Categorieën
lyriek MOMENT

moment 128

cb79(voor cb)

pits, steek, krab, vermorzel haar. slinger haar
het raam uit. krets de letters van haar naam
het boek uit, weg uit deze tijd. de stop eruit:
afgang brbrbrbr bl bl bleuh in zigzagzig &

bloep valt dan het uitgepoepte muzeprojectiel,
plasje klodderbloed ketchupflatsj op de stoep
is ’t schorriemorrie kinderwijf. geen botten, vel
of haar blijft over! die feeks zat begot te dabben

in ’t geniep naar al dat duur geheim gerief. haar
lippen & haar oren had ze aan het bed geplakt. rode
plakken siliconen overal met knetterdraden aan.
weg ermee, alles naar beneden dat niemand iets nog

ziet van haar. goed ja. jij bent gered, bewaard in oorden
aan de buitenkant van dit hier waar de woorden woelen.
bij alles wat ik zeg ontsta jij daar in ’t niets, ver weg.

Geef een reactie