Categorieën
lyriek

moment (109)

cbdv170(voor cb)

jouw leven is het mijne niet. mijn zon
is de jouwe, maan & muggen delen we ook.
er is in mijn hand een kramp die mij verkrampt
hand in hand zoals we waren, geklamp

aan elkander, verstrengeling van aan dood
gewaagde lijven. waar ben je? leef je nog?
ik ruik je adem nog, hoor jouw gesnurk.
mijn paradijs is van haar engel ontdaan.

ken je petrarca? Ite, rime dolenti al duro sasso.
ik volg je met de gulheid van je gaven, altijd.
mijn tuin is bezet met afdruk van je voetjes.
ik zie de lijnen die je maakte als muziek.

bloemen zijn er waar je was, vergaan.
vlinders die de streling maken die je deed.
zucht van jou, briesje om het naakte dat ik ben.

 

Geef een reactie