het moment (68)

het vervloekte vervloekt de herinnering. valse mal voor het verleden, leugenachtig kader dat niet weg wil gaan voor alles weer is herbeleefd, tot grotere leugens herschreven. het vertalen vertelt, het gebeurde verrot. de kern van alle materie is een verraad aan de ontbinding, ontkenning van het zelf, verloochening van de haat, zelfhaat. elke werkelijkheid is een echtheidsobstakel: een foto die de feiten tegenspreekt. de wind in heur haren, het fijne streepje regen op haar blouse. het neemt twee slokken.

onmogelijke dagbeklemming, oesternachtomarming van de parel van het niets. niets is nooit: niet iets. niets is: wanneer er niets gebeurt. o, de gedachte zelf doet al zo’n deugd, dus schiet maar, gij moederschim der zombiestaat, jaag de kogel door de slappe kop van wat geen ik meer is. slok.

genade wil het niet. maar doe het kort, meedogenloos. de brokkenpijn die het nu verduren moet is harder dan marmer, daar zit geen venus of geen david in. geen staal kan erger zijn; en de hoop is uitgekauwde kauwgom, louter kaakvermoeienis. slok.

gevleugeld licht schiet door ’t gedroomde kogelgat, gedragen door sonore stroom van duisternis. daar waar zij zijn is alles zonneklaar. daar is geen sprake van verdoemenis of hel, enkel liefde die de liefde liefde geeft en godverdomme weeral die herinnering.

invoertekst (2016)


over ‘HET MOMENT

deze tekst is uitvoer van het programma ‘HET MOMENT‘.

‘HET MOMENT’ vervolgt ‘LAIS’, een dizain-programma met de Délie van Maurice Scève als voorname invoer, met haar prequel ‘HET’.
samen vormt het drieluik van programma’s een lyrische fictionaliseringscluster, een literair verwordingsproces met een dunne semi-autobiografische verhaallijn en uitgewerkt met virale tekstuele en grafische invoer. een proces dat zichzelf ook recursief gaat herprogrammeren. de auteur is hierbij louter katalysator van de zelfontbranding, asse bij het klare klontje suiker.

de auteursfunctie staat een systematische ver-het-ting van het ‘ik’, van het zelf toe als literaire functie binnen het schrijfproces: het ik wordt een het middels herhaalde doodsbewegingen, afstervingen, verzwijgingen, volgehouden leugens en autodestructieve verheerlijkingen van een onbereikbare geliefde, de fictie van een ander. want elk zijn van het ik verhindert dat het kan gebeuren.

deze weg naar het het-moment, de verwording tot een onzijdige agens wordt ook ideologisch onderschreven vanuit de Neo-Kathedraalse dogmatiek als enig mogelijke sanering van de fallocentrische ‘traditie’ van de literatuur.
de literatuur kan enkel voortbestaan als permanente zelf-moord, transgressie van de ik-cultuur, de opengesperde en gespalkte vreetmuil van het zwarte beest van de consumptiemaatschappij.

de literatuur wordt als non-literatuur de eindoplossing voor uw consumptiestress. deze gedroomde oplossing, evenwel, begint als een walgelijk efficiënte nachtmerrie.

de invoer van ‘HET MOMENT’-programma is een genummerde serie teksten getiteld ‘moment‘ van 2015-2016 die nu door de methodes van het Gedicht van de Dag-programma wordt herwerkt.