding dat ook de ‘auteur’ mee in zijn val sleepte en tot een ondode maakte, een niet-levensvatbare invulling van de nabestaande auteursfunctie die vervolgens ten prooi viel aan louter commerciële exploitatie.
  • tot op heden is het ‘Westen’ er, mede door toedoen van de instorting van de moorddadig koloniale basis van onze weelde, niet in geslaagd een afdoend antwoord te formuleren op het overlijden van elke vorm van gefundeerde autoriteit en dat is er met het fiasco van de twee Wereldoorlogen niet bepaald beter op geworden.
  • elke vernieuwde opleving van de oude patriarchale pikorde is moorddadiger dan de vorige (heden is dat de versmelting van het neo-liberalisme met populistisch rechts in een min of meer gefatsoeneerde versie van het fascisme: de slachtoffers vallen quasi-onzichtbaar aan de andere zijde van het zelf-ingerichte strafkamp waarvan wij zelf de bewakers zijn. in het kamp zelf gaat de ‘uitverkoren’ bevolking ten onder aan de eigen nijd)
  • we nemen het woord ‘pikorde’ best letterlijk want het Zijn is in elk opzicht (ook in de Christelijke mystiek) identiek met het bereiken van het orgasme maar dan uitsluitend (behalve in de Christelijke mystiek) via gewelddadige penetratie en onderwerping van het vrouwelijke, een kortsluiting van de rede in de militaristische sluitsteen, het syllogisme van de dood: kill or be killed, fuck or be fucked
  • de Chinese cultuur blijkt veel ‘Zijnsresistenter’ en ondervindt dan ook nauwelijks hinder van onze euh gênante geuroverlast en pijnlijke ideologische leegloop, waardoor wat er nog rest van de Westerse hegemonie op de planeet smelt in een tempo dat enkel het pakijs aan de polen kan evenaren…
  • de NKdeE poneert dat het gezonder (want conform het echte gebeuren en in strijd met de fictie van het Zijn) zou zijn om niet de oude Zijnsorde van de (darwinistische) evolutie naar het hogere, het vooruitgangsoptimisme en de eeuwige groei als basis voor ons denken te nemen, maar wel de realiteit van de voortdurende ‘devolutie’ van de kosmos onder ogen te zien, het Kosmisch Rot dat vanuit de fysische realiteit van de entropie rechtstreeks te vertalen valt in de continue degeneratie van wat wij ‘leven’ noemen.
    in deze Neo-Kathedraalse optiek is de mens een viraal overgangsstadium, een degeneratie van het dierlijke naar het sensibel-machinale. het effect van de ‘humaniteit’ lijkt congruent met het uitdoven van de Zijnsinfectie echter ewa uitgewerkt zoals een bruistablet in een glas water, met een beetje lichtjes misselijk makend doorzichtig vocht als eindresultaat. het eindigt niet met een ‘whimper’ maar met enkele braakspasmen in een zichzelf overbodig makende planetaire infestatie.
  • men hoeft daarbij echter niet te panikeren: hoe erg de situatie ook lijkt, in de natuur kan alles altijd erger. heil de natuurrrrrrr!
  • wij (Laiske, Anke en ik) van de Nieuwe Kathedraal van de erotische Ellende, beschouwen deze waarheden als evident ende vanzelfsprekend, elke discussie daarover is compleet zinloos, het spul bewijst zichzelf, elke dag erger en trouwens Anke wordt daar altijd vreselijk geil van als ik het haar begin uit te leggen, terwijl ze het mij nota bene zelf geleerd heeft, het kieken!

over de waanzin

 nu.

de Neue Kathedrale des erotischen Elends, mijn onderzoeksprogramma dat tot deze vaststellingen kwam, interesseert zich de laatste tijd klaarblijkelijk fel voor de nosografie omdat daar het ontologisch Rot lelijk toeslaat: ik ben als Kathedraalauteur in Voege, ‘Schizofrenie. Een filosofisch essay over waanzin’ van Paul Moyaert aan’t lezen, en de inleiding daarvan leest voor mij als een hachelijke helikoptervlucht boven de hete lava van het losgeslagen Zijn.

Moyaert is daarbij, zo lijkt mij voorlopig, een bijzonder bekwaam en meermaals gebreveteerd piloot, maar onderschat hij de brij onder hem niet een beetje? maar bon ik zit nog maar aan p. 38 dus ’t kan goed zijn dat we dat nooit gaan weten, want boeken uitlezen is zo verdomd lastig in deze interessante tijden, zeker voor een fel door muzen en ander ongedierte geplaagd dichtertje als ik

elkwegs: het Zijnsmaneuver dat we hierboven poogden te omschrijven is natuurlijk ook evident aanwezig in de beweging die mensen als een soort Eerste Oordeel onderverdeeld in de Gezonden en de Waanzinnigen, waarna het ontbreken van elke grond aan de benaming ‘gezond’ moet en zal worden ingevuld door een zo stringent mogelijke benoeming van de ‘waanzin’, waardoor de dichotomie een primair machtsinstrument kon/kan worden dat tot in den treure op de meest grof-humane wijze gebezigd is van Babylon tot Dachau. elk oordeel omtrent de waanzin functioneert louter als een veroordeling van de realiteit van de ander om het fictieve ik te legitimeren.

Moyaert (zo lijkt het, ik moet voorzichtig blijven) ontwijkt die discussie (niet evenwel zonder ze te duiden) door zijn kernvraag ‘wat is waanzin?’ niet t.o.v. de mentale gezondheid te stellen maar door de verklaring in de ‘interne dynamische samenhang’ (p.36) te willen gaan zoeken, waardoor er natuurlijk al ‘bestaan’ en ‘zijn’ van de waanzin aangenomen wordt :

“Waanzin (schizofrenie/paranoia) vertegenwoordigt een aparte werkelijkheid, een werkelijkheid met eigen dynamiek en problematiek” (p36-37)

hij pleit dan, (omdat die aparte werkelijkheid natuurlijk niet echt apart kan ‘zijn’) en dat vind ik dan, sorry è, bepaald koddig, voor een ‘immanente wezensanalyse’ van de waanzin waarvan hij in één zin het ‘wezen’ heeft geponeerd, bewezen en onmisbaar gemaakt.

deze gedachtebeweging zou zo uit Cuseaanse theologie kunnen komen waar de zinnen op identieke wijze stijf staan van het opgeklopte ‘esse’. God bestaat omdat god niet kan niet-bestaan want dan zou hij god niet zijn.
Het is natuurlijk de stokoude fallus die zichzelf enkel stijf en penetrerend en als agerend en vigerend Zijnde kan denken, en vooral niet responsief-clitoraal gebeurlijk.

de crisis van het post-modernisme blijkt zich thans te (gaan) herhalen in de van de filosofie afgescheiden psychologie met wat voorheen ondenkbaar leek: een nog meer immense explosie van geschriften waarin de waarheden zich sneller opvolgen dan hun schaduw. niets minder dan een volatiele publicatiediarree.

maar bon, ziet ge, ach toch, ik ken te weinig van die terminologie en van de geschiedenis ervan om dit punt elders dan hier (in de marge van de zijlijn van de marginaliteit van het braakland waarin elk intellectueel discours tegenwoordig vergeefs want ongelezen wordt gevoerd) te maken.

zo ik dat ‘elders’ al zou kunnen localiseren è, hihi, want hoe korter je bij elders komt hoe luider het advies ‘ga hiemee maar elders’ weerklinkt, dus je moet al wat expert in de negatieve theologie zijn om dat legendarische Oord van enig woord te kunnen voorzien…

en plus: ’t is weeral een eind na middernacht en ik had alleen vandaag verlof van mijn dagtaken in de Vrije Lyriek! sorry è.

Categorieën
bibNotes Kathedraalse Leer lyriek opiniestukken

bibNotes #1 – Theo van Doesburg

bibNotes?

nieuw NKdeE- programma, in testfaze. het gaat als volgt:

STAP 1:

  • ga naar een redelijk grote stadsbib [ik ga naar Leuven]
  • kies een dode ‘kunstenaar’ K
  • pak alles dat van K beschikbaar is naar een leestafel en spendeer daar min. een uur mee
  • maak wat nota’s/tekening op A6 tekenpapier

STAP 2 :

  • ‘verwerk’ uw notities:
    • werk de tekeningen af, kleur ze in
    • zoek bijkomende info op internet
    • scan alles in en zwier het op een blog, ev. met wat uitleg, extra tekstuele output, appreciatie, vertel wat er gebeurde, geef opmerkingen…. link ‘interessante namen naar extra info (wikipedia, musea e.d.)
    • zorg ervoor dat je minsten 1 andere naam hebt om te researchen de volgende keer (= output ‘kunstenaar’ L) (check de beschikbaarheid van de output in de online bib-catalogus!)
    • mep tijdig de binnen geslopen vliegen tot spijs

bibNotes #1

INPUT: ‘kunstenaar’ Theo van Doesburg

Theo van Doesburg (1883-1931)

arpeen

Theo is not my cup of tea. Die paragraaf alleen al, hij gebruikt het maar 1 keer hoor. Iemand die vooral kunstenaar wil zijn. Wil het Maken.

Met slierten Hegel nog. De these is de Kunst tot Theo. De antithese is Dada met I.K. Bonset. De synthese is het Constructivisme met Theo.

Hollandse vakjes. Vakjes Holland. De Duitsers vinden het chewèldug. Nu ja, het ligt aan mij: het concept ‘architectuur’ zoals de meeste Modernisten dat hadden gaat er bij mij al niet in, die top-down ingrepen. De enige vorm van architectuur die bij mij genade vindt is die van de Middeleeuwen of de ‘geologische’ van Louis G. Le Roy: stenen stapelen en tien jaar laten verwilderen.

Bij het bladeren rust ik uit bij de gezichten van Hans Arp. “Sjonge, wat heeft die het hoog zitten”, zeggen ze, zonder monden.

 

petronella

De wereld is een kleine spermamolen. In het Frans verkoopt dat wel.

De blaaskaken met de grootste teut hebben steevast de meest adorabele vrouwen. Ze zijn, dat is de regel,  aan hem gebonden met en door hun enige zwakte, voor de rest zijn ze welhaast perfect. Intelligent, kwiek, bodemloos getalenteerd, mooi, wellustig en tjokvol Liefde met een L die alle K’s van tafel kegelt.

Vaak zouden het duizend keer betere ‘kunstenaars’ geweest zijn, maar ze weten wel beter: met die piemeltrekkerij om de Grootste Jan bijeen te joekelen, maak je geen nest voor wat  geluk, laat staan een dageind vol tevredenheid.

Petronella heet ze en ze laat zich de vermannelijkingen lachend welgevallen. Ze stuurt haar Doesje als een volleerde pimp de beste straten op;

Op het ene werk van haar dat in het Grote Boek mocht staat een ‘wit kannetje’ op zo’n kleurvakkentoestand. Een paar krullen verf, meer is het niet. Ze signeert de krullen ‘cupera’ met een flinke zwier onder de c en verwijst daarmee al de rest naar de prullenmand.

Naamloos-1

In de ‘catalogus’ van het werk staan ook de literaire exploten van Theo afgedrukt. De aandoenlijke jeugdmijmeringen gaan naadloos over in de van Schwitters gepikte hoge ironie (genre ‘Anna Blume’, dezelfde overtrokken toon waarmee Wim Helzen net te goed is om helemaal om te gieren te zijn).

Hij toert ermee rond, Dada is entertainment, vooral, je kan er munt uit slaan.

De enige tekst waar ik mij niet meteen aan blauw ergerde is in het Frans, alweer: ‘Madapolan’ uit het derde Mecano-nummer (de NKdeE ‘cluster’ MECANOLODIAMAURO van 2006 heeft de resten van die publicatie ingebakken in haar letterdwang).

I.K._Bonset_Madapolan

Ik noteer nog vlug wat namen (het netwerk van onze van Doesburg zit echt wel knatsvol met het Ware Werk) zodat ik op weg kan, weg van deze Schotse Lippen en terug mijn geliefkoosde Niets in, om Cupera te vergeten:

Peter Rôhl
Victor Servranckx
Leon Tutundjian
Raoul Hausmann
Marthe (Tour) Donas

mecano-3-voor-download_

De Theosofie en Einstein komen bij Duchamp con suis samen in de Vierde Dimensie, dat heeft Linda Dalrimple Henderson ons geleerd, we gaan het nooit vergeten. Vergeef mij dat ik andere mixturen van hetzelfde brouwsel verkies boven de Doesburgse variant…

 

OUTPUT: Marthe ‘Tour’ DONAS en Hans (Jean) ARP

 

Categorieën
asemisch Grafiek Links - publicaties lyriek opiniestukken Schoonschrift

het mombakkes van de LYRIEK

mombakkes
dv 2018 – “selesteina declamation around a large ink spot representing the author” aka “het mombakkes van de Vlaamsche Lyriek” dedicated to MARCO GIOVENALE – ink on paper -105x78cm

 

ziehier het MOMBAKKES (eigenface) van de Vlaamsche LYRIEK! het MOMBAKKES houdt zich schuil tenmidden netjes uitgegeven gerenommeerde verzen! maar het is enorm VERRADERLIJK! het beschadigt FATAAL uw OGEN en uw BREIN!!!

past op!

schrijft enkel ROND het MOMBAKKES en NOOIT er over! Uw schrijven zou op mysterieuze wijze kunnen VERDWIJNEN in de VERGETELHEID!!!

de kleinste letter in het mottigste hoekske of boekske dat gij ergens over het MOMBAKKES schrijft en GE KUNT HET SCHUDDEN!!!

NOOIT zal er iemand u nog willen uitgeven!!! Nooit zal men uw schrijfsels nog AU SERIEUX nemen!!!

past op past op past toch op!!!!

 

(dit werk wordt in mei 2018 in Rome tentoongesteld opdat het voor eens en voor altijd duidelijk zou zijn voor GANSCH de WERELD dat VLAANDEREN zorg draagt voor haar LYRIEK en haar onwettelijke kinderen! Leve De Zever!)

 

mombakkes_detail
MOMBAKKES detail, getroffen door de Schaduw van  de Hand van de Gevreesde Auteur

Categorieën
Kathedraalse Leer lyriek opiniestukken

Status van de Praktijk van de Vrije Lyriek

Echt aangenaam werk is dit niet, maar het is noodzakelijk: een blik op de Bezoekscijfers van dirkvekemans.com (vilt.wordpress.com), dit eigenste Orgaan van de Vrije Lyriek en daaraan gekoppeld, de status van de Praktijk van de Vrije Lyriek als onderdeel van het Neo-Kathedraalse Onderzoek.

Trek het u niet aan als ge daar niks van snapt nu, het wordt wel duidelijk verderop…

Eerst een hopelijk verduidelijkende ‘historische’ introductie voor niet-ingewijden (ik hoop toch dat het verduidelijkt want het was nogal pijnlijk om schrijven ook) , dan de uiterst summiere cijfers en de analyse van het Heden.

Misschien, als de Tijd dat vereist, later nog ‘s  wat een voorzichtige Prognoses en intentieverklaringen ofzo, maar tja wie heeft er nog Toekomst nodig è, ’t zal allemaal zo al wel rap genoeg komen…

Inleiding

(noot: ik heb in het onderstaande bewust geen links naar  aangehaalde werken of sites opgenomen, men kan die via Google wel min of meer terugvinden mocht men daar nood aan hebben)

Rond de eeuwwisseling stel ik (Dirk Vekemans °Lier, 1962) als zelfstandige IT-er vast dat ik het creatieve ‘prullen’ niet kan laten. Vooral de schrijverij maar ook het oneigenlijk gebruik van de software die ik dagelijks voor professionele doeleinden bezig en het tekenen en ‘kliederen’ houden mij soms meer bezig dan goed is voor de Gang van Zaken.

Ik kwam, wat het schrijven betreft, op dat moment al thuis van de spreekwoordelijke Kale Reis. Van de organisatie van een Leuven Per Vers in 1996 (een gebeuren rond ‘Poëzie, Protest en Performance’ waar op 1 dag op zes locaties in de Leuvense binnenstad  dingen rond die drie P’s gebeurden, het was een behoorlijk succes met meer dan 1000 bezoekers voor ‘poëzie’ in niet eens zo fel verruimde zin) hield ik vooral een niet zo fraai prentje over van de Literaire Wereld in de Lage Landen zoals hij was. En is, helaas. ik zag vooral ontzettend bezielde en gemotiveerde mensen kronkelen in een gedraineerde vijver van commerciële exploitatie. Hoe kleiner het vijvertje werd, hoe meer verbeten het gekronkel, hoe groter de stank van de verrotting. Ik las indertijd bv. de voortreffelijke analyse Whooosh van Dirk Van Bastelaere en kon niet begrijpen dat men van daaruit kon nalaten om conclusies te trekken. Ik was, in al mijn ontgoocheling, want het gezelschap van de Groten der Literatuur had mij in mijn jeugd van de absolute wanhoop gered, nog veel te naïef.

Soit, ik heb er sindsdien een punt van proberen maken om niet het negatieve te willen zien, niet de verrotting of de massale sterfte maar de nieuwe groei, het frêle vruchtbeginsel in de schaduw van de glorieuze Ruïne van de Letteren. Het blijft moeilijk, we doen ons best.

Het blijft moeilijk ook omdat ik weiger mee te doen aan enige vorm van polarisatie. Ik weiger mensen te bekritiseren zelfs maar, die ik zie meegezogen worden in een logica van exploitatie, rendabiliteit, het op puur ideologische wijze in stand houden van een fictieve schaarste, waandenkbeelden van concurrentie, creativiteit gespalkt als een dood vlindertje op het Productenprikbord, en vooral: de droeve noodwendigheden van het eigenbelang. Het is mij te triest, ik keer mij daarvan af, ik doe daar niet aan mee. Het is ongezond, ge wilt u daar niet mee inlaten. Ik zeg ook niet dat ‘mijn manier’ beter zou zijn, ik beweer niet een ‘alternatief’ te bieden, ik heb u, in één woord, niets, totaal niets te verkopen. Ik zwijg daar over, ik doe alleen verder, op mijn eigen, enge, besloten, afgekeerde manier. Ik doe het anders omdat het anders kan, zolang het anders kan. En omdat ik het gezonder vind, ik voel mij daar beter bij. C’ est tout.

Op |www.vilt.net| open ik, in 2000 denk ik, een website die gaat experimenteren met Nederlandstalige Literatuur op Internet. Aftasten wat de mogelijkheden zijn. Veel experimenten, o.a. een multimediaal stukje Hendrik Marsman, en op basis van een gedicht van Didi de Paris, in Flash (soft van Adobe, die toen nog van Macromedia was) geanimeerde tekst in de aard van de mooie dingen waar Tonnus Oosterhoff later mee zou schitteren.

Tof allemaal maar het voornaamste voordeel van de revolutie van het Internet lag wat mij betreft vooral in de opportuniteit voor het quasi kosteloos verspreiden van teksten.
Hoe zou je als auteur die nieuwe mogelijkheden kunnen gaan benutten? Kan je effectief online gaan schrijven? Terwijl ik langzaam ook in de wereld van de Net-Art (Rhizome) werd meegezogen, nam ik mij ook voor om te onderzoeken hoe je een Praktijk van Literatuurbeoefening zou kunnen uitbouwen op basis van de nieuwe mogelijkheden.

En, wonder boven wonder, toen was daar plots de explosie van de blogcultuur, ik hoefde niet langer op mijn eentje zitten prutsen met lauwe experimentjes op een in elkaar geknutselde website! Het kon! De lezers waren er plots massaal!

Op vilt.skynetblogs.be opende ik mijn eerste blog en voor ik het besefte draaide het bezoekerstellertje dol! Ik schrijf en word gelezen, meteen! Mijn lezers leven en reageren, het zijn mensen zoals u en ik, echt! Voorwaar een mirakel.

In de zwaar gesubsidieerde bladen van de Literatuur, ondertussen,  spreekt men over het Internet als de Goot van de Literatuur. Ik redeneer vanuit de hun toch min of meer vertrouwde logica van het Kapitaal en stel vast dat de materiële noodzaak van hun papieren medium (een hoopje marginaal verspreidde proppen en bundels door henzelf beschreven als Imperium) door de komst van het Internet als distributievorm dreigt weg te vallen, wegvalt, dat het maar een kwestie van tijd is, ik schrijf daarover, mijn lezers lezen het in hun, in onze  Goot van de Literatuur en samen met hen vraag  ik mij af  ‘who cares’?

En ik kwam tot de vaststelling dat ik het heel erg vond maar dat ik geen andere optie had, dat ik node alle voordelen van het reguliere publiceren zou moeten missen, de correctoren, de begeleidende redactie, het managen der belangen, het aanzien in de pers, in de media, maar dat ik anderzijds wèl honderd en een voordelen had: ik hoefde de finaliteit, de teleologie  van het schrijven niet langer te volgen, ik kon, net als Huygens in de Gouden Eeuw, het schrijven terug beoefenen als dagelijkse praktijk, als puur surplus, ter vermaak van enkelen maar vooral als zelfonderzoek en als cultivatie van een Groeisel, iets dat een eigen leven gaat lijden, de mogelijkheden waren legio…

Ik won dus ontieglijk veel meer dan ik kon verliezen door mijn werk niet als ‘af’ product aan te bieden aan tijdschriften, uitgevers in de kleine hoop dat men er brood in zag om dat te publiceren. Ik hoefde niet te vragen aan bevriende collega’s in de redactieraad van DW&B of ze niet effen dat en dat wouden opnemen zodat ik die en die uitgever kon plezieren met een ‘publicatie’. Ik hoefde niet de lange lijdensweg af te leggen om door de ‘Gestrenge Kwaliteitscontrole’ aan de zwaar bewapende grensposten van de Nederlandstalige Literatuur te glippen. Een ‘kwaliteitscontrole’ die door het instuiken van de oude ideologieën die  het normatieve oordeel bepaalden enerzijds en door een toenemende gelijkstelling van kwaliteit met verkoopbaarheid anderzijds èn vooral ook door het algehele verval van de normerende literaire orde meer een bizarre vorm van vogelpik werd dan een rationeel benaderbaar proces…

Er zijn momenten geweest dat ik mij bij heel die Gang van Zaken ontzettend triest heb gevoeld, want het bleef dezelfde Literatuur der Groten die mij in mijn jeugd etc….
Trekt uw Plan, dacht ik en ik trok het mijne. Ik draaide de Logica van de Fictieve Schaarste om. Jullie uitgevers zijn de bedrijven die winst willen maken op basis van geschriften, wel hier zijn mijn geschriften, ik nodig u gaarne uit om deze in uw door mij zeer bewonderd Gamma van Producten op te nemen. Ik zelf heb niet die pretentie, maar ik heb wel lezers die er toch wat in zien, dus in hun belang, misschien? In het belang van de Literatuur dan misschien, een Woord dat hoog Wappert in uw Vaandel toch, want euh, de bewaartijd der digitale geschriften hier is maar euh,  slapkens? Niet?

Het was natuurlijk vooral een ironiserende pose want je zag dat van hier, zoals wij plegen te zeggen,  dat iemand daar zou op reageren. De Status van het Erkende Auteurschap was iets dat je als een popster diende te bereiken, een Regulier uitgegeven werk was/is een Aureool, een Diadeem op uw geblondeerd dichterskopke.

In 1996 persifleerde ik de Gang van Zaken al door de namen van de Deelnemende Auteurs aan Leuven Per Vers als popsterren op de affiche te zetten, van klein naar groot. Alleen Didi de Paris merkte dat op, hij kon daarmede niet lachen.

De reactie was naar verwachting  zeer miniem. Soms schreeuwt men al eens, bij gebrek aan kennis van de Feiten, ‘arrogantie’, ‘lafheid’, ‘bekrompenheid’  en andere moordwoorden en koudvuurstichtingen. Onlangs nog iemand die de Feiten wel kent maar ze liever vergeet omdat hij er zelf belang bij heeft dat ze anders zouden zijn. Het is tenslotte Post-Truth tijd. Dat doet dan wel effen pijn, zeker als het van een zogenaamde vriend komt. Soit.

Wat verder volgde zal iedereen nog wel weten, zich kunnen herinneren. Er kwamen diverse initiatieven, Meander, weblogs van Rottend Staal, Tine Moniek, De Contrabas teveel om op te noemen omdat ge bij het opnoemen dingen vergeet die ge niet zou mogen vergeten, want alles ontstond op basis van noeste arbeid van onbezoldigde mensen, geheel uit Liefde voor de Letteren, iets dat verder veeleer via bankrekeningen werd beleden.

De drive die er toen was (2005-2009) zorgde voor een eerste bloei in mijn eigen creatief werk en gaf mij de nodige energie om samen met Grapes of Art en de Bereklauw het KLEBNIKOV CARNAVAL uit de zure Leuvense grond te stampen. Feest van de Vrije Lyriek!

*
* *

2009 was een rampenjaar. De gevolgen van de bankencrisis werden voelbaar, ik onderging, mede door toedoen van het verwaarlozen van mijn financiële realiteit in functie van de creatieve impulsen,  een persoonlijk drama en geraakte meer en meer ‘ aan lager wal’ zoals dat dan heet, de trage vicieuze cirkels van een al jaren sluimerende verslaving brachten mij dichter en dichter bij de letterlijk banale dood. Ik kroop steeds dieper weg, verder in mijn nachtmerrie, met het gevoel van een gekruisigde, belaagd door mijn eigen honden.

Buiten mij werd de hele blogcultuur in een mum van tijd  onderuit gehaald door de ‘Sociale media’: facebook en consoorten haalden er alle dynamiek uit weg door de diep-menselijke behoefte aan ‘aandacht’ op een veel efficiëntere manier te gaan exploiteren, elke klik werd een eenheid verhandelbare ‘aandacht’ waar je middels commercieel-strategische ‘insights’ winst kon uit puren. Op Facebook scoor je met een foto van een poesje nu eenmaal hoger dan met een gedicht, iets zonder prentje wordt sowieso al niet bekeken. Het eens en al te kortstondig zo opengebloeide Internet was fataal ingesnoerd in de ijzeren wetten van het Verhandelbare.

Ik had het helemaal niet zien aankomen, ik beleefde het nauwelijks, ik was jarenlang (2009-2016) in Vlaamse Filmpkenstaal een ‘gebroken man’. Een waas van instuikende werelden wolkte als dichte mist voor mijn ogen. Ondertussen ben ik dankzij professionele hulp aan de beterhand en kan ik langzaam de draad weer oppikken.

De ‘draad weer oppikken’ komt in de eerste plaats neer op het aanschouwen van het slagveld, de opgelopen schade. Vervolgens kunnen de noodzakelijke gedragswijzigingen worden aangebracht om terug te komen tot een gezonde situatie, een leefbare groei.
Men leze, bekijke hieronder alvast het becijferbare gedeelte van het aanschouwde….

De implosie van het Heden

2008-2017
bezoekersstatistieken voor dirkvekemans.com

Daar hoeft men verder geen tekeningske bij te maken, vermoed ik. Eigenlijk is het merkwaardig dat er, gezien de omstandigheden nog vrij lang stand gehouden wordt. De site behoudt tot in 2013 nog 10.000 weergaven voor meer dan 5000 afzonderlijke bezoekers, voor voornamelijk Lyriek die  toch wel als ‘elitair’ en ‘marginaal’ omschreven kan worden. Tot dan kan je toch spreken van een ‘veelgelezen’ auteur.

Nu ja, ik heb een aanvraag tot erkenning bij de Lijst van Vlaamse Auteurs ingediend, maar of ik mij volgens die brave mensen ‘auteur’ mag noemen valt nog te bezien. Je moet namelijk publicaties hebben bij ‘erkende’ uitgeverijen (en die heb ik natuurlijk niet) anders heb je letterlijk als auteur geen ‘recht van spreken’ in dit land, je komt dan namelijk niet in aanmerking voor de door het Fonds gesubsidieerde steun aan organisators van lezingen. Als je wel voldoet aan de criteria wordt je dan zo bezoldigd voor je lezing (tot wel €100) als de organisatie het nodige papierwerk doet….
Soit.

In 2015 zie je nog een kleine opflakkering tegen de onmiskenbaar dalende trend in, er was toen even een Vrouw in mijn leven.

Maar ziet! er is weer hoop!

2016-2017_maanden

bekijken we namelijk de detailstatistiek van het lopende jaar dan zien we een merkbare stijging van het huidige jaar in vergelijking met dezelfde maanden in het voorgaande jaar. We kunnen heus spreken van een kentering!

Waaraan kunnen wij deze positieve ontwikkeling toeschrijven?

  1. de kwaliteit van het gepubliceerde is groter dan voorheen. Volgens mijzelf is dat zeker het geval (maar wie ben ik…) maar je dient daarbij rekening te houden met de Keiharde Kapitale Wet dat het 100 maal moeilijker is om lezers (klanten) te winnen door beter kwaliteit dan om ze te verliezen door slechte ‘producten’.Hier moet ik helaas even uitweiden in de Neo-Kathedraalse Leer, een erg ideosyncratische theorievorming die erg laag scoort in citeerbaarheid omdat ze bedacht wordt terwijl ze geschreven wordt en dus ook beleefd dient te worden in plaats van op ‘normale’ wijze gelezen en begrepen, mijn excuses daarvoor.Het is namelijk zo dat hoewel de Praktijk zelf zich niks aantrekt van het geschrevene als ‘product’ het aanbod toch enkel alleen als te lezen product gehonoreerd zal worden met een bezoek.
    Het is natuurlijk een illusie dat men zich zou kunnen onttrekken aan de logica van het Kapitaal, het Kapitaal is nu eenmaal een natuurwet in de GeldRuimte.

    De humane (seksueel-animale) reflex in een door natuurwetten belaagde omgeving is de Nestdrang: het inrichten van een Beschermde Leefruimte waarin de menselijke activiteit onbedreigd kan plaatsvinden. De meeste Nesten voor NKdeE Creatieve Research & Development worden ingericht als een Bolwerk, een zwam groeiend op het exces van een Kapitale stroom. Eigenlijk kan de gehele Literatuur gelezen worden als zwamvorming: ’t is schoon, maar men is er ook ewa wantrouwig tegen want het groeit vooral op vieze donkere plaatsen en laat overal rare Sporen achter.

    We sluiten deze gedachtengang echter voortijdig af en onthouden bij het insnoeren ervan dat de Praktijk van de Vrije Lyriek zich net als de reguliere Tekstproductie  moet bedienen van dezelfde energie-inputs. Zonder lezers geen Lyriek en lezers moeten iets plukbaars zien of zij komen Niet. En: commerce blijft  commerce, of ge nu iets verkoopt of niet.

    Bovendien mag je niet vergeten dat het publiek door hun jarenlange consumptieverslaving (‘ikke verslaafd, iedereen verslaafd’ zo hoor ik iemand snauwen op de Achtergrond) enkel nog op consumerende wijze kan reageren op de Lyriekgroei en nauwelijks nog beseft dat de Lyriek groeit om gedeeld te worden, beleefd, ervaren. Soit.

     

  2. er zijn in deze periode maandelijks ingrepen gedaan in het ‘natuurlijk’ verloop de bezoekersaantallen. Via Facebook is er namelijk reclame gemaakt voor enkele publicaties op dit domein.Inderdaad, u leest het goed: reclame!
    Maar mijnheerke: ik lees net dat gij u radicaal (euh, waar hebt ge gelezen dat ik radicaal zou zijn?) afzet tegen de Kapitale vereisten aan de Literatuur als product en heel dienen blabla, die zeurderige antikapitalistische riedel van u en nu doet ge toch net hetzelfde!Wel, sorry maar dat is al te eng-ideologisch gedacht van u. Ik heb namelijk niks tegen het Kapitalisme, het lijkt mij bijzonder onzinnig om ‘tegen’ een natuurwet te zijn. De behoeftes en hun vervulling zijn ingebakken in het proces van de individualisatie van het Leven zelf, ge kunt daar niet tegen zijn tenzij ge voor de Dood zijt of voor het Betere Leven in het Hiernamaals. Waar ik mij wel fel tegen kant is tegen het ongebreideld botvieren van ongelimiteerde consumptiedrang, tegen het neo-liberalisme dat geen graten ziet in de voor de mens fatale nestbevuiling, aan honderd en een menselijk-ideologische manieren van goedpraterij van ongezond en schandalig gedrag. Maar bon, soit, dat is mijn persoonlijke ideologie die hier eigenlijk niet ter zake doet. De Praktijk van de Vrije Lyriek dient ideologie-vrij te zijn, enkel gebaseerd op het in stand houden van  en het op een gezonde manier verder zetten van de Praktijk.Ik vind het Hiernamaals bij wijle erg verlokkelijk en ik begrijp de mensen die hun Heil daar zoeken, maar ik kies al sinds jaar en dag voor het Leven Hier, zoals het is, dus inclusief het onvermijdelijke van de Wetten van het Kapitaal. Tja het nare aan ideologie is dat je geen anti-ideologisch standpunt kan innemen zonder aan ideologie te doen. De NKdeE lost dat op door het Standpunt zelf te dynamiseren, maar dat wordt door ideologen buiten de Kathedraal gelezen als Prietpraat of als hyper-ideologie, dus ik kan mijn standpunt-dat-geen-standpunt-is op geen enkele wijze verdedigen. Sorry è.
    Aangezien echter ik  gezellig  warm in mijn Kathedraaltje zit, is dat niet mijn probleem, lost het op, trek uw Plan!

    Dus, au fond, als oorkonde van mijn Oprechte Bescheidenheid en ook ter Bezwering van de Dweepzuchtige Heilzoekers: het enige wat ik doe met mijn Praktijk van de Vrije Lyriek is het hierboven beschreven Vijverke der Vlaamsche Letteren reduceren tot de werkbare, gezonde delen ervan en het als privè-vijverken installeren in het midden van mijn van het Boze Buiten Bevrijde BuitensteBinnen gekeerde Binnen van mijn Kathedraal.

    Waarom? Omdat het iets anders is en omdat het kan. Nu toch al, met vallen en opstaan, zo’n 17 jaar.

    Goed weekend è!


verdere lectuur:

Hoe is het in hemelsnaam ooit zo ver kunnen komen?
Geen idee, maar dit verklaarde wel Iets in 2008.

Categorieën
Kathedraalse Leer lyriek opiniestukken

geef er een draai aan

Gisteren naar aanleiding van de uiterst beknopte explicatie van enkele Neo-Kathedraalse spreuken bij de dagelijkse wandeling toch effen stil blijven staan bij het woord ‘inventie’.

Het woord ‘inventie’ ligt meestal zo goed als nieuw ergens in de buurt van de Stinkende Gedachtengracht bij de Offerweide. Ja, ik weet het: de foto van Geugle is nog van voor dat Natuurpunt hier haar Kamsalamanderpuntjes kwam zetten. Ik heb hier een geforward fotoke van Geugle maps uit 2018, ziet:

Offerweide
De Offerweide, ’t Rooi Poepkot en de Stinkende Gedachtengracht op de Dagelijkse Wandeling. Ik zie hier geen ‘inventie’ liggen ze, gij wel?

De inventie herontdekt

‘Inventie’ komt van het Latijnse ‘invenire’ wat zoveel betekende als ‘aankomen, uitkomen bij’. Of ‘uitvinden’, dus.
De blinkende idee onder het stof in  dat woord is dat alle menselijke ‘uitvindingen’ eigenlijk geen dingen zijn die wij maken, verzinnen, bedenken, in elkaar steken en als uit het niets tevoorschijn toveren, maar dat al dat wereldschokkends gewoon oud spul is dat wij ergens vinden, waar we op uitkomen. Met die vondst, die trouvaille, kunnen we dan weer verder. Allez vooruit!

In de door ons verduisterde Middeleeuwen paste dat goed in het kraam van theologen en andere ideologen volgens dewelke alles al (‘always already’, hihi)  in de bijbel geschreven staat en dat ge de waarheid, het ‘nieuwe’, de oplossing alleen maar daar middels de nodige exegese moest ‘vinden’. De Middeleeuwer voelde zich een ‘dwerg op de schouders van reuzen’, zo zegt Paul Verduyckt in zijn boek (zie hieronder) Bernard de Chartres na.

Zeg nu zelf: zoudt gij graag ‘Middeleeuwer’ genoemd worden?

In de vroege Renaissance mochten bij het Boek van God ook de Klassieke Letteren en Filosofie bij en nog effen later werd (gevaarlijk dicht bij de brandstapels) enige Arabische import ook wel oogluikend toegestaan om de waarachtigheid van uw vinding van de nodige autoriteit te voorzien.
De Hermetische geschriften die vele ‘rariteiten’ in het Neoplatonisme en in de nog stevig naar de alchemie geurende wetenschap in spe konden rechtvaardigen, waren eigenlijk veel jonger dan werd voorgewend, net omdat ze die stempel van ‘heel heel erg oud’ heel erg nodig hadden. De woorden, zij deugen niet, zo weet mijn zus ook, tenzij misschien ze de tand des tijds doorstaan hadden.

Bij ontdekkingen (EN discoveries, FR decouvertes) was er ook al niks nieuws onder de zon, je kwam er gewoon (weer) op uit. Het hele geniale uitvindersgedoe, de heroïsche ontdekkingsreizigers en de glorieus scheppende mens,  dat was eigenlijk meer een opgeblazen Romantieke inkleuring van een voorheen vrij bescheiden ‘humanisme’ .

Geef er een lap op

verhuyck
Plezant boekske van de Pol

Zo ook verging het de dichter, het schrijven,  de auteur en haar vindingrijkheid.
De eerste West-Europese dichters, de troubadours, hebben niks ‘uitgevonden’. Of net wel maar dan in de oorspronkelijke betekenis, die ook overeenkomt met hun benaming.  Het Franse ‘troubadour’ komt van het Occitaans ‘trobador’ een afgeleide vorm van het werkwoord ‘trobar’: ‘vinden’ dus.

In het middeleeuws Latijn heeft immers het werkwoord ‘tropare’ het klassiek Latijnse ‘invenire’ vervangen. ‘Tropare’ is eigenlijk een Latinisering van het Griekse ‘trepein’, u hoort er ook ons woordje ‘troop’ in, een zinswending. Want ‘trepein’ betekent ‘wenden, draaien’. Een Latijnse ‘tropus’ kon zowel voor een retorische ‘stijlwending’ gebruikt worden als voor een muzikale ‘wende’, een frase, een melodie in de liturgische gezangen.

‘Geef er een draai aan’ betekende dus letterlijk: kies een bestaande ‘tropus’ en pas die toe op uw ‘materiaal’, wat ge te zeggen hebt. Immers, zo verklaart ons tot glashelder klaterend bergbeekske de troosteloze gang der dingen Paul Verhuyck:

“De poëzie van de troubadours is in hoge mate een formele poëzie. De auteurs waren als kaartspelers: elke speler beschikte over dezelfde kaarten, maar de ene kon er meer mee doen dan de ander.”

Paul Verhuyck, De echte troubadours, The House of Books 2008, ISBN 978-90-443-2065-7, p. 13

Draaien keren kom nie were

De vondst is dus eigenlijk een oude draai. “Maar mijn schitterende verzen dan?”, zo hoor ik hier een Coninckskindje kwetteren. Mag ik dan niet meer effen puur geniaal mijzelf zijn, los van rijm en vorm en spel?

Wel euh, ik ga toch maar weer effen schuilen achter de ‘autoriteit’ van de etymologie:

VERS (DICHTREGEL).
[…]
Ontleend, in latere betekenissen ook via Frans vers ‘lyrisch lied’ [ca. 1164; Rey], eerder al ‘ritmische basiseenheid’ [ca. 1138; Rey], aan middeleeuws en christelijk Latijn versus ‘draai, vers (in de liturgie), regel, lied, korte passage’, een voortzetting van Latijn versus ‘rij, regel, vers, draai, vore’, afgeleid van vertere ‘keren’,
[…]

http://www.etymologiebank.nl/trefwoord/vers1

Merkwaardig toch è, dat we zo langs twee verschillende invalswegen bij dezelfde beweging uitkomen! En wat voor een beweging dan nog! Welke beweging is er denkbaar als meer fundamenteel aan alle ‘cultuur’ sinds Mesopotamië dan de draai in de vruchtbare vore? Hoe diep verankerd is die beweging niet tot in de diepste intimiteit (de kinders gniffelen, de venten snuiven)?

En ‘formeel’ of niet ‘formeel’, geheel los van elke discussie over de noodzaak of het belastende van de traditie in de dichtkunst, bij elke harde return die ge op uw keyboard mept, herhaalt ge de meest ‘grondige’ beweging van de Lyriek, die van het afsluiten van een ‘wende’, die van het aansnijden van een nieuwe ‘keer’.

Of dat, dus, enig dichtertje te lande hier ietwat heeft uitgevonden? Het is maar hoe ge het leest, è!

Categorieën
Links - publicaties Lopende zaken lyriek opiniestukken

POETRY EXPOSEE POEZIE

U P D A T E   U P D A T E     U P D A T E

Iemand ooit van Dirk Braeckman gehoord vòòr 2016? Ik niet hoor. Nochtans zijn u en ik nu in Venetië vertegenwoordigd door ‘levensgrote’ afdrukken van zijn foto’s. Fenomenaal. Ungeluufluk.

Het systeem Art à la Flamande© (AF) werkt zo: enkele banken Belfius (voorheen Dexia) bv, of CERA (ondertussen KBC) (tja die naamsveranderingen hè… is het opdat jij niet meer zou weten wie wie is? wie ben jij? of eerder zodat justitie geen rechtspersoon meer kan vinden die aansprakelijk gesteld kan worden? zo deed mijn nonkel Bruno dat toch, de Putten van Bruno zijn legendarisch in Lier en omstreken, die kreeg altijd lumineuze ideeën en dan begon hij een zaak daarmee en een jaar later was ’t boeken toe en afbolleuh. Den Bruno had ne Put in Duffel, nu Put in Waarschoot, eentje in Mechelen ook en ook in Putte maar daar ben ik nie zo zeker van. En altijd onder nen andere naam ook hè. Soit.

Enkele banken, dus, kopen massaal voor een prikje kunstwerken op, spullen waar de hun adviserende ‘kenners’ wel brood in zien, slaan die dan ver van het publiek op in hun catacomben en op gezette tijden daalt Iemand dan ’s af daarin. Iemand is meestal een tenger manneke met een brilleke dat vloeiend Postmodernaans praat; Hij snuffelt wat rond daar, op de hielen gezeten door twee directeurs en een hijgende investeerder die hem aansporen bij de Keuze. Plots staat hij stil bij een Werk, heft het Bevende vingertje en mompelt : “De wereld bestaat uit heterogene clusters aan articulaties en acties die niet kunnen bogen op een autoriteit die buiten henzelf ligt.”

Dat is het signaal voor de Volgers dat de Jaarkeuze gemaakt is.

dwbraeckman

Vervolgens wordt het leger schrijvertjes in loondienst opgetrommeld en wordt er massaal geschreven over de Revelatie van het Jaar in de Glanzende Restanten van de Literaire Tijdschriftencultuur. Slijm glimt, het is, ik weet het, bij wijle een misselijk makende trope in mijn werk, mijn excuus.

De rest is Kinderspel. Doorbellen naar de Contacten, een Delegatie preppen en hop ’t is weer in de sjakosj voor dit jaar. Het netto resultaat van deze kleine AF-actie is niet min: de marktwaarde van de opgeslagen werken is minstens vertienvoudigd. In deze tijden van Post-Truth moet ge zoiets niet aan het toeval overlaten hè, Koenst = Markt en de Markt moet ge Bespelen.

Aja, en die embetante schrijvertjes die op de sociale fora luide lopen te kelen over  Ons, de Cultuurminnende Banken die geeft je vlug een Fintro literatuurprijs en ge zijt er vanaf. Diene loopt vanaf nu met ne Fintro T-shirt rond. 
27.500 eurokens, wa ’s da nu? Hahaha!


 

Soit. Waar het in feite over ging vandaag: op zaterdag 27/05/2017 geef ik op De Bereklauw in Herent, in het kader van SKILLTREE, een iets genaamd  ‘DE BOSBRAND‘, een Workshop Poëzie voor ’t Jong Volk. Dit ten einde onze kinders tijdig te infecteren met het Virus van de Vrije Lyriek.

Er is ook iets voor volwassenen later op de dag. Om dat ewa op te fleuren dacht ik naast het inviteren van al mijn Muzen ook aan het volgende:

Stuur AUB zo snel mogelijk de tekst van Uw Favoriete Gedicht over de Poëzie naar mij op, via Facebook of via dirkvekemans_at_yahoo.com. Ik maak daar met mijn antiek HP-printerke een afdruksel van, plak dat op triplex, kieper daar wat bister over en dan ewa vernis en dan krijgt ge van die schoon ‘Gedichten over Gedichten’-plakkaatjes. Zoiets:

plakkaatjes
Mensen die eigen gedichten opsturen mogen ‘hun’ plakkaatjes meepakken, de rest verkoop ik dan ten voordele van het Onderhoudsfonds van mijn Kathedraal (tja, het dak boven de sacristie lekt weeral enzo en de banken willen niks voorschieten precies).

Allez Vooruit!
Leve de Vrije Lyriek!

P.S.: sssssst hou het stil, maar op den achterkant van de plakkaatjes staan Schandalig Subversieve Kathedraalse Spreuken (SSKS’s). Tegen als ik dood ben is da geld waard man, niet te schatten! Koopt da vlug op voor uw kinders, voordat de Banken d’r mee weg zijn!

achterkant

Categorieën
Kathedraalse Leer opiniestukken

twee bedenkingen

1. Geen nieuws goed nieuws

“Literatuur is nieuws dat nieuws blijft”, zo deelt ons mede de oude waarzegger Ezra Pound.  Een uitspraak die als Facebookstatus al meermaals bedolven werd onder de likes: zolang het onderwerp van Pound’s bruinigheid vermeden kan worden,  wordt er  massaal instemmend cognacbelgeklonken en dikke sigaargetrokken bij Vijveruitlatingen als deze. “Hoor, hoor”.

Goed, maar hoe speelt de literatuur dat klaar, zo’n evidente tegenspraak? Pound lost het op door het ‘nieuws’ in de bijzin te (her)configureren als ‘iets dat interesse wekt’.  Nieuws kan nieuws blijven als het morgen op evenveel interesse kan rekenen. Een waarzegger pur sang als onzen Ezra weet dat ie zich dan sito presto uit de voeten moet maken en zo snel mogelijk een nieuwe waarheid ‘zeggen’, anders dreigt het net voor waar gezegde in de schrijfhand te exploderen.

Want heeft Pound met zijn explicatie iets van zijn waarzeggerij effectief ook uitgelegd? Ach, hij zit al lang weer in één zijner Cantotanken citatenschrapnel in het rond te schieten, want natuurlijk niet: hij heeft de innerlijke tegenspraak enkel ietwat naar buiten geduwd om zo met een aangetoonde waarheid te kunnen pronken. Geen Vijverlezer die nu weet hoe de literatuur er in slaagt om als oud nieuws interessant te blijven. Dat is gewoon zo.

shrapnel
citatenschrapnelrecouchet

Laat het gewoon zo zijn, ik wil gewoon weten waarom het gewoon zo is. Wel, een figuur zoals de innerlijke tegenspraak is een tovertruuk die, dat is onder welopgevoede mensen genoegzaam bekend, de aandacht afleidt van een evidentie die niet mag gezien worden. De vraag wordt dus (ha ik zie dat de rondborstige derridaderivaten zich beginnen te roeren onder de dakpannen): welke evidentie wil Pound hier verbergen?

Pound gooit zijn schone majamantel over de vanzelfsprekendheid dat literatuur geen nieuws is. Niet nu, niet ten tijde van Homeros, niet morgen na de schielijke dood van de zombie van de post-Post-literatuur. Literatuur kan en zal ook nooit interesse wekken omdat het zoals krantenartikelen of tv-journaals of newsfeeds recente gebeurtenissen, nieuwe feiten of het nieuws van nieuwe ontdekkingen verspreidt. Het gaat, volgens de Neo-Kathedraalse visie op literatuur (waarover zo dadelijk meer, want ik heb niets te verbergen), ook niet op om te beweren dat de literatuur nieuwe kennis bevat of wil doorgeven, dat schrijvers van literaire werken ‘ontdekkingen’ doen of anderszins ‘vooruitgang boeken’. Dat is larie en apekool u ingelepeld door meelopers met de kampioenen van de literaire waan, de voor internering met stip genoteerde leden van de zogenaamde literaire Avant-Garde. Voorhoede van welk leger? In welke veroveringstocht dient men deze Onverschrokkenen te zoeken?

majamaanjaske
majamaanjaske

Neen, beminde Kathedraalgangers, de nieuwswaarde der literatuur is netto afgewogen nihil, nada, zilch. Zeker er zijn, naast eerder behoudsgezinde ook notoire ‘vernieuwers’ onder de literaire auteurs. Maar die brave mensen brengen ons niets nieuws zoals een fysicus ons een nieuw inzicht in het ontstaan van het heelal kan schenken, zoals een astronoom ons nieuw ontdekte planeten kan offreren of zoals een ingenieur ons een nieuwe constructiemethode kan bezorgen of zelfs maar een bakker ons met een verdomd lekker nieuw koekje kan komen vermaken. Het enige wat vernieuwende literatoren doen is hetzelfde als de anderen, maar dan anders. “Ha die pipo van Ostaijen schrijft zijn verzen holderdebolder over de pagina’s van zijn boekske in plaats van netjes rijmend op een rijtje van boven naar onder. Da’s iets nieuw!”. Neen: da’s iets anders. De reclame van dienen tijd deed dat ook, dat valt op, dat maakt indruk, dat ressorteert effect…

De ‘verworvenheden’ van de literatuur blijven dus voor eens en voor altijd hetzelfde. De enige  ‘verworvenheid’ (voor één keer verkiezen we het enkelvoud boven de pluraliteit) van de literatuur is dat het literatuur is.

Oei. Gemor in de zaal. Aja, natuurlijk, ik hoor het al: “wat is dan, gij waarzeggerke van mijn kl., voor u de literatuur?” Wel voor mij is er niks, mijn lieve medemensen, niet eens een warm lief om bij te kruipen sebiet, maar de literatuur in de huidige Neo-Kathedraalse Optiek (een Iets met nen Dikke Bril) is alles wat er op een gegeven tijdstip als Literatuur gelezen wordt.

Denkt daar alvast maar ’s goed over na, over die fantastisch Waargezegde, en bijzonder bruikbare Nieuwe Definitie (tja, als ge iets uit de Vijver haalt, moet ge iets anders in de plaats zetten, da’s nu eenmaal de Vijverwet).

En spoedt u, want het gaat waarschijnlijk niet lang nieuws blijven!

2. Niet Art

Een overpeinzingske. Over totaal onbelangrijke dingen, het is tenslotte weekend.

Over lectuur van online teksten: door het gebrek aan concentratie (gevolg van het lichtbakstaren) verdwijnt (of krijgt niet de kans om te zich hoorbaar te maken) de innerlijke stem. Je kan die wel oproepen, maar dat is moeite doen. In de Geldruimte moet ‘moeite doen’ opleveren, dus quasi niemand doet dat.

Als je een boek koopt, koop je die potentiële innerlijke auteurstem. De leeservaring binnen handbereik. Je hebt daar dan wel geen tijd voor (voortdurend gebrek aan tijd in de Geldruimte, tijd is geld, dus het tijdsgebrek moet indien nodig kunstmatig hoog gehouden worden, door onzinnige behoeftecreatie bv.), maar het bezit is genoteerd, er is aantoonbare aanwezigheid. De verkoop van e-books is dan ook aan de gemiddelde literatuurkoper niet besteed. Literatuur is immers in de eerste plaats kastvulsel, nieuws dat braafjes nieuws mag blijven in de leeskasten der Tijdlozen. Er staat zo’n 200 GB aan schalks gesprokkelde digitale tekst op één van mijn harde schijven, maar mocht ik ooit nog ’s bezoek hebben, niemand daaronder zou geïmponeerd door onze ‘bibliotheek’ het Centrum van het Gekende Universum verlaten…

auteursinkijk
fichenbak van de Centrumbibliotheek

Net Art, daar denk ik dan plots aan, omdat het de vinger legt op een persoonlijk dilemma, een gapende wonde in de strakke huid rond mijn bestanden, was nooit levensvatbaar omdat je het niet kon kopen.

Kunst is verhandelbaar Creatief Afval. Net Art produceerde alleen maar het lijfje van de netartist als afval. Als je het niet kan kopen, is het geen Kunst. Uiteraard vond ik Net Art héél plezant, hoewel mijn pogingen om mijn collega’s op de innerlijke tegenspraak te wijzen niet erg werden geapprecieerd (zo heb ik ooit het domein ‘netartdoesntexist.org‘ naar mijn Kathedraal laten verwijzen, ze konden er op de discussiefora van Rhizome.org, het virtuele club house der netartigen,  niet om lachen …).

Ge begrijpt waarom ik mijn teksten liever niet laat/liet verspreiden door bedrijven die zich ‘Uitgever’ noemen. Tant pis voor de Stem in mijn geschriften. ‘Ze’ (de arme argeloze lezers) moeten maar moeite doen (niemand doet moeite in de Geldruimte als het niet opbrengt…). Ik heb immers Kunstvrees, Dégout d’ Art, een Fatale Walgkanker die flink gemetastaseerd is naar mijn schrijven.  Bon, soit: ge wordt daar niet echt ziek van ofzo, van Kunstvrees, maar als ge bijna niks anders doet dan schrijven en tekenen en prutsen, is dat wel slecht voor uw huwelijk, om maar een iets te noemen. “Wat voor ne zot zit er hier in mijn kot!?”

Daarom was ik ook maar al te blij dat mijn kandidatuur voor deelname aan de eerstkomende Open M tentoonstelling niet weerhouden werd. Mijn kandidatuur beantwoorde geheel aan de formele regels die ertoe waren uitgeschreven, dus heb ik nu  een valabel bewijs in handen dat mijn Neue Kathedrale des erotische Elends, mijn Neo-Kathedraals hangkastje en de fabelachtige kliederwerken die ik met CB realiseerde, dat quasi alles wat ikzelve memorabel acht geen Kunst is. Open M richtte zich immers specifiek tot Kunstenaars uit Vlaams-Brabant en vroeg om de voorgestelde werken als Kunst te beschrijven. Aan de memorabiliteit van de ingediende werken kan onmogelijk worden getwijfeld, derhalve kunnen we enkel besluiten dat deze werken niet als Kunst werden ervaren!

Pfjew, dat was close!

Enfin soit, wat het ook is, Kunst is het niet en  het is vooral ook, zo heb ik meermaals mogen ervaren,  mottigmakend slecht voor de commerce!

Categorieën
Grafiek lyriek opiniestukken Ruis

dag van de week

“de dag van de week is …
MAANDAG!!!!!!”

de verkiezing van de dag van de week kwam tot stand dankzij de geheel onbaatzuchtige steun van de Vintrobank, uw Huis van Schaamteloos Geschonden Vertrouwen! Elke dag een nieuwe dag van de week steunen, je moet het verdienen, elke dag!

wit

moi non plus

moi_non_plus_daglicht

 

“Scoonre wijf was noyt gheboren
(het standbeeld van de Kathedraal,
zich hullende in
neo-kathedraalse taciturniteit)”

dv 2017, ink & water colour on paper, A3

wit

Achterbergverprutsing

noot: daar waar een ‘verhaspeling’ nog een discutabele meerwaarde geeft aan de verhaspelde tekst (‘update’), is een ‘verprutsing’ een rabiate aanval op de integriteit van de bewonderde tekst. De grens tussen een verprutsing en ongewenste intimiteiten op de werkvloer is dan ook heel dunnetjes en soms geheel afwezig, waardoor sommigen het verprutsen van teksten bij  respectloze, laakbare feiten zoals lijkenpikkerij en zelfs plagiaat willen onderbrengen. Het plegen van een verprutsing is dan ook niet aangewezen (“slecht voor de commerce”) voor een noviet in de letteren…

De verprutsing van deze gefêteerde maandag zit in dit hoekje te wriemelen met ‘Graf’ van Gerrit Achterberg

wit

bergop

gij laat mij tot de stenen toe
met hetzelfde gebrek aan geweld
als eenmaal tot uw huid, gij

die heel mijn lied bevat
& de woorden wij weigert
te noteren in faveure
van het ogenblik

nu is ons

grint waar geen klank in aard
blind zand ontvangt
neergezegen lijfelijk restant

de dood is
de dood is
de dood die
in een haak bewaard

dood is

(de vingeren wapperen alsof)

Christine D’haen over Achterberg: http://www.dbnl.org/tekst/_die004195101_01/_die004195101_01_0032.php, verschenen in  DW&B jaargang 9, 1951, een tijdschrift dat u heden voor € 52 per jaar in vier voorgeprogrammeerde afleveringen (‘tijdschrift’? de tijd verloopt dan wel erg discreet tegenwoordig, met te behappen en te vomiteren brokken van een  jaar voordien bereidde kwartalen) de alternatieve feiten van de haar sponsorende bank serveert. Smakelijk!

Aja, natuurlijk! de oerbetekenis van ‘kwartaal’ dringt tot mij door! DW&B staat driemaandelijks vol met voortreffelijk ingeboekte taal!

het oorspronkelijk gedicht van Achterberg:

Graf

 Gij laat mij tot de steenen toe

met dezelfde teederheid,

als eenmaal tot uw huid.

Mij is te moede of de dood

u maar verwisselde van kleed.

De plaats, die gij geworden zijt:

grint,

blind zand,

kruid:

gebenedijd.

Gebenedijd.
Gerrit Achterberg, Cryptogamen, ‘S-Gravenhage 1946, p.196

Bewaren

Bewaren

Categorieën
opiniestukken

compare this, kieken

de zee is de zee niet meer. wees gestrand.
de woorden breken af aan woorden, mijn arm is  een stomp
geef mij een hand. leidt mij naar een land.
u beeft, mijn heiland. geef

duisternis, vloed, een emmer beton.

ik zie gaten waar ogen waren, brokkelige dingen.

de zee is vertrokken in lijnen. er lag een schelp
tussen de takken, afgebroken takken. fucking holderlin,

dat komt ervan, ik had het kunnen weten. als het schilfert,
net voor het schilfert, de schittering.

 

Categorieën
opiniestukken

auteursplicht (1)

  • Halleluja Haïti: geef ons heden onze jaarlijkse natuurramp opdat wij onze schuld kunnen wegkwelen. “Het nummer gaat heel diep en klinkt universeel”, vindt Natalia. “Mensen kunnen zich optrekken aan zo’n nummer”. Met de opbrengst kunnen we heel Haïti volpoten met heel diep verankerde paaltjes (uit aluminium best, dat roest niet). We zetten er zo’n universeel luidsprekertje op en elke dag bij zonsopgang knallen we er die humanitaire hit door. Kom slachtoffertjes, trekken jullie je maar vlug op aan het paaltje, ’t is weer tijd om uitzichtloos te hongeren.
  • [zucht]
  • 50 Jaar na de ‘onafhankelijkheid’ van Congo: de kritische stemmen van deskundigen en hulpverleners ter plaatse worden nog steeds probleemloos overgoten met tonnen slijm van de Broederlijk Verenigde Media (BVM,  maar in feite staat dat voor Bond voor Verbloeming van  Misdaad).
  • Noodhulp is een plicht, lieve kwelertjes, wij betalen daar belasting voor. Als dat onvoldoende is, niet tijdig ter plaatse komt, in de verkeerde handen terecht komt, dan heeft geen kat iets aan al dat geweten sussend gekwijl, aan die morbiede vertoning van schaamteloos entertainment bovenop de monstrueuze berg lijken die er blijkbaar nodig was om deze permanente schandvlek op onze aardkloot in het ‘nieuws’ te brengen. Dan dient er massaal geprotesteerd te worden, dan moeten jullie met zijn allen stilzwijgend, bedeesd en schuldbewust de straat op. Want de centen daarvoor zijn er bij de ‘bevoegde’  instanties, die liggen daar te rotten voor net dit soort ‘onvermijdelijkheden’: één van die kritieke momenten wanneer de concentratie van  lijken net effie boven de grens van het ‘ toelaatbare’ gaat. Die ( steeds hogere)  drempel ligt namelijk daar waar het voor de ‘publieke opinie’ niet langer te verbergen valt dat de internationale gemeenschap er zo vele jaren na het zogenaamde einde van het koloniale tijdperk nog steeds niet in slaagt om uit de vicieuze cirkel van economische afhankelijkheid, commerciële uitbuiting, criminele leegroof en respectloze verknechting te raken. Mocht dat wél zo zijn, dan waren er op 12/01/2010 wellicht óók slachtoffers gevallen, maar dan waren ze alleszins  niet met genoeg om u aan het kwelen te krijgen.
Categorieën
Lopende zaken opiniestukken

Agamben vanop het kerkhof van Berkeley

Straks als ‘Preek van Vader Veek‘ op Radio Klebnikov*, nu al op de blog:

onder de titel ‘The Necrosocial’ analyseert Giorgio Agamben vlijmscherp de institutionele crisis aan de universiteiten en roept op tot actie. Het gaat hier over de bezette campus van Berkeley, maar als u effen naar deze kaart kijkt, ziet u onmiddelijk dat er ook in Europa één en ander loos is. Dit is de aanhef van Agamben’s snedige tekst:

“Yes, very much a cemetery.  Only here there are no dirges, no prayers, only the repeated testing of our threshold for anxiety, humiliation, and debt.  The classroom just like the workplace just like the university just like the state just like the economy manages our social death, translating what we once knew from high school, from work, from our family life into academic parlance, into acceptable forms of social conflict.

Who knew that behind so much civic life (electoral campaigns, student body representatives, bureaucratic administrators, public relations officials, Peace and Conflict Studies, ad nauseam) was so much social death?  What postures we maintain to claim representation, what limits we assume, what desires we dismiss?”

lees  ‘The Necrosocial” verder

 

————————–
* elke dinsdagnacht van 00:00 tot 01:00 op Radio Scorpio. Soms werkt de live-stream.

Categorieën
Lopende zaken opiniestukken

to save is to control

Zoals met alle nieuwe technologieën  duurt het effen voor de grote j0ngens er zich mee beginnen moeien. HP en IBM hebben nu duidelijk hun klauwen in het zgn. ‘Internet of Things’ gezet ( zie ook het eerdere schrijfsel met Bernard Stiegler over die toestand).

Dat ‘ Internet van Dingen’  komt neer op het uitrusten van materiële objecten (apparaten, voeding, grondstoffen, dieren, mensen, …) met een communicatieve chip die hun gegevens via radiosignalen aan het internet doorgeeft, en vandaar gaat het naar een centraal gegevensverwerkingssysteem.  RFID-technologie, heet dat, het staat voor Radio Frequency Identification.

De vele nadelen van die RFID-chips (je vindt ze opgesomd in het Wikipedia-artikel hier) , daar maalt men zo niet om. Het grote obstakel is de hoge kostprijs van zo’n chip. Het kleine grut mag dus verder aanmodderen met dat zootje, HP maakt zelf wel goedkopere chips. Ze beginnen met snelheidsmetertjes, later komen er andere sensoren bij (temperatuur, vochtigheid, wind, luchtdruk). Ze willen zo’m biljoen van die coole spulletjes overal gaan opplakken, dat zou moeten volstaan voor een planeetomvattend netwerk van communicatieve dingen.

CeNSE, heet het HP-masterplan: Central Nervous System for the Earth.

Voila, de planeet is weeral gered. Want als je alle data  kan bewaren, dan heb je controle, en als je controle hebt, dan kan je er wat aan doen, ja toch? Tuurlijk jongens, ik zit hier met mijn raam open, 20 november, ik hoor het geruststellende gebrom van de files in de verte, gisteren zat ik te lachen met die malle Indiërs op tv – hun heilige Ganges is met 10 meter gezakt, straks staat er enkel nog een bodempje pis – : hoe wil je nu dat we er wat aan doen, aan  al dat Globaal Gewormte. als we niks weten?

Weten is meten! Controleren! Bewaren! Want wie weet zitten er, ergens ver buiten onze heliosfeer, nóg Belgen.
Die kunnen dan, als alles opgefikt is, de data komen halen, &  er met rustige vastheid hun lering uit  trekken.

[ lees hier het HP-verhaal in de NY Times: http://www.nytimes.com/external/readwriteweb/2009/11/18/18readwriteweb-a-central-nervous-system-for-earth-hps-ambi-15544.html ]

Categorieën
Links - publicaties Lopende zaken opiniestukken

Interview Ramonet

Om een nieuw sociaal economisch project te lanceren, heb je ook media nodig die buiten het huidig denkkader durven kijken. Maar dat doet de mainstream media niet.

RAMOMET: “De media is een tussenschakel tussen de samenleving en de krachten die de samenleving sturen. Als die tussenschakel scheef zit, raakt de samenleving gedesoriënteerd. Het discours van de dominante media is er niet om het bewustzijn van de mensen aan te wakkeren, maar om de mensen vertrouwen te geven in de huidige gang van zaken. De manier waarop de heersende media de samenleving manipuleert is een vorm van sociale controle.”

Misschien dat daarom steeds meer mensen afhaken en hun informatie elders halen.

RAMONET: “De mediacrisis is een feit. Dat komt door de opkomst van internet en alternatieve media, waarvan Indymedia één van de meeste representatieve is. Er zijn nieuwe manieren bijgekomen om zich uit te drukken zoals fora, blogs en vrije media. En in landen waar de meerderheid geen toegang heeft tot het internet zijn gemeenschapsradio’s in zwang. En nu, met de economische crisis, heeft de media er een probleem bij, omdat de inkomsten van publiciteit afnemen. Aangezien de dominante media leven van de publiciteit, zijn ze enorm verzwakt. Daarom denk ik dat er zich nu een buitenkans aandient om vooruitgang te maken op vlak van media.

mijn nadruk, lees de rest op Indymedia : http://indymedia.be/nl/node/31659

Categorieën
Lopende zaken opiniestukken

de ware reden?

alle gedichtenbundeltjes van 2008 voor nog geen 20 euro
alle gedichtenbundeltjes van 2008 voor nog geen 10 euro?
(hier een vergelijkbaar aanbod uit een ebay winkel nu)

Is de schrik van de uitgeversconcerns voor  piraterij de ware reden waarom het maar niet wil lukken met die e-ink schermen? Het lijkt er wel heel sterk op.  Is dat ook terecht? Stort de boekenmarkt helemaal in als deze schermen wél beschikbaar zijn? Wie zegt zoiets en waar? En wordt daar dan naar geluisterd? Wie houdt ons het beslingsrecht daarover uit handen? Hoe vrij is die markt? Het verhaal van deze handige leesapparaten op pocketboekformaat neemt allengs de vorm aan van een X-file.

De prijzen blijven steken tegen het belachelijk hoge 400 dollar plafond, de dingen zijn voortdurend uitverkocht, en  in Europa al helemaal niet te krijgen ( waar heeft een lezer  met vertaalcapaciteit het meeste nut? niet in Amerika natuurlijk, ook niet in China, die dingen zijn ons Europeanen gewoon op het lijf geschreven…).

Welk, euh, ‘geavanceerd’ toestel ( e-ink bestaat al 5 jaar, in de huidige productiepraktijk is dat het soort  eeuwigheid waar enkel God nog van dromen kan) doet er nog langer dan twee maand over om ons massaal te bereiken? Welk soort gadget geraakt er in hemelsnaam ooit uitverkocht? Amazon zou geen simpel  marktonderzoekje meer kunnen betalen?

Het is ridicuul en hemeltergend want ondertussen lezen we alsmaar slechter omdat we voortdurend in die lichtbakken zitten te staren, gaat onze gezondheid er dankzij die slechte gewoontes zeker niet op vooruit en lopen we alle kansen mis op een culturele omslag ( ik mijd het woord revolutie) die het doldraaiende exploitatiecircus eindelijk kan loslaten, opdat het in het ijle zou uitwoekeren.

Waar zitten hier de cultuurministers met visie en durf? Als klein taalgebied hebben wij hier alles mee te winnen…

Categorieën
Lopende zaken opiniestukken

ts

De literaire tijdschriften klagen, bedelen, morren en krijgen er van langs dat het een lieve lust is.
Een probleem waar men alleszins mee zit is dat van een manier te vinden om langere stukken aan te bieden. Want daarvoor is het literaire tijdschrift echt nog wel de best denkbare publicatievorm.

Gedichtjes, en kort proza, prentjes, statistieken, schemaatjes en wetenschappelijke data, je kan het allemaal probleemloos kwijt op een blog, een e-journal of iets hybride  dat erg veel geld kost en subiet verouderd is.

Maar lange stukken tekst  zijn op internet ook heel erg problematisch.

Je krijgt die dingen immers nauwelijks gelezen van de schermen die we nu hebben.  Als ik  dingen schrijf  die langer zijn dan deze tekst, dan weet ik dat slechts een enkeling het helemaal gelezen krijgt. Maar een essayist heeft niet noodzakelijk die instelling dat het semi-publieke schrijven zelf als creatief denkproces voornaam genoeg is om het toch maar zo te doen. Die wil gewoon  zijn briljant en fijnzinnig essay in de best mogelijke omstandigheid gelezen hebben.

Je kan dat dan wel in een afdrukbaar formaat aanbieden, maar eigenlijk is dat een noodoplossing, want dan zadel je de gebruiker op met stapels onprettig  boomvernielsel vol vieze inktvlekken. Dat afdrukken is dan ook nog ’s zo duur dat je dat maar een paar keer thuis doet.  Dus vraag ik mij  toch af waarop iedereen zit te wachten om desnoods van overheidswege te beginnen met een massale verspreiding van apparaatjes op basis van e-inkt.

Met een beetje slimme aanpak zou dat toch een gigantische besparing kunnen zijn?  Beeld je in: al die boekentasjes eindelijk vederlicht, de rugjes terug recht & de oogjes wat minder op apegapen van het urenlange lichtbakstaren.

Daarop kon je toch wél comfortabel alles lezen? Of valt dat dan zo tegen – ik weet het niet want ik heb er nog geen kunnen bemachtigen…

& Die schijnmanoeuvres van Amazon met hun nauwelijks of niet te krijgen  en alleszins veel te dure  Kindle zijn daarbij toch hemeltergend? Dat kan toch bijna niks anders zijn dan een commerciële obstructie op planetaire schaal?

Mulder? Scully? Anyone?

Categorieën
Lopende zaken opiniestukken

hoe doods ook de druk

doods001 doods002

speciaal voor de twijfelaars enkele beelden uit mijn werkkamer,  een blik recht in het hart van mijn praktijk, de staande elementen aldaar in stand gehouden geheel zonder steun van de vlaamsche regering en met dank aan enkele kopers van aldaar gepleegde kliederingen:

denk op deze foto’s alle boeken weg & niets wat hier ooit verscheen had kunnen plaatsvinden.
(euh, eigenlijk had ik dus  een beetje commentaar verwacht op een bericht als dat hieronder)

doods003

Kinders toch! Vanwaar die haastige hang  naar het graf? Hoe denkt ge ooit in contact te komen met het vitale  leven van de letteren als ge de traumata van het gedrukte woord niet binnen handbereik hebt? Zijn alle bomen dan geheel vergeefs tot pap vermaald?  & Waarom meent gij tegenstellingen te kunnen/moeten poneren,  waar er slechts één streven kan zijn?

eli eli untsoweiter

Categorieën
Links - publicaties Lopende zaken opiniestukken

end of the world as we know it, part 8462

dbh101 Het nieuwe papieren nummer van DBH, nr 101, is uit en bevat een dossier over poëzie en internet. Daarin ook een gedichtje en een beschouwend stukje van uw dienaar.

De bijdragen komen druppelsgewijze ook online, zo verzekerd men mij.
Fijn want zo krijgt iedereen de kans om deze bijdragen te bediscussiëren. Dat kan nog interessant worden.

Op de Contrabas merkt Adriaan Krabbendam bij een eerste bericht al op dat er nergens in het dossier iets te lezen staat over het feit dat het internet zoals we dat nu kennen misschien maar een kort leven beschoren is. Da’s een interessante opmerking, ik dacht daar al meteen wat in de tekstgleufjes van Breukers en co te murwen, maar wederom lukte het mij niet, waarschijnlijk wegens aangeboden tekst voor dergelijke gleufjes van onaanvaardbare lengte.

Adriaan heeft  een punt. Het zou m.i. inderdaad nogal dwaas zijn om te veronderstellen dat de toestand die we nu kennen langer aanhoudt dan de vorige stadia. Een als dusdanig herkenbaar ‘stadium’ heeft op internet totnogtoe nooit langer dan twee jaar geduurd.

Des te meer is het nodig om de middelen die we nu veelal gratis ter beschikking hebben met beiden handen aan te grijpen en de aldus ontstane ruimte proberen te consolideren. Voor een eventuele consolidatie heeft iedereen iedereen nodig, want het, euh, grote publiek zal allicht andere zorgen hebben.

De meeste prognoses wijzen inderdaad op een toenemende commerciële druk, meer inmenging van controlerende instanties, minder vrijheid, meer opgedrongen eenvormigheid. Zonder maatregelen is de blogcultuur zoals we die nu kennen dan misschien ten dode opgeschreven, en dat kan heel snel gaan.

Dat soort doemscenario’s moge bekend klinken want het heeft het internet al begeleidt van bij den beginne. Met langs de andere kant transhumane gezangen om de nakende gelukzaligheid. De waarheid hangt daar echter niet tussenin opgespannen als een gulden middenweg, de waarheid is een barst die onbeheersbaar en uiterst grillig voortloopt door een veld van onvoorziene omstandigheden.

Onrustwekkend is het allemaal wel en een goeie scheut pessimisme kan nuttig zijn bij het aanbevelen van de maatregelen die zich nu opdringen, maar om zover te komen moet je eerst al een brede discussie daarover hebben.

Veel van wat aangekondigd wordt, heeft dan eerder iets van een toren van paal en touw op de rug van een molog die naar de afgrond stormt. Iets meer begrip van die molog zou misschien kunnen leiden naar beter doordachte maatregelen. En iets minder onderling gekrakeel kan ook wel, niet? Als iedereen het zo moeilijk heeft om tot beslissingen te komen, en als het enigszins kan, dan  mag het toch ook simpel, niet?

Bloemlezingen, bijvoorbeeld,  dienen om een literair veld te ontsluiten voor mensen die daar anders niet mee in contact zouden komen. Die bloemlezing van Van Bastelaere en co  is een goeie bloemlezing want ze doet wat ze middels haar verantwoording zegt dat ze gaat doen. Verder moet of kan je daar toch niet zitten over kibbelen? Dan zet je toch alleen maar in een kwaad daglicht wat je net wou gaan promoten?

(In de uitloop van dat gekibbel volgen er dan toch, uiteindelijk,  dwaze uitspraken. Zo vraag ik mij af wat je je moet voorstellen bij iets als een internetdichter. Een  soort robot met een diepe doorrookte stem die begint verzen te declameren uit de DBNL als je haar op internet aansluit? Een interactieve Wim Helzen opblaaspop die je cadeau krijgt bij je Telenet-aansluiting? Iets state-of-the-art dat Lernout & Hauspie nog in de pipeline zitten hadden?  Zou dat dan ook wireless werken? )

Verder  heeft het weinig zin om over de dreigende ondergang van een bestaande mogelijkheid te beginnen in wat mij bedoeld lijkt als een informatief dossier op een moment dat veel spelers in het literaire spel pas beginnen te beseffen wat er eigenlijk aan de hand is en welke opties er zijn.

Een beetje schrik dat mag nu stilaan wel, dat kon blijkbaar ook alleen op een moment dat men het echt begint te voelen. Maar aan een verlammende angst en de paniekmaatregelen die daar ongetwijfeld op volgen, hebben we ook niet veel.

Schrijfselhistoriek:

  • 4 januari, 2009 @ 21:53
  • 4 januari, 2009 @ 20:19
  • 4 januari 2009 @ 11:17
  • 3 januari, 2009 @ 23:25
  • 3 januari, 2009 @ 23:03
  • 3 januari, 2009 @ 23:00
  • 3 januari, 2009 @ 22:56
  • 3 januari, 2009 @ 22:54
Categorieën
Lopende zaken opiniestukken

Eindejaarswensen (1)

Elke week brengt de Crisis Group, een onafhankelijke groep van specialisten één of meerdere rapporten uit rond dreigende conflicten overal ter wereld. De adviezen die zij daaraan vastknopen zijn gefundeerd en bieden vaak een structurele oplossing aan waar sommige regeringsleiders liever aan voorbijgaan, ondermeer door slechte informatie of onder druk van de publieke opinie.

De publieke opinie dat bent u. De slechte informatie, daaraan kan je verhelpen, onder andere door de rapporten van de Crisis Group te lezen.

Combineer die twee gegevens en je hebt mijn eerste eindejaarswens: ik wens, vurig & met de moed der wanhoop, dat tenminste dat deel van onze media-  inzonderheid onze kranten – dat zichzelf serieus neemt, elke week deze rapporten zou ter harte nemen, dat zij deze zouden vertalen naar voor iedereen begrijpelijke commentaren zodat de publieke opinie er geen moeite mee zou hebben de beslissingen van onze regeringsleiders te volgen, voor zover zij die beslissingen kunnen beargumenteren met deze en/ of andere bronnen van informatie.

Slecht nieuws is slecht nieuws. Wat moet gebeuren, moet gebeuren.

Je maakt slecht nieuws  niet goed door het te verzwijgen, en zoals bij elke humanitaire crisis waarvan wij wél massaal weet hebben al meermaals gebleken is:  wij malen er niet om of relatief kleine offers te brengen als de noodzaak zich ergens aandient, wij vragen niet liever dan te kúnnen helpen. Maar we moeten het verdorie wel wéten.

Elk informatiekanaal dat dit soort kansen laat liggen om de bevolking in te lichten enkel en alleen om commerciële redenen ( ‘het oogt niet’ – ‘niemand wil dit horen’ – ‘de klant kiest een krant zonder dit erin’, dat soort flauwe kak) , maakt zich m.i. op gortige wijze medeschuldig aan het soort misdaden tegen de medemenselijkheid waar iedereen in diezelfde media zo rood van aanloopt. Plak er desnoods een pin-up van Pfeijffer langs maar druk het af.

Hieronder een stukje uit het zopas verschenen rapport omtrent de toestand in Somalië.

“One way or another, Somalia is likely to be dominated by Islamist forces”, argues Daniela Kroslak, Crisis Group’s Africa Program Deputy Director. “It makes sense, therefore, to offer the incentives of international recognition and extensive assistance in return for an agreement that is based on compromises by all major Somali actors and promotes the rights and well-being of all Somalis”.


Contacts: Jon Greenwald (Washington) +1 202 286 9695
Daniela Kroslak (Germany) +49 176 25 888 666
To contact Crisis Group media please click here
*Read the full Crisis Group report on our website: http://www.crisisgroup.org

The International Crisis Group (Crisis Group) is an independent, non-profit, non-governmental organisation covering some 60 crisis-affected countries and territories across four continents, working through field-based analysis and high-level advocacy to prevent and resolve deadly conflict.

Categorieën
Lopende zaken opiniestukken

Dijkbreuk

We zitten hier wel wat lager te priegelen, maar ik wou toch ook wel effie reageren op heel dat NRC gedoe naar aanleiding dus van dit artikel. De hoeveelheid nonsens die er middels de geschreven pers deze onderwereld bereikt, neemt ondertussen dermate grote proporties aan dat het ook voor mij niet meer te harden is. Breukers schrijft een open brief, dit is wat mij betreft een op openbarsten staande zweer, waar ik volgaarne het mes in plof.

~

Ik zat dus met toenemende hoofdpijn  wat te kribbelen in het reactieboxje op de Contrabas, maar dat werd al gauw te eng dus doe ik het hier maar verder.  Mijn vrouw en kinders zitten ondertussen beneden rond een inderhaast opgetrokken kerstinstallatie angstig te bidden dat het moge overgaan, dat er alsnog ruimte zal zijn voor een vredevolle stemming met Liefde voor de Medemens in Al Haar Gedaantes, Hoe Dom Ook .

Wat   Hanz Mirck daar suggereerde, daar haakte ik op in, aanvankelijk, om dan hopelijk naar de kern van de zaak af te dalen.

Het probleem zit ‘m m.i. immers niet bij literaire tijdschriften die niet op een serieuze manier aan literatuur willen doen, het is misschien eerder heel de literaire wereld die zich verder en verder in een inwaartse spiraal wegdraait van de werkelijkheid. Het niet willen zien van wat er op internet gebeurt, is daar maar een symptoom van, daar krijgen we nu (eindelijk) de eerste hulpmiddeltjes tegen. Maar aan een hoopgevende heroriëntering van de literaire praktijk zijn we nog lang niet toe.

Categorieën
Lopende zaken opiniestukken

Over de viscositeit van het rot

Viscositeit, dat wil zeggen, voor iemand die nog niet door heeft dat elke tekst in deze omgeving sowieso deel uitmaakt van een gigantisch complexe, interactieve toepassing waarbij je binnen de afstand van enkele klikbewegingen de betekenis van elk woord kan aflezen aan het verbale netwerk waarin dat woord is ingeweven, zo bijvoorbeeld , – viscositeit wil natuurlijk niks zeggen,  maar het woord is een synoniem voor stroperigheid ofte weerspannigheid van een vloeistof bij de beweging van een object door die vloeistof.

Het rot, dat is, bijvoorbeeld, de toestand ontstaan op, en helaas ook tot diep in,  het Vijvertje door het aanhoudende vallen van de bladeren onderaan de ranke boom der Nederlandsche Letteren. Het Vijvertje is de Staande Plas van diezelfde Letteren.

De viscositeit slaat dan op het feit dat daar op dit moment geen doorgeraken aan is. Je kan desgewenst met een goede, stevige stok de dikke laag drab effie opzij schuiven en een glimp opvangen van vlug wegschietende goudvissen in het troebele water daaronder, maar de drab is meteen weer daar. En dan die geur nog.

Het landschap van de Nederlandse letteren verschilt daar in niks van menig ander landschap van voorheen  bloeiende culturele activiteiten, die allen gekenmerkt waren door een semi-autonome werking die het eigen landschap op quasi-natuurlijke wijze kon bestendigen. Een beetje zoals een visbak met ramenkuisertjes.

Lees er anders ’s het essay van Eric Spinoy op na, een germanist die al sinds jaar en dag in Luik is ondergedoken en het verder ook allemaal niet weet. Vóór het zinnetje “Maar of dat ook zal gebeuren, dat weet ik niet”, vind je evenwel een meer dan aannemelijke analyse van de huidige Toestand.

Dat niet-weten is, overigens,  wat al die analyses van academische of anderssoortige komaf gemeen hebben, dat men namelijk wel heel goed weet hoe het niet moet, maar hoe het dan wel zou moeten daar heeft men, meestal na het wegslikken  van een resem omslachtige bewoordingen, het raden naar. Voor een academicus hoeft dat ook niet, het normatieve zou hem zelfs vreemd moeten zijn, maar zo’n diepgaande analyse schept hoe dan ook verwachtingen, zeker als die academicus dan ook nog ’s een voortreffelijk dichter blijkt te zijn. Soit.

Dirk van Weelden schrijft bijvoorbeeld ook een gigantisch schoon pleidooi voor de herwaardering van de Letteren qua letteren, maar als je wat nauwer toekijkt,  staat daar helemaal niks in van hoe je dat effectief zou kunnen dóen, in déze realiteit. Misschien wel in het pamflet zelf, maar wie geeft daar nou 10 euro aan, als je dan al ergens een ‘betere boekhandel’ vind die het liggen heeft, want tja,  waarom zou je informatie niet laten wegrotten op papier als die ook onmiddellijk beschikbaar kan worden gesteld zónder dat het een bo(o)m moet kosten?  De Letteren qua letteren, dat heeft toch niks te maken met deze banale, hedendaagse, foeilelijke technologisch geavanceerde maatschappij waarin de menschen werken, zweten en stinken  in Algehele Onwetendheid van het Sublieme?

Inderdaad: als je dan op zijn webstek klikt, dan zit je face to face met een weelderige olivetti. Dat kan tellen als fetisj, en ik vind die dingen ook prachtig,  maar het blijft wel gezellig nostalgisch rukken aan een ouwe lor.

Het antwoord op dat schijnbare dilemma, de vraag wat er ons te doen staat in een commerciële puinhoop als de onze,  is nochtans poepsimpel. Nee nee, hou die broek nu maar effie aan. Het antwoord is van dezelfde orde als het antwoord op het dilemma van de haas en de schildpad. Als je een antwoord wil op hoe het nu verder moet, moet je… verder gaan.

Oplossingen voor het ontwikkelen van een levensvatbare praktijk vind je namelijk enkel binnen een praktijk. Daar bestaan geen normatief bruikbare regels voor. Dat is een generatief proces dat je moet durven in gang zetten. Dat is waden tot je eigen massa voldoende is om het omringende mee te sleuren in een dynamiek van de oplossing.

Want ook de oplossing is niet een te bereiken Zijn, maar een te beleven Worden.

Categorieën
Grapes of Art Lopende zaken opiniestukken

Daring land Auction

Gisteravond is de expositie Daring land, een co-productie van Grapes of Art met La Maison du Peuple,  geopend. U kan er nog tot en met  18 oktober gaan kijken in het nieuwe pand van La Maison Du Peuple aan de Lakense straat nr 60 in hartje Brussel.

Naast een hoop uitermate sterke schilderijen van Ilse Derden kan u daar de foto’s van Arnaud Camerlinckx gaan bewonderen. Arnout, de man die zijn naam nooit tweemaal na elkaar hetzelfde schrijft, is een briljant fotograaf die met gedateerde analoge toestellen niet de sensatie of het exceptionele opzoekt, maar de wereld laat spreken vanuit zijn onmiddelijke omgeving.

Tijdens het Klebnikov Carnaval waren al een deel prints van zijn werk te bewonderen die vooral zijn familie en vriendenkring in beeld bracht. Deze tentoonstelling focust op foto’s genomen op café, meer in het bijzonder in café Daring man, gelegen op de Vlaamsesteenweg ook. Het blijkt dat er alomtrent sprake is van enige overlapping.

Over het werk van Derden ga ik het later uitgebreid hebben, maar op de expositie is  ook één werkje van mijzelf te zien, een uitvoering namelijk  van een Vlak van ‘Het Pad van de Wenende Nacht’

“Oneigenlijk Gebruik van het Wiel” wordt, zo hebben we gisteren beslist,  via La Maison du Peuple per opbod te koop gesteld. De inzetprijs is 150 euro, ons gegarandeerd door iemand van het bestuur van het Volkshuis. Tot het einde van de tentoonstelling kan u via mij of via La Maison du Peuple een bod doen op het werk.

Alles wat boven de 150 gaat, wordt onder ons fifty-fifty gesplit: de helft van uw centen ondersteunt de organisatie, de andere helft de exposant. Ter vergelijking: Damien  Hirst stopt gewoon alles in zijn zak op een procentje na voor het veilinghuis, en da’s louter Kunst, zo’n veilinghuis, terwijl die Damien Hirst gewoon zuivere commercie is, of was het dan toch omgekeerd.

Wij, wij zijn gewoon een stelletje door de perversies van  het Kapitaal uitgekotste creatievelingen die werken vanuit en in dienst van het volk.

Categorieën
Links - publicaties Lopende zaken opiniestukken

tekstkapitaalkrachtig zult gij de oudjes uit uw propaganda weren

Net vond ik dit in mijn mailbox:

Nieuwsbrief van Club Propaganda,
de site voor de liefhebber van Nederlandstalige literatuur

datum: 02-04-2008

Voor één keer wilde Club Propaganda uitzondering maken en senioren het middelpunt maken, maar dan alleen omdat ze het boekenweekthema vormden. CP-fotograaf Rogier Verkade ging de straat op en fotografeerde ouderen. Ook dook hij in zijn archief en trof daar foto’s aan van het boekenbal 1971.”

Euh. Huh?

Corrigeer mij ajb, want van de befaamde Noordse ironie heb ik helemaal geen kaas gegeten & vaak wéét ik gewoon niet meer of het nu komisch bedoeld was of net heel ernstig. Maar kan je dit anders lezen dan als “sjonge tja ze hebbe die oudjes nu toch wel niet verrekte het pokkethema gemaakt van die anders zo hippe in, uit, aan- & overschuivende boekenweek, iedereen weet toch dat je daarmee niet scoort, we waren er nu net van verlost, netjes gedumpt in het tehuis voor gvd meer dan de helft van onze erfenis, die klojo’s ook al tja ze zijn zélf allemaal bejaard wat wil je, nu kom doe vlug iets dat ze nog wat te kakken zet met een sausje nostalgie erop zodat we uit het bereik van de gehoorapparaten kunnen proesten tot we bloed hoesten. “?

De wat voor de wie van de Nederlandse wat?

Kieper toch nog wat coke op je barstende tanden, liefste jongens en meisjes, het valt er al zó door.

Categorieën
Grotext Links - publicaties Lopende zaken opiniestukken

Kink in de code-kabel

Deze blog ontdaan van betekenis (eindelijk!) (oef!)

Op http://www.crummy.com/software/ vind je bij het lijstje ‘Software Calculated to Drive You Mad‘ o.a. de hoogst vermakelijke “The Eater of Meaning (2003-present) – Destroys content without affecting form”, verantwoordelijk voor de verhaspeling die u hierboven ziet (klik op de afbeelding voor een volledige demonstratie).

Au fond kan je stellen dat het hier een soortgelijk procedé betreft als wat in de groteske video van de ‘Muliera Mystica’ gebeurd- zoals ik trachtte te verhelderen in de tekst erbij op GROTEXT, zie dit artikeltje, maar dan toegepast in het domein van het strikt talige: een tijdelijke opheffing van de vergroeide relatie van het tekensysteem met de betekenis.

Een kink in de code-kabel. Een interventie van het gevreesde nerdendom in de kabbelende wateren der redelijkheid.

Je krijgt dan, net als bij flarf, een verrassend geheel dat op één of andere onvatbare manier toch nog steek lijkt te houden, een ambigue non-ding tussen taal en loutere willekeur in, dat op haar beurt bevrijdend kan werken voor de creatieve geest.

Getuige bijvoorbeeld kesselpoet Angela Genusa’s samenwerkingsverband Nuzzled Sentence’ : een blog van prettig gestoorde auteurs waaronder uw verziekte dienaar, waar het gebruik van dergelijke programmatorische hulpmiddeltjes schering en inslag is.

Eén en ander vraagt, nee het schreeuwt om toepassingen bij ons, maar hier zitten we wegens het kleine taalgebied met de bijkomende moeilijkheid (naast het gebruikelijke gebibber ) dat alle lexicografische bronnen vooralsnog stevig achter het commerciële slot en grendel zitten. Engelstaligen hebben al massa’s kwalitatief hoogstaande alternatieven in het Publieke Domein, ik denk bv. aan Wordnet, van de pientere meisjes & jongens van Princeton .

In het Nederlands mag je nauwelijks wijzen naar een corpus of het vreet je vinger op uit hoofde van de commerciële belangen, iets wat moeilijk te rijmen valt met de lexicografische idealen van de 19de eeuwse initiatiefnemers, overigens.

Met de educatieve doelstellingen van de universiteiten ook al niet.

Waarmee eigenlijk wel?

Soit. Het is maar de vraag of er zonder overheidssteun ruimte is voor het openlijk ontwikkelen van vrije lexicografische bronnen. Misschien moeten we het ’s vragen, gewoon.

Van Dale, merci, het zijn schoon boekskens, maar wij willen onze taal terug.

Hm, iets zegt mij dat dit niet veel gaat uithalen.

———————————-

Nuzzled Sentence: http://nuzzledsentence.blogspot.com

Angela Genusa op PK-LP: http://www.vilt.net/kessello/?cat=23

Categorieën
Lopende zaken opiniestukken

Bomblogging – Game Over voor Nato?

  • “Van oudsher zijn verhalen het geheugen van de mensheid. Door de Ilias en de Odyssee zijn we één van de oudste oorlogen uit onze beschaving nooit vergeten. Hoewel die oorlog tot de Europese geschiedenis behoort, greep hij vooral plaats buiten ons continent. Ook dat zijn we niet vergeten.
    Vandaag is de situatie niet anders: Europa voert nog altijd oorlog, vooral buiten Europa.
    Met de list van het Trojaanse Paard slaagden de Grieken erin om Troje te veroveren. Ons Trojaanse Paard heet Massavernietigingswapen en Terreurbestrijding. Onder de dekmantel van deze begrippen wordt al meer dan vijf jaar oorlog gevoerd in Afghanistan en Irak, wordt Iran in het vizier gehouden en wordt Pakistan bij een twijfelachtig lot betrokken. De schaking van Helena uit Sparta was het begin van een waanzinnige oorlog. De val van de Twin Towers in New York werd voor de Verenigde Staten het sein om wereldwijd militair te interveniëren. En Europa dreigt door haar machtige Bondgenoot te worden meegesleept in dat opzet. Die waanzin moet stoppen.”

    Lees de tekst, die ik mee ondertekende, verder online hier
    of in de opiniepagina’s van De Standaard vandaag

  • Gerelateerd daaraan, tot in het familiale:
    het ‘Bericht aan de Bevolking’ voor de Irak-wake van Het Beschrijf
    morgen van Herlinda Vekemans op haar weblog

Bomblogging is een initiatief van Didi de Paris en enkele andere Leuvense bloggers, zie http://wikihost.org/wikis/bomblogging/wiki/start 

Categorieën
opiniestukken

Digital Artist Handbook

Op http://www.digitalartistshandbook.org vind je vanaf heden het Digital Artist Handbook van folly, een Britse organisatie die ijvert voor het gebruik em de verspreiding Open Source Software.

Het Handbook biedt een overzicht van de voornaamste terreinen van wat Digitale Kunst zou kunnen zijn. Enfin, het geeft een vrij compleet overzicht van wat er aan Free en Open Source Soft te vinden is voor mediaproductie en geeft bij elk onderdeel van de logisch opgebouwde indeling een soliede inleiding van een kenner ter zake. Een prachtig initiatief dat bovendien – zo belooft men – nog verder zal worden aangevuld en actueel gehouden.

We stellen ons toch wat vragen bij de presentatie van al dat mooie werk. Tja, het zeuren zal mij aangeboren zijn, vrees ik.

16.jpg

dv, zelfportret in 1,6 seconden, gemaakt op basis van een videocap met Processing

Bij een Open Source initiatief als dit zou je dergelijke content eerder in een wiki verwachten met een vertaaloptie erbij, zodat wat er gaandeweg verschijnt meteen ook vertaald kan worden door de gebruikers. We noteren echter dat er bij geredigeerde vrije content over Open Source het plafond van de ‘Openheid’ toch lijkt op te doemen. Je zou eerder verwachten dat de status van ‘kennerschap’ in deze context enkel door de tentoongespreide kennis zou dienen behouden te blijven, maar er bestaat toch reserve om deze aangeslepen auteursinhoud zomaar ‘te grabbel te gooien’. We morren maar wat.

Verder staan er hopen nuttige links, en de links gaan echt wel naar de adressen/bestanden die je moet hebben om ergens mee op weg te raken, maar alles is helaas verpakt in zo’n archaïsch ogend betoog, en de links zitten godbetert in de noten onderaan verstopt, zodat je telkens een stukje betoog zou moeten lezen, vervolgens de links checken en dan weer verder doen alsof je echt een boek vast hebt.

Gebruiksgemak, daar schort het ‘m behoorlijk & dat lijkt mij voor dit lovenswaardige opzet toch cruciaal, zeker als je dan de vele bestaande vooroordelen daarrond i.v.m Open Soft wil helpen afbouwen. Bv.:

  • De leesbaarheid van de fijne zwarte lettertjes op grijze achtergrond laat te wensen over, zodat ik al vlug overschakelde op de print-vriendelijke versie waar die nodeloze designfoefjes de leespret niet kunnen bederven.
  • In plaats van de o zo mooi gladde ‘bladspiegel’ zou een functionele schermopbouw veel euvels kunnen verhelpen. Een lijstje rechts met de links gegroepeerd alleen al zou wonderen doen.
  • Wat minder essay, een directer taalgebruik zou wellicht de auteurs een ietsje slechter profileren als de Ware Kenners, maar de hoogstaande kennis beter doorgeven kunnen aan aspirant-auteurs.

Voor het overige kunnen we ieder die twijfelt of ie zonder duizenden euro’s neer te tellen om bv al die aanmodderende rotzooi van Adobe te kopen, wel nog iets ‘deftigs’ kan maken dit Handbook als initiële of bijkomende gids hartelijk aanbevelen.