Categorieën
lyriek

moment (60)

cbdv129(voor cb)

het druilt, & druipt, het hemels water loopt
de heuvels af alsof het een verschoning is.
de zon nochtans was oogverblindend, het licht
verscheen als schijn in de vorm van het bestaan.

de zwarte kraaien huiverden met mij, op
zoek naar wormen in het gras. ik hoor
muziek in hun gekras. het verlangen is
is verlangen naar een iets dat er niet is.

ik tel mijn vingers af. op zoek naar goud.
nergens ga ik ooit iets vinden, jong of oud.
wij zijn vervloekt met eenzaamheid geboren
& het einde neemt de vorm van einde aan.

alleen jij blijft in mij bestaan als zekerheid
jij spreekt de woorden uit die ik niet uiten kan.
een totale ommekeer, verstrikt in het verhaal

Geef een reactie