Categorieën
gedicht van de dag Grafiek lyriek woordenpers

Weefsel

Het land schiet zwetend wakker, een heuvel botst de hemel op,
de zon ontsteekt de bomen. De aarden mond hoest roest en zuigt
de trein langs rot van storten. Een brakke poel bekt krap naast mij
voorbij het raam en klapwind wervelt over rommelige terreinen.

Ik zie de zon in slierten wolk verschalen, gelig licht
dat dorpen aan de hemel met haar strepen bindt. Schimmen
van een god vervloeken wat hun Niets in licht vermaakte.
Mensen krassen namen in en woorden uit de mensenogen.

Woekeringen van de dood die in het weefsel zijn gekropen,
gelastten dat het traject van a naar b zou lopen: onwil en
berekening heeft die bedding door het gruis voorzien.

Jouw lichaam ook verwordt tot teken op dit klef en morsig lint:
ik haal jouw zachte kraken nog door einderlijnen, de tederheid.
Weg. Ik sluit jouw rillen af voordat herinnering haar put begint.

 

weefsel
dv2017 – “weefsel” – ink, water color & pencil – A4

Geef een reactie