Categorieën
lyriek

moment (59)

cdbv126(voor cb)

gans de aarde treurt omdat de mens
een monster is in menselijke gedaante
hun woorden spreken woorden uit
waarvan niets ooit ergens echt gebeurt

hun daden zijn verschrikking, achteloos.
de regen weent, de wolken waaien ons
orkanen toe, wij nemen niets daarvan
echt ernstig, verliezen tijd in gepalaver.

de vogels zien de moorden die wij doen,
de kunst rondom is enkel amusement,
de doden tellen de doden op als  quiz,
de bomen buigen ons erbarmelijk toe.

enkel in de diepte van jouw bruine ogen
herken ik nog waarom ik geboren ben.
geen hoop, maar zekerheid: dit alles kan.

Geef een reactie